Channels

8 Reacties

Hoi Leon,
leuk artikel, je zit nog steeds bij CMG (…), zie ik. Voor je al te heftige conclusies trekt, heb ik nog een vermoeden en een vraag. Veel startende ondernemingen gaan in de eerste jaren ten onder, dat schrijf je ook in je artikel. En bijna alle startende ondernemingen zijn klein. Die falende starters vervuilen (vermoeden) de statistieken van kleine ondernemingen misschien wel. Als je alleen kijkt naar grote/kleine bedrijven die minstens vijf jaar oud zijn, wat zijn dan de percentages (vraag)? Pas als die ook slecht uitpakken voor kleine organisaties mag je Semler de maat nemen, lijkt mij. Ik ben benieuwd of je die cijfers ook kan achterhalen. En ik ben hoe dan ook benieuwd naar je vervolgartikel.

Groet, Bart

Wow! Mooie, stevig onderbouwde analyse. Ik zie uit naar deel 2!

Ben daarbij ook nog wel benieuwd naar een nuance die kan worden gemaakt t.a.v. ‘make or buy’, ofwel; wat is er te zeggen over organisaties die een deel van hun primaire proces inkopen/uitbesteden? Deze factor maakt immers dat menige organisatie groter is dan zij op het eerste gezicht lijkt te zijn.

Goed artikel. Ik sluit me aan bij het vermoeden en de vraag van Bart Stofberg.

Bart, Roland, Erik,

Dank voor jullie reactie.

@Bart, Roland,

Ik had hetzelfde vermoeden m.b.t. ‘vervuiling’ en ook dezelfde vraag als jullie. Ik heb hier tijdens de analyse en het schrijven van het artikel verder onderzoek naar gedaan en controles op uitgevoerd. Mijn (en jullie) vermoeden werd/wordt niet bevestigd door de cijfers. Een belangrijk getal dat hierop duidt is de gemiddelde leeftijd bij faillissementen van de eerste 2 categorieën van tabel 2. Deze gemiddelde leeftijd zou anders (veel) lager moeten zijn dan 9 en 11 jaren.

Als de voorgestelde analyse van Bart wordt uitgevoerd over het jaar 2015 (branchegemiddeldes met een gemiddeld faillissement > 5 jaren) dan komt van het totaal aantal faillissementen in dat jaar ongeveer 75% voor rekening van kleine bedrijven (1 – 5 medewerkers) en 25% voor de ‘grotere’ bedrijven (> 5 medewerkers).

Vriendelijke groet,
Leon

Beste Leo

Een manier om de stelling van Semler enigszins te redden is de observatie dat sommige bedrijven hun veerkracht vergroten door te ‘vernetwerken. Ze huldigen de formule ‘klein binnen groot’ door een opbouw in relatief kleine (business)-units met een eigen resultaatverantwoordelijkheid. Ook breidt men de eigen netwerkorganisatie uit door intensieve samenwerkings-relaties met andere organisaties. VDL is een fraai voorbeeld van zo’n netwerk inclusief de door jou als succesfactor aangehaalde diversificatie.

Schaalvergroting door ‘vernetwerking’ zou wel eens veel robuuster kunnen zijn dan schaalvergroting door te fuseren. Eenheden behouden hun eigen identiteit. De kans op een gevecht om de macht neemt af. De mogelijkheden om nieuwe combinaties aan te gaan nemen toe. Ondernemerschap wordt gestimuleerd. Vindt men de samenwerking niet lonend dan koppelt men af.

De mate waarin ‘klein binnen groot’ en ‘vernetwerking’ spelen, lijkt mij lastig vast te stellen. Ik heb er zelf naar gezocht en kwam niet ver. Uit eigen ervaring heb ik wel de indruk dat steeds meer bedrijven hiertoe overgaan. Ik zie het sowieso als een belangrijke ontwikkeling die al enige generaties aan de gang is. Coöperaties, bepaalde franchise-formules en sommige recente voorbeelden van ‘nieuw organiseren’ getuigen daarvan.

Ik ben benieuwd naar jouw bevindingen in het vervolgartikel.

Interessante materie, maar de keuze van het onderwerp komt er m.i. nog niet goed uit.
Waar gaat het artikel over: over het % starters dat ten onder gaat (dat is inderdaad van alle tijden) OF over grote bedrijven die wendbaarder blijken dan Semler voorspelt. De titel geeft het laatste aan, de inhoud gaat over starters.
Boeiend zou zijn: wat is er met de 25 of 100 Nederlandse of internationale bedrijven gebeurd die 10 of 20 jaar geleden de grootste waren. Of, hoe kan het dat tegen de verwachting in, een aantal bedrijven die 20 jaar geleden nog niet bestond, nu de grootste bedrijven van de wereld zijn (Amazon, Ali Baba, Alphabet, enz. )
groet

Vanuit een ontwikkelingsperspectief en een biografisch perspectief is mogelijk de vraag: hoe wordt een bedrijf/organisatie gezond oud? Wat zijn de overlevingskansen van jonge en van oude ‘olifanten’. Kunnen oudere bestaande organisaties verjongen, de dood uitstellen?
Mij lijkt wendbaarheid een element van overleven en zich ontwikkelen. De Geus wijst bijvoorbeeld op de continuïteit van de gemeenschap en de kracht/intelligentie op tijd de bakens te verzetten. Opvolging van leiderschap is ook zo’n element. Het is zo complex als waarom de ene mens honderd wordt en de ander als baby sterft, lijkt me. groet adriaan

Een complicerende factor die ik nog niet zag genoemd: Ook grote bedrijven reorganiseren zich richting meer zelfsturing en worden dus minder star en veel meer Agile dan voorheen. Een voorbeeld is ING in onderstaand artikel
https://www.procesverbeteren.nl/Agile/Kennisfestival_ING_Frion_Provincie.php

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

x

Inloggen op ManagementSite.nl

Wachtwoord vergeten?

Heeft u nog geen account?

Word gratis lid
x

Inloggen

of