De maakindustrie afgeschreven? Kletskoek!

Cover stories · Interviews

Een organisatie die veel aandacht verdient is de VDL Groep, succesvol in de maakindustrie. Een internationaal familiebedrijf met een grote diversiteit in technieken, producten en markten. In de ruime ontvangsthal zie je de voorbeelden van wat er bij VDL wordt geproduceerd. Zeer opvallend want een groot deel van de maakindustrie in NL heeft er de afgelopen decennia de brui aan gegeven. Fokker, Van Leer, Atag, veel onderdelen van Philips en tientallen andere bedrijven werden overgenomen of hielden ermee op. “Schaalvergroting, offshoring en de onmacht om het op te nemen tegen goedkopere mondiale producenten maken dit noodzakelijk” was de redenering. Ondertussen bleef VDL groeien. VDL houdt de productie in de buurt, overwegend in Nederland en Vlaams België.“De taal maakt de communicatie veel s...

Erik Reijnders
Lid sinds 2019
Mooi artikel! Succesverhaal met heldere aangrijpingspunten hoe de complexiteit te reduceren en eenvoudig te organiseren. Was het maar overal zo.
We moeten echter vooral bedenken dat dit het verhaal voor de bühne is. De successtory van de gevierde topman. Zeker, iedere CEO zal met trots over zijn/haar company spreken in interviews. Tegelijkertijd vraag ik me af of dit het hele verhaal is. Wat gebeurt er achter de coulissen? Wat is er (om in de woorden van Van 't Hek en Van Os te spreken) in het Ondertussen aan de hand? Bijvoorbeeld als de heer Van der Leegte de zeepkist weer heeft verlaten? Wat zijn de gesprekken op de toiletten en in de wandelgangen? Wat vinden mensen er nou écht van? Waar zit de organisatierot? Ga eens op zoek naar de rijke verhalen van gebutste medewerkers (die zijn er vast). Daarover lees ik helaas nog niets. Kan best zijn dat ze even positief zijn als hun baas. Maar ik word wat wantrouwend van deze eenzijdige holadijee-verhalen....
Ad Tempelaars
Fantastisch, dat we in Nederland zulke ondernemers en bedrijven hebben. Dit moeten we koesteren.
Door de omvang van het totale bedrijf met de 80 ondernemingen beschikt VDL juist vanuit haar visie over een geweldig ontwikkelingspotentieel. Kracht door samenwerking is het devies.

Maar eigenlijk is dit tevens een advies aan zelfstandige bedrijven, die kleiner zijn. Zoek collega-bedrijven om samen op pad te gaan naar doorontwikkeling. VDL heeft geen advieskosten door haar eigen hoofdkantoor.
Door als zelfstandige bedrijven met elkaar op te trekken in de ontwikkeling van de organisaties kun je samen een adviseur bekostigen die de bedrijven begeleid in het ontwikkelproces. Samen doen wat VDL ook doet.
Denk hierbij aan samen trainingen en opleidingen verzorgen. Bij elkaar gaan auditen, vreemde ogen zien meer. Samen een programma uitvoeren voor het ontwikkelen van de strategie. Maar bovenal leren van elkaar.

Kracht door samenwerking
NumoQuest®
Heerlijk artikel. Daar kan iedereen in zakelijk Nederland gewoon een voorbeeld aan nemen. In plaats van de hausse aan hypes, politieke correctheid, halve waarheden en pretentieus geneuzel werkt eenvoudig en recht toe recht aan, gewoon nog steeds het sterkst.

Een artikel dat staat als een huis.

Dank heer van der Leegte.
Ir. Jan G.M. van der Zanden
Lid sinds 2019
@Ben en Erik: Er wordt door vele bedrijfskundigen m.i. veel te ingewikkeld gedaan. Gewoon je boerenverstand gebruiken, scherp op kosten/opbrengsten letten en meegaan met je tijd (dat is wat vdL zegt) dat is toch waar het in essentie om draait. Ik deel zijn ervaringen. Doe maar gewoon.

@Willem en Carel: Waarom vdL het wel in Nederland volhoudt, en vele anderen niet, dat wordt in dit artikel (helaas) niet vermeld. Ik vermoed dat dit niet alleen een kwestie van nuchtere en kritische bedrijfsvoering is, maar ook te maken heeft met hun relatief complexe producten, die vrij moeilijk te offshoren zijn omdat ze ook complex te integreren zijn in de eindproducten.

Want wees nou eerlijk: als flexibiliteit geen hoge eis is, het product niet al te complex is of als het een "stand alone product" is, en het volume groot (en dat geldt voor vele moderne producten), dan kun je gewoon niet concurreren tegen landen waar het uurloon nog geen 10% is van een Europees minimum uurloon. Niet voor niets hevelen vele westerse bedrijven hun productielocaties over naar het (Verre) Oosten; en bij de meesten is dat succesvol. Slechts 10% (recent onderzoek) keert na verloop van een aantal jaren terug; 90% blijft dus. Dat zegt genoeg.

Standaard maakindustrie is in West Europa, helaas, niet meer te handhaven. Onze economische structuur en productiviteit moet op nieuwe principes gebaseerd worden, of we zullen drastisch in welvaar achteruit gaan. Dit is m.i. een kernprobleem/-uitdaging voor West-Europa de komende 20 jaar.
Lid sinds 2020
@Jan,
Inderdaad, als een ander het ook kan, kan die het goedkoper. Daarom is de kern van het verhaal: maak die producten, die veel toegevoegde kennis en waarde hebben. Richt je daar op met je R&D en laat de rest (b.v. assemblage van standaardproducten) aan anderen (of andere regio's). Zie ook DSM.
Daarmee behoud je juist werkgelegenheid. Te lang inzetten op het oude paard leidt tot drama's als de harde sanering in de textiel en grote scheepsbouw in de jaren 70.
Nog een feit: sinds Philips klein is geworden in de regio Eindhoven, hebben kleinere bedrijven het overgenomen en is de werkgelegenheid in de techniek in de region niet afgenomen maar gegroeid!
Kies de winnende strategie en doe dat dan no-nonsense, dat is mijns inziens het verhaal van VDL.
Willem Mastenbroek
Auteur
Beste Erik. Je opmerking over ‘verhaal voor de bühne’ vind ik jammer. Zo kan je iedereen die vertelt of schrijft over zijn ervaringen voor de voeten lopen. Dit bedrijf schept een boel werkgelegenheid, is innovatief, sluit een mooie deal met BMW. Niks ‘voor de bühne’. Feiten waar we iets van kunnen leren en jij wijdt het grootste deel van je reactie aan speculaties over wat er misschien toch mis gaat. Ik erger mij daaraan.
Lex van Haarlem
Oké Willem, ik begrijp dat jij je ergert aan de speculaties van Erik over wat er misschien toch mis gaat en dat jij liever wilt leren van een voorbeeld als dat van VDL.

Maar eerlijk gezegd, vraag ik mij - met sommige kritische medelezers - wel af wat we anno-nu nog kunnen leren van dit no-nonsense-verhaal 'door en over' VDL, wat we niet al weten? Zoals focus op het primaire proces, houdt de organisatie plat, wees transparant en begrijpelijk voor iedereen, blijf hameren op het belang van geld verdienen en kostenbewustzijn, doe iets waar jij goed in bent en anderen niet, adviseurs doen we niet aan, etc.

Zou het echt zo simpel zijn? Of spelen er andere minder voor de handliggende en/of misschien minder in het oog springende of zelfs voor management- en organisatiedeskundigen moeilijk waarneembare ('verborgen') zaken een rol van betekenis, waar je ook de aandacht op kunt richten?
Willem Mastenbroek
Auteur
Beste Ben. Ik citeer met instemming de reactie van Jan: “Er wordt door vele bedrijfskundigen m.i. veel te ingewikkeld gedaan. Gewoon je boerenverstand gebruiken, scherp op kosten/opbrengsten letten en meegaan met je tijd (dat is wat vdL zegt) dat is toch waar het in essentie om draait. Ik deel zijn ervaringen. Doe maar gewoon.”

Beste Jan. Je schrijft "Waarom vdL het wel in Nederland volhoudt, en vele anderen niet, dat wordt in dit artikel (helaas) niet vermeld." Zelf zoek je het in de aard van hun produkten. Goed punt! Niels en Ad geven ook een indicatie. Ik denk zelf dat het VDL-succes ook te maken heeft met kenmerken als: een organisatieopbouw van ‘klein binnen groot’ met nauwelijks staf in een klein hoofdkantoor. Goede onderlinge communicatie en samenwerking, horizontaal en verticaal. Elk onderdeel transparant in resultaat en orderportefeuille. Blijven verbeteren en innoveren. En bovenal een managementlaag die dicht bij de werkvloer functioneert.

Kenmerken die we ook vinden in andere succesvolle organisaties onder de noemers Nieuw Organiseren, Innovatief Organiseren en ‘Sturen op Verantwoordelijkheid. Dat deze kenmerken in al hun eenvoud soms nauwelijks als bijzonder opvallen is jammer. Ik denk dat dit komt door iets wat jij ook al aanstipt: ‘Ingewikkeld’ maakt meer indruk dan ‘eenvoudig’. Een rampzalige gedachtegang! Vandaar de opluchting in menige reactie: ‘Heerlijk, no-nonsense. Doe maar gewoon. Geen pretentieus geneuzel’.

Lex vermoedt dat deze kenmerken al bekend zijn. Dat vraag ik mij af. Ze worden door hypes en ingewikkelde prietpraat nog aan alle kanten overspoeld.

Als ze wel bekend zijn en ik hoop dat van harte, dan is de hamvraag: Waarom zijn deze kenmerken zo schaars in de meeste grote organisaties? Of anders geformuleerd waarom leren deze organisaties hier niet razendsnel van? Volgens mij hadden we een groot deel van onze maakindustrie kunnen behouden als men deze kenmerken had omarmd.
Erik Reijnders
Lid sinds 2019
Beste Willem, Als je je ergert aan mijn reactie (de bühne), wíl je dan eigenlijk wel een (kritische) reactie of wil je alleen positieve en instemmende?
Nogmaals jullie hebben een goed en leerzaam verhaal geschreven waar de leerpunten beslist uit te halen zijn. We kunnen leren van deze case maar er mag zeker ook ruimte zijn voor discussie over (en omissies in) de geplaatste artikelen. Ik vind het zelf in elk geval leuk en leerzaam als mensen (kritisch) reageren op mijn artikelen (ook op deze site). Het kan altijd anders en beter.
Met een eventueel vervolgartikel hoe mensen elders in de VdL organisatie tegen hun organisatie aankijken en waar ze tegenaan lopen, ontstaat mijns inziens een rijker beeld van de organisatierealiteit.
Lex van Haarlem
De door Willem genoemde kenmerken (doe gewoon, weet waar je voor staat, etc.) zijn algemeen bekend. Dat is heus geen vermoeden. Waarom zien we het dan zo weinig, vraagt Willem terecht. En preciezer: waarom leren organisaties niet razendsnel van goede voorbeelden waar we deze kenmerken steeds weer zien?

De kern van dit probleem lijkt mij dat mensen om gewoon te doen, niet zozeer iets moeten aanleren, maar iets moeten afleren.
Als we - om er een naam aan te geven - afspreken dat 'interessant-doen' tegenover 'gewoon-doen' staat, dan wordt direct duidelijk dat 'interessant-doenerij' de essentie is van wat mensen moeten afleren, die weer gewoon willen gaan doen.

In de ogen van vooral succesvolle 'interessant-doeners' is dit echter een onaantrekkelijke keuze. Het is namelijk ook algemeen bekend en heus geen vermoeden, dat een 'interessant-doener' naarmate deze in zijn omgeving interessanter gevonden wordt, een groter risico loopt om in een persoonlijke crisis te komen, als hij ophoudt met 'interessant-doen' en weer gewoon probeert te doen ('die is de weg kwijt', heet het dan; dus: gevaar voor status-verlies, positieverlies, inkomensverlies, etc.).

De grap hierbij is dat tegen zo'n 'be-(terug)keerling naar het gewone' juist door zijn directe omgeving gemakkelijk geroepen wordt: "doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg"!

PS
Bovenstaande grap is niet leuk bedoeld. Geloof me, ik had graag gezien dat we in de afgelopen decennia met minder 'interessant-doenerij' meer delen van onze maakindustrie hadden behouden .

Meer over Innovatief organiseren