Channels

De eindronde van het wereldkampioenschap voetbal in Zuid-Afrika is aanstaande. Zo ook de hieraan gekoppelde Oranjegekte die begint los te barsten. Nederland staat een maand in het teken van het voetbal, of u het nu wilt of niet. Deze grootste volkssport ter wereld wordt echter zelden tot nooit onderworpen aan een kritische managementblik. Het enthousiasme over het spel en de hoop op mooie prestaties vertroebelt al snel de blik van fan en direct betrokkenen. En als het dan misgaat, komt menigeen niet verder dan ‘ach, het is maar een spelletje’. Vreemd als je bedenkt dat de topvoetballers de best betaalde professionals van Nederland zijn. Tijd dus om het Nederlands elftal langs een kritische managementmeetlat te leggen.

Nét niet

Het Nederlands elftal wordt vaak genoemd als een van de favorieten voor de titel, maar het team is niet echt in staat gebleken de laatste stap te zetten. Ondanks ijzersterke prestaties tegen sterke landen en na geweldig spel, is het team nooit wereldkampioen geworden. Oranje is ‘wereldkampioen nét niet’. Daar zijn tal van redenen voor te bedenken: arrogantie en gebrek aan discipline (1974); het ontbreken van de topspelers (1978); ruzie in de tent (1990); pech en weglopen Gullit (1994); slechte strafschoppen (1998) en zwakke coaching en ongedisciplineerde spelers (2006).

Vele vragen

Hoe kan Oranje dan wél kampioen worden? Om een antwoord te kunnen vinden op de vele vragen die het Nederlands elftal omringen is onderzoek gedaan naar het functioneren van het team en de begeleiding, waarbij de volgende onderwerpen de revue zijn gepasseerd: missie, strategie, tactiek, cultuur, concurrentieanalyse, leiderschap, teamrollen, performance management en kritieke succesfactoren. Ook onderwerpen als bijv. innovatiegerichtheid, veranderbereidheid en emotiemanagement zijn in het bredere onderzoek meegenomen, waarvan de weerslag is terug te vinden in ‘Oranje wereldkampioen, managementlessen om te winnen’. In dit artikel is een selectie opgenomen van enkele relevante en herkenbare verbeterpunten, gebaseerd op voetbalhistorische inzichten, statistieken, interviews en een selectie uit de managementliteratuur.

Missie

Vraag een willekeurige Braziliaan, Italiaan of Duitser wat de missie voor het nationale team bij een wereldkampioenschap is en het antwoord luidt zonder enige twijfel: kampioen worden. Korter en mooier kan een missie niet vertaald worden. Zoals Willem Mastenbroek in zijn artikel ‘Kernwaarden, humbug of houvast’ aangaf, is het uitgaan van het einddoel een uiterst krachtige manier om het begrip missie of visie begrijpelijk te houden en te verwoorden. Kom daar eens om bij het Nederlands elftal. Schoorvoetend wordt inmiddels wel toegegeven dat de wereldtitel het doel is van deelname aan de eindronde in Zuid-Afrika, al is een finaleplaats ook goed. Dat heeft wel wat voeten in de aarde gehad. Direct na kwalificatie voor het WK vlogen bondscoach Van Marwijk en KNVB-directeur Kesler elkaar in de haren over het te bereiken eindresultaat. Was nu afgesproken dat dit het bereiken van de halve finale of de finale zou zijn? Zou het overleven van de poulefase al een prestatie genoemd mogen worden? Het zijn vragen die bij échte toplanden niet leven. Neem de Duitsers: de letterlijke missie luidt: een vierde ster ophalen. Een ster, die op het shirt genaaid mag worden als je wereldkampioen bent geworden. En de Duitsers hebben er al drie. Een topland als Nederland, dat al vele jaren hoog scoort in de FIFA-ranking, dient zich dan ook een doel te stellen dat bij haar aanzien past: wereldkampioen worden.

Begin bij het opstellen van een missie bij het einddoel: wat wil je uiteindelijk bereiken. De lat mag daarbij best een beetje hoger worden gelegd. De top van de berg bereik je niet met polderen. De missie van Oranje moet luiden: wereldkampioen worden.

Strategie: Totaalbeweging

Zou de legendarische Bondscoach Rinus Michels de handige strategieboekjes van de oude Chinese krijgsheer Sun Tzu hebben gelezen? Zijn oneliner ‘Voetbal is oorlog’ past tenslotte perfect bij ‘de kunst van de generaal’, de vertaling van het begrip Strategos. Niet voor niets was de bijnaam van Michels ‘De Generaal’. Dat managers sinds de jaren vijftig de kunsten van de generaal afkijken is niets nieuws, maar in het voetbal blijken slecht weinigen de kunst van strategievoering te verstaan. Het Nederlands voetbal kende in haar geschiedenis één allesoverheersende strategie die veel succes heeft gebracht, het zogenaamde Totaalvoetbal. Deze strategie kenmerkte zich door onder meer het gebruikmaken van de buitenspelval, een hoog percentage balbezit, veel focus op techniek en minder op kracht, een opstelling met buitenspelers (4-3-3) en op alle posities spelers die zowel konden verdedigen als aanvallen. In de praktijk kwam dit laatste overigens vooral neer op vleugelverdedigers als Suurbier en Krol die opkwamen en aanvielen en minder door aanvallers die meeverdedigden (Cruyff).

Lees ook:

Penalty’s en de lange weg van Oranje.

Heeft het huidige Oranje wel een dergelijke aanpak en is deze vernieuwend genoeg om de tegenstanders te verrassen? Bondscoach Van Marwijk toverde vorige week plots een aanpak uit de hoge hoed, ‘Totaalbeweging’. In dit nieuwe systeem dient door alle spelers van positie gewisseld te kunnen worden en is sprake van het continu bewegen van spelers die niet in balbezit zijn. Een voorbeeld: topspeler Arjen Robben zal zowel links als rechts uit de voeten moeten kunnen, ook binnen de wedstrijd. Hetzelfde geldt voor verdedigers die oprukken en wiens plaats dan door middenvelders overgenomen dienen te worden, et cetera.

Heel erg vernieuwend is de strategie van Van Marwijk niet, maar het is een begin. Feit is dat Oranje in het verleden slechts over één strategie leek te beschikken, de eerder genoemde 4-3-3 met Totaalvoetbal als basis. Het is in het hedendaagse voetbal een te voorspelbare tactiek. Zie bijvoorbeeld de wijze waarop het op Nederlandse leest geschoeide Bayern München onder trainer Louis van Gaal onlangs de finale van de Champions League verloor van Internazionale Milan. Bij Bayern klopte alles. Het team had veel balbezit, was moedig en aanvallend, de spelers bewogen veel, veel spel ging over de vleugels (Robben) en het percentage balbezit was enorm hoog, rond de 60%. Kortom, Totaalvoetbal anno 2010. Toch verloor het team. Coach Mourinho van Inter bleek een effectieve wapen te hebben ontwikkeld tegen de strijdwijze van Van Gaal. In essentie was dit niet meer dan het uitschakelen van de gevaarlijkste aanvaller van Bayern (Robben). Het doet denken aan een bekende uitspraak van een Italiaanse journalist na de winst van Italië tegen Nederland in 2000 tijdens het EK: ‘Wij hadden een perfecte strategie; we zetten de Hollanders helemaal vast…op onze eigen helft’.

Succesvolle teams kennen bijna altijd een strategie die één stap voor ligt op die van de concurrentie. Het is de vraag of Oranje een dergelijke strategie heeft en ten uitvoer kan brengen. Totaalbeweging als variatie op een thema is een stap in de goede richting. Het vereist echter veel van de spelers, die zowel mentaal als fysiek topfit moeten zijn om deze aanpak goed ten uitvoer te kunnen brengen. En waar is Plan B als het niet loopt zoals het zou moeten lopen (Robben)?

Concurrentieanalyse

Opmerkelijk genoeg zijn het niet landen als Frankrijk, Argentinië of Duitsland waar Oranje bang voor moet zijn. De grootste ‘Angstgegner’ voor het Nederlands elftal is Portugal. Grote voetballanden inspireren de Nederlandse voetballers in hoge mate. Portugal daarentegen haalt het slechtste in hen naar boven. Velen herinneren zich nog de wedstrijd uit 2006 tijdens het WK in Duitsland, die werd ontsierd door liefst 16 gele en 4 rode kaarten. Een internationaal record. En die ondanks veel balbezit voor Oranje toch verloren ging. Wat ging er fout?

Enkele Oranjespelers achtten het nodig de wedstrijd te beginnen met zogenaamde ‘professionele overtredingen’. Dit zijn vaak smerige schoppartijen, die er op uit zijn de tegenstander te intimideren. Dat wordt door sommige profs gezien als een ‘visitekaartje’, zodat op het veld direct duidelijk is wie de baas is. Het gedrag van spelers als Boulahrouz en Van Bommel was echter onnodig, niet gedisciplineerd en juist zeer schadelijk voor de flow van het Nederlands elftal. Het team richtte zich naar mate de wedstrijd vorderde meer op de benen van de tegenstander dan op het spelen van een fatsoenlijke wedstrijd. De oorzaak? Sinds de jaren zeventig staat het Portugezen voetbal hier ten lande aangeschreven als ‘gemeen’; men speelt om de tegenstander uit het spel te halen en haalt hiervoor allerlei trucjes uit. Dat mag dan een waarheid zijn geweest in de jaren zeventig, inmiddels hebben Nederlandse spelers de Portugezen op dit aspect links en rechts ingehaald. Een opmerkelijk feitje in dit kader: de nieuwe ‘schopper’ in het Nederlands elftal is Nigel de Jong, die onlangs zelfs een ernstige blessures (beenbreuk) toebracht aan een speler in een vriendschappelijk duel. Toen de Telegraaf de lezers daarna vroeg of hij zijn leven zou kunnen beteren, antwoordde meer dan 80% ontkennend. Dit type gedrag is een grote risicofactor voor het succes van Oranje in Zuid-Afrika.

Speel je eigen spel. Zorg ervoor dat spelers hun emoties de baas kunnen en in dienst van het team blijven spelen. Oranje speelt goed tot super tegen toplanden (Italië; Brazilië; Frankrijk: Duitsland) maar matig tot slecht tegen mindere landen (Rusland; Portugal; België). Het motiveren van de spelers tegen mindere tegenstanders en het waken voor zelfoverschatting is een van de belangrijkste taken van de bondscoach tijdens dit WK.

Leiderschap

Wie is de leider van dit Oranje? Vroeger was direct duidelijk wie de aanvoerder was. Cruyff, Gullit, Cocu. En nu? Weet u wie de vast aanvoerder van Oranje is? Giovanni van Bronckhorst, een type ideale schoonzoon. Een international met bijna 100 interlands op zijn naam, dat wel. Maar is het ook een speler die het team over een dood punt heen helpt? Die voorgaat in de strijd en die kwalitatief buiten kijf staat? De vraag stellen is ‘m beantwoorden. Een betere keus voor de rol van aanvoerder in het veld is Mark van Bommel, die zichtbaar is gegroeid in deze rol bij Bayern München. Maar ja, dat is de niet zo ideale schoonzoon. Hij is daadwerkelijk getrouwd met de dochter van de bondscoach. Is dat echter wel een argument hem niet te benoemen als aanvoerder? We willen toch winnen? Of gaan we polderen?

Een leider heeft volgelingen. Het leiderschap binnen de spelersgroep van Oranje is nog steeds onduidelijk en voor verbetering vatbaar.

Kritieke succesfactoren

De kritieke succesfactoren van Oranje zijn op basis van wedstrijdgegevens en statistische analyses helder te benoemen. Neem de zgn. standaardsituaties, waarbij de bal stil ligt, zoals de strafschoppen, de vrije trappen en de hoekschoppen. De strafschoppen zijn nog steeds ondermaats, ook al juicht iedereen als spits Van Persie een penalty hard tegen de touwen van het doel weet te schieten. Hij zal alleen niet de enige zijn die moet aantreden tijdens dit WK. De kans op een shoot-out is ongeveer 1 op 4 wedstrijden. En wie wereldkampioen wil worden, speelt na de poulefase nog….4 wedstrijden.. In de top van het vaderlandse voetbal bestaat echter nog steeds het compleet verouderde beeld dat op penalty’s niet te trainen valt. En áls men er al op traint, doet men het verkeerd of met grote tegenzin, zo verzekeren mij insiders! Het enige team in Europa dat op een vergelijkbare wijze de strafschop benadert is Engeland. En laat dat nu net het enige team zijn dat nóg slechter op dit onderdeel presteert dan Oranje.

Het is helaas niet de enige standaardsituatie waar Oranje zwak op presteert. Hetzelfde geldt voor de effectiviteit van de hoekschoppen en de vrije trappen. De score hiervan is internationaal gezien ook te laag. Zo kreeg Oranje tijdens het WK van 2006 liefst 19 hoekschoppen. Deze leverden niets op. Bestudeer eens de trainingen van Oranje. Er wordt veel getraind op rondo’s (de bal rondspelen terwijl een andere speler in het midden staat en de bal probeert te veroveren) en op voetvolleybal (bal OVER net heen schieten!). Deze trainingsmethoden zijn in mijn ogen verouderd, blessuregevoelig en voegen niets of nauwelijks toe aan de werkwijze van het team tijdens een wedstrijd. Er zijn veel standaardsituaties te bedenken waar de geïnvesteerde tijd een veel hoger rendement zal opleveren.

Mentale weerbaarheid

Het blijft niet bij deze technische aspecten. Ook de mentale weerbaarheid dient te worden verbeterd. Zo zijn Nederlandse clubteams en ook Oranje uiterst zwak als het op verlengingen aankomt. Sinds 2003 heeft geen enkel Nederlands profteam (incl. AZ; Ajax, PSV; Roda) internationaal in de extra tijd gewonnen. Voor Nederlandse spelers duurt een wedstrijd in gedachten niet langer dan 90 minuten. Dan moeten ‘wij’ al gewonnen hebben, want ‘we’ zijn toch veel beter dan de tegenstander. Jammer dan toch dat dit toch niet altijd lukt. De kans dat een Nederlands team wint als het aankomt op verlengingen en strafschoppen schat ik op basis van de beschikbare statistieken op minder dan 20%. Bij de Duitsers ligt dit cijfer rond de 80%. Het team is nu goed gemotiveerd, maar wat als er plots niet na 90 minuten is gewonnen. De mentale weerbaarheid dient dus verbeterd te worden, zoveel lijkt wel zeker. Echter, wel op een pro-actieve en niet op een re-actieve wijze. Dus niet wachten tos spelers aankloppen met mentale problemen, maar pro-actief zoeken naar de zwakheden en hiertoe de beste oplossingen aandragen.

Neem wederom het Duitse team, dat onder 2006 onder coach Klinsmann een metamorfose onderging, waarbij gebruikmaking van de laatste ontwikkelingen op sportpsychologisch gebied (o.m. uit de VS) niet geschuwd werd. Van een groep hopeloos uit vorm zijnde spelers maakte Klinsmann een geweldig spelend collectief. Met dank aan mental coaches. De medische staf van Oranje denkt er helaas anders over. In de Volkskrant (VK-banen, website) staat het volgende te lezen in een interview met Bondsarts Goudswaard en teamfysiotherapeut De Sanders: “De bondsarts: ‘Bij Oranje is geen indicatie dat de spelers een psycholoog nodig hebben. We hebben er, onder Van Basten, kort iemand bij gehad, maar daar was totaal geen behoefte aan.’ De Sanders: ‘Je neemt toch ook geen tandarts mee, of cardioloog? In principe spelen de begeleiders en coach ook de rol van psycholoog. Het zijn allemaal mensen met ervaring die dingen aanvoelen.”. Het doet mij een beetje denken aan de kapper die van zichzelf zegt dat hij ‘psycholoog, adviseur, gesprekspartner, opvangcentrale en econoom is’. Overigens, tijdens de Olympische Spelen in Beijing in 2008 wonnen slechts twee Nederlandse teams goud. Het waren de enige twee teams met een mental coach.

Het sturen op de kritieke succesfactoren, zowel technisch, tactisch, fysiek als mentaal, is geen garantie op winst, maar het brengt de titel wel een stuk dichterbij. Talent alléén is niet genoeg. Zonder cijfers kan je prima voetballen, maar niet meer om te winnen. Trekt Oranje zich niets aan van de genoemde zwakheden, dan blijft de titel ver buiten bereik.

Afsluitend, wat zijn de kritieke factoren waarop u de kracht van het Nederlands elftal kunt beoordelen?

  • Standaardsituaties: leveren hoekschoppen en vrije trappen gevaarlijke situaties op of niet; hoe goed worden de strafschoppen binnengeschoten;
  • Mentale weerbaarheid: hoe reageert het team op een achterstand; hoe staat het team aan de aftrap van een verlenging en is men bij het nemen van een serie strafschoppen goed voorbereid, weten alle spelers vooraf al precies wat ze moeten doen?
  • Waarop traint het team? Zijn dit de beroemde rondo’s en het voetvolleybal, of richt men zich op andere, effectievere aspecten van het voetbal?
  • Leiderschap en teamgeest: is tijdens het WK duidelijk wie binnen het veld de baas is en leidt dit tot een goede teamgeest, of zoals vaker bij het Nederlands team juist niet;
  • Weet Oranje goede prestaties langer dan 2 wedstrijden vol te houden of is de fut er na de poulefase uit? Worden de spelers overmoedig als de poulefase is doorgekomen? Laten spelers het lopen als ze op een 2-0 voorsprong komen (Mexico, onlangs en ook in 1998)? Kunnen de spelers zich opladen als ze tegen een minder bekende tegenstander (Slowakije; Chili) moeten spelen?
Oranje Wereldkampioen
Een managementboek voor voetballers, een voetbalboek voor managers

Gebaseerd op voetbalhistorische feiten. Het team is wereldkampioen nét niet. De sterkten en zwakten van Oranje en de direct toepasbare management-inzichten geven het houvast om écht de laatste stap te zetten.

Kennisbank onderwerpen:

Kennisbank onderwerpen:

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Nee, nee, nee,

Geen managers en managementtheorieën bij dit leuke spelletje! Geef die jongens één opdracht mee als ze de wei in gaan: gewoon lekker spelen, jongens! De rest is allemaal onzin.

Ergo Gyuri, Nederland wordt Wereldkampioen! Da’s mooi, dan ga ik dit weekeinde ons huis alvast Oranje kleuren. ;-)

Beste Ben,

Als ik jouw reactie lees, denk ik, je hebt het artikel niet gelezen en je bent direct aangeslagen bij het zien van de titel. Bij goed lezen zien ze je dat het met name de coach is die andere uitgangspunten en oefeningen moet geven. Wellicht kunnen spelers dan zelfs met MINDER opdrachten de wei in dan nu het geval is. Jouw oplossing is trouwens opmerkelijk. Denk je dat toptrainers als Louis van Gaal en Jose Mourinho (finale Champions League) de spelers lekker de wei in sturen zonder opdrachten? Jouw methode gaat terug tot de jaren dertig van de vorige eeuw. Toen Nederland na een wedstrijd op het WK naar huis kon….ik moet er niet aan denken dat ze naar je luisteren!

Beste Willem,

Als je goed leest, zou ik wel de verf kopen, maar nog niet gaan schilderen…het hangt helemaal af van de voorbereidingen, met name na de 1e ronde en met name de standaardsituaties.

hgr.,

Gyuri

Dat oranje veel traint op rondo’s lijkt me iets wat naar het rijk der fabelen verwezen kan worden. In een week met veel trainingsarbeid mag er best een spelletje tussendoor. Tijdens de rondo doen veel humoristische situaties zich voor, neem bijvoorbeeld het broeken uittrekken van Nigel de Jong. Dat is ook de reden dat het vaak op tv komt en u denkt dat er getraind wordt op Rondo’s.

Pieter,
Er wordt echt veel op rondo’s en vergelijkbare spelletjes getraind, dat is niet zomaar een fabeltje. Het ‘broekuittrekken’ is mij overigens even ontgaan, lijkt mij humoristisch voor wie er van houdt, maar niet echt toevoegen aan de kansen van Oranje. Er kan ook gelachen worden na de training, genoeg tijd voor lijkt mij. Voetbalspeler is een mooi beroep, mag je best serieus nemen. ik zeg wel eens: ‘de Nederlanders zien voetbal als spelletje, de Duitsers als beroep’. En wie is nu het meest succesvol?

hgr.,

Gyuri

Ik weet niets van voetbal en dat ervaar ik zelf als een teken van geestelijke gezondheid en ethiek. Maar . . .

Zou het zo kunnen zijn dat spelers gewoon niet begrijpen dat een bij een team-spel samenwerken het allerbelangrijkste is? Dat deel-optimalisering niet per sé leidt tot winst voor het totaal? Denkbaar.

Of dat ze wellicht de instructies gewoon niet vatten? Lijkt me, gezien de gemiddelde voor-opleiding, niet ondenkbaar.

Of zou het kunnen zijn dat degenen die het WEL begrijpen continu gehinderd worden door die grote ego voor hun kop, zodat ze de andere spelers gewoon ECHT niet zien?

Of nog erger: dat ze geplaagd worden door ster-allures?
Of NOG veel erger: een mentaliteit van “Rot op, als ik eruit vlieg verdien ik aan de transfer?”

Of gewoon “Nederland is een leuk opstapje, op naar het ECHTE werk”?

Maar het kinderachtigste lijkt mij een houding van “Mamma, kijk mij nou es, zonder handen”

In alle gevallen geen eenvoudig klusje voor een trainer, lijkt me. Iets waar ik zelf voor geen enkel bedrag aan zou beginnen.

Groet,
Jos Steynebrugh
Marketing & Innovatie Consulent

En ik maar denken dat alleen mislukte voetbalvaders zich als bondscoach opwierpen. Niets blijkt minder waar. Ook in managementland waard dit virus klaarblijkelijk rond (al is de verpakking iets deftiger, zoals een goed manager betaamt!). Mooi, Nog even en van Marwijk weet zich gesteund door 16,5 miljoen bondscoaches! Zoveel gebundelde expertise leidt maar tot één ding: Nederland wereldkampioen. Hup Holland Hup….

Guyri,

Ik weet het niet. Sowieso wordt er niet getraind ‘op’ de rondo, maar is de rondo een trainingsvorm die 1-op-1, reactie en passing traint. Humor (en positieve sfeer) kunnen trouwens wel degelijk toevoegen aan de prestaties van een team. Humor van machtigere groepsleden kan bijvoorbeeld bijdragen aan reductie van de statusverschillen.

Zien als spel of werk? Zou Kasparov schaken zien als werk? Zou Kafka schrijven hebben zien als werk?

Daarbij, in die 2 weken voorbereiding in Z-Afrika hoeven Sneijder, van Bommel, Van Persie echt niet te leren hoe ze moeten voetballen. Wat ze moeten ‘leren’ is hoe ze een team moeten zijn, elkaar ballen gunnen, vertrouwen.

Mvg

Pieter

Beste Jos, Edwin en Pieter,

Dan maar even in een reactie samen:

Jos,

ik zie geen relatie tussen een kritisch artikel over voetbal en liefde voor een wereldspel en ethiek of gezond verstand. Ik merk wel enige weerstand bij managers als ik voetbal gebruik als metafoor, zeer opmerkelijk als er 26,2 miljard viewers zullen zijn en er miljarden in om gaan, gesteund door alle wereldmerken van onze tijd. Positiever dan olielekken of lege schappen bij de AH, denk ik dan…en in ieder geval meer impact dan een golftoernooi of zeilwedstrijd sponsoren. Overigens, ik zou voor geen goud trainer willen zijn van de sterren, maar ik kan op de door mij gehanteerde wijze wel degelijk gefundeerd advies geven over specifieke kernactiviteiten. Iets waar managers net zo goed, zo niet meer, van kunnen opsteken dan van een zwaar wetenschappelijke verhandeling over bijv. leiderschap. Hiervan ben ik overtuigd.

Edwin, hoofdstuk 1 van mijn boek Oranje wereldkampioen is genaamd ’16 miljoen bondscoaches’, het gaat over de weerzin van Nederlanders (in het bijzonder in de voetbalsport) tav wetenschappelijk onderzoek, er naar te luisteren en/of ervan te leren. Wellicht interessant? Waarom kan ik bijv. de hoek van een strafschop deels voorspellen en een keeper van Oranje niet, is dat niet vreemd? Waarom spelen de Duitsers weer top vanavond? Dat zoek ik uit, uit nieuwsgierigheid en om verder te komen dan alleen platitudes als ‘ geluk’.

Pieter,
mee eens dat voetballers niet hoeven te leren hoe ze moeten voetballen, daarom zijn de genoemde oefensessies ook onzin. Wel leren met elkaar om te gaan, teammanagement et cetera…helemaal mee eens, net zoals Klinsmann dat deed met de Duitsers in 2006 en de nieuwe bondscoach Low dat nu doet…zie de resultaten!

Sowieso veel dank voor de reacties,

Gyuri

L.s., opmerkelijke teksten de afgelopen dagen in de pers, met een mooie link met dit artikel. Wat te denken van Mark van Bommel en zijn missie, vandaag in de Volkskrant: “Over dit WK zegt Van Bommel: ‘We willen nu iets groots presteren. Ook willen we mooi voetbal spelen. Bij Bayern willen we dat ook altijd. Hier mogen we echter niet vergeten dat het sierlijke voetbal een bonus is. Bovenal moet worden gewonnen. Dat is voor ons de sleutel. We hebben een missie! Mooi woord hé? Ook als het niet mooi gaat, moeten we zegevieren.’ “En Bondscoach van Marwijk stelt dat er meerdere alternatieve tactieken zijn, met vleugelaanvaller (Elia) of in de oude opstelling met de Grote Vier. Zouden ze het boek gelezen hebben? Nou, niet helemaal, want op de vrije trappen, hoekschoppen mag wel wat meer getraind worden en conditioneel zag het er niet echt fit uit (overtraind?). Geen wonder dat de spelers rust kregen.
Gyuri

[…] ook: Managementadvies aan de bondscoach AKPC_IDS += […]

Toon alle 11 reacties
x
x