Channels

Het MKB, de enig bestendige banenmotor, heeft het in Nederland na vijf jaar crisis niet makkelijk om te herstellen. De economie groeit weliswaar marginaal maar banken blijven bouwen aan hogere buffers om hun risico’s te beperken en hebben weinig belangstelling voor kleine kredieten om groei te financieren. Bovendien blijken MKB bedrijven vooral als het om innovatie gaat zoveel risico’s met zich mee te brengen dat banken sowieso niet de meest aangewezen instanties zijn om dat soort risicovolle leningen te verstrekken.

Nee dat zijn venture fondsen, waarvan Nederland enige tientallen kent. Zij zouden zich moeten concentreren op ‘seed’ (zaad – letterlijk) dus start ups of nieuwe activiteiten van bestaande ondernemingen die fantastische ideeën in praktijk willen brengen. Ze moeten kijken naar ‘prototypes’ vaak succesvol ontwikkeld met ‘launching customers’, zeker als dat unieke producten/ services zijn, die de concurrentie kunnen verslaan. Ze zouden moeten helpen om de sales en marketing op schaal te brengen en het management te versterken. Kortom ze moeten via hun netwerken meer expansie van de onderneming waarin ze investeren mogelijk te maken.

Falen de Venture Fondsen?

Maar helaas komt er weinig van venture capital terecht in Nederland. In ons land is niet zoveel belangstelling voor ‘seed’ maar veel meer voor ‘growth’, dus ondernemingen die al bewezen hebben levensvatbaar te zijn, reeds winst maken en die een steuntje in de rug nodig hebben om snel te kunnen groeien, liefst wereldwijd. Daar is niets mis mee, integendeel, maar dan moet je je geen venture fonds noemen want in dat geval gaat het om ‘echt’ durf kapitaal. Het nemen van risico’s waar veel mis kan gaan; waar een enkele investering soms vijf missers ruimschoots kan compenseren. Iets waar men in Amerika op grote schaal al jaren mee praktiseert met goudmijnen als Google tot gevolg.

Lees ook:

Concurrerender worden

Een venture capital fonds moet kunnen kiezen uit vele aanbiedingen. Slechts 2 tot 3 % daarvan worden maximaal gehonoreerd. Dat vraagt vooral een grote technische kennis van veel markten en niet alleen financiële expertise die nu nog teveel domineert. De behandeling van aanvragen is bovendien in Nederland traditioneel erg slordig. Als men via het info kanaal aanbiedt is de kans groot dat men nooit wat hoort. Men moet er dus achteraan zitten, bellen, geloof en overtuigingskracht tonen om enige kans te maken.

Nederlanders houden niet van veel risico en als er al een fonds is die dat wil nemen zijn institutionele beleggers die daarin beleggen er als de kippen bij om die te minimaliseren, zelfs als er een recordlist is van jarenlang meer dan 25% rendement per jaar. Bovendien hebben venture fondsen tegenwoordig nog een probleem namelijk ze kunnen bij investeringen niet veel meer ‘leveragen’, dus lenen van banken, want die mijden niet alleen risico’s bij het MKB maar ook bij hen.

Investeringen in ‘seed’ moet dus in toenemende mate sinds de kredietcrisis met eigen vermogen geschieden en dat maakt kapitaalinbreng meestal erg duur en risico’s groot. Dus de venture capital markt in Nederland bestaat in naam wel maar ligt eigenlijk op zijn rug en daarmee ook veel noodzakelijke innovatie. Voordat U denkt dat de overheid zich hiermee moet gaan bemoeien poneer ik de stelling dat het vooral gaat om mentaliteitsverandering van venture fondsen zelf en hun beleggers.

Mentaliteitsverandering van venture fondsen gewenst

Gaat dat lukken op korte termijn?

Ik ben bang van niet. Nederlanders houden traditioneel van handel, niet van industriële processen. Weliswaar weten we dat de maakindustrie ruim 50 % van de exportwaarde voor zijn rekening neemt, maar dat betekent nog niet dat jongeren met drommen een technische opleiding gaan volgen waar veel vraag naar is. De huidige fondsondernemers in de venture industrie zijn bovendien vaak risicomijders geworden, dus van de meesten valt niet veel meer te verwachten.

Blijft de hoop dat we enkele Venture fondsen gaan krijgen die zich in gunstige zin gaan onderscheiden en daarmee enorm succes zullen boeken. Zoals Sequoia en Kleiner Perkins in Silicon Valley. Dat vraagt om rijke families, die een (klein) deel van hun vermogen op die wijze gaan inzetten, maar helaas zijn die er in Nederland nauwelijks. Waar zijn de Brenninkmeijers (voorheen Egeria), de Fentener van Vlissingens (Flint, Boron, Walvis en Catharijne), de Zeemannen (Navitas), de familie De Rijcke (Hoge Dennen), Van der Vorm ( HAL), Van Beuningen (Greenfield) en Blokker ( Breedinvest)? Ze zijn er vaak alleen als het om ‘proven’ dus winstgevende business gaat met snelle groeikansen.

Misschien moeten we het zoeken in meer ‘nouveau riche’ ondernemers zoals John de Mol (Talpa) of Deitmers & Van der Ende. Of bij de Quote rijken lijst! De Berk groep van de familie Pon gaat samenwerken met het venture fonds TIIN, dat is wellicht een eerste stap. Maar de echt succesvolle venture capitalist in Nederland moet in dit decennium nog opstaan, met kans op ongelooflijke winsten als ze dit professioneel aanpakken. Nu de crisis overdrijft moet dat toch uitdagend zijn?

Kennisbank onderwerpen:

Kennisbank onderwerpen:

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Beste heer Rost van Tonningen,

met plezier heb ik uw bijdrage gelezen. Het is echter niet zo dat er geen fondsen zijn die in Nederlandse start-ups investeren. Per jaar wordt er door Nederlandse venture capitalists een kleine €200 mln. geïnvesteerd (2012, €170 mln.) in bedrijven. Daarnaast zijn er ook nog een een ruim aantal buitenlandse partijen actief op de Nederlandse markt. Actuele marktdata is hier (http://www.nvp.nl/pagina/ondernemend%20vermogen/) te vinden (2013 cijfers zijn vanaf 23 april beschikbaar). U stipt terecht aan dat de fondsenwerving voor venture capital fondsen in Nederland een probleem is. Institutionele partijen, zoals pensioenfondsen, trekken zich steeds meer terug uit dit segment. Opvallend genoeg beleggen zij wel in Amerikaanse venture capital fondsen. Het gat dat institutionele partijen achterlaten wordt voor een deel opgevuld door privé personen en voornamelijk family offices. De overheid neemt via het European Investment Fund ook een flink deel voor haar rekening. Seed is wel het meest risicovolle segment binnen de venture capital investeringen, dus het is logisch dat beleggers daar minder snel in stappen. Dat segment wordt tegenwoordig voor een deel bediend door regionale ontwikkelingsmaatschappijen en corporate venture capital. Maar u heeft gelijk dat juist ondernemende families in venture kunnen beleggen. Hun verplichtingen lopen veel meer op de lange termijn, en hun achterban heeft vaak veel gevoel bij de bedrijven waarin geïnvesteerd wordt.

Wat betreft de rol van de banken moet ik u er toch op wijzen dat leverage nooit een rol van betekenis heeft gespeeld in venture capital. Bij een bedrijf zonder (stabiele) kasstromen, laat staan winst, en waar de waardering daarom erg moeilijk is, wordt vrijwel nooit leverage gebruikt. Dat is simpelweg te risicovol. Daarom werd en wordt dat vrijwel alleen met eigen vermogen (equity) gefinancierd. Banken speelden vroeger wel een grotere rol in dat zij belegden in venture capital fondsen, ook via hun eigen vehikels. Dat is wel erg teruggelopen de afgelopen jaren.

Met vriendelijke groet,

Felix Zwart
Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen.

Beste Heer zwart
Wat ik heb willen aanstippen is dat de definite van venture capital in Nederland nauwelijks meer klopt. Fondsen die alleen investeren in ondernemingen die al omzet en winst maken zijn mijns inziens geen venture fondsen. Als verstrekte investeringen van deze fondsen van de door U aangegeven € 200 mln worden afgetrokken blijft er weinig over. U zegt zelf dat er inderdaad weinig in SEED (of early stage) wordt geinvesteerd en daarmee geeft U mij eigenlijk grotendeels gelijk in mijn stellingen. Fondsen die alleen in al winstgevende ondernemingen investeren zijn growth fondsen, hierbij zijn de risico’s veel beperkter, reden waarom de banken in 2007 en ervoor in de rij stonden om in deze categorie te leveragen tot soms 80/90% van de totale investering. Ik zou u enkele zeer aansprekende voorbeelden kunnen noemen
Nederland hanteert zodanige definities dat we we zo ver mogelijk wegblijven van risico en innovatie. Het is te triest voor woorden

Nederland is verheven tot een financiele praat groep, beleggers willen dat start ups kunstjes opvoeren om dan na veel gepraat af te haken. Beleggers zijn niet geintreseert in inovatie wat boven aan het lijstje staat is de verkoop met winst. Welke onderzoeker wil een belegger die het eerst naar eigen gewin kijkt. Crowdfunding bied meer soelaas voor de onderzoekers dan de snelle jongens.

Beste meneer Rost van Tonningen,

Dit onderwerp heeft mijn interesse, maar ik kan me niet helemaal vinden in uw analyse. Ik vind het bovendien jammer dat uw beweringen zo stellig zijn terwijl u geen feitelijke argumenten of voorbeelden noemt die uw stellingen onderbouwen. Dit vind ik jammer.

Ik weet ook niet alles, maar ik zie wel positieve ontwikkelingen in rondom investeerders en investeringsfondsen in de seed-fase. Ik zal er hier drie noemen.

Ten eerste, door het lean startup gedachtengoed kunnen veel startups een product-markt fit aantonen zonder hier extern kapitaal voor aan te hoeven trekken. Dit geldt voor sommige type startups (bijv. IT & Internet startups) in hogere mate dan voor andere (bijv. hightech spin-offs). Veel startups kunnen dus op eigen kracht, of met een kleine investering, tot een fase komen waarin zij kunnen bewijzen dat zij levensvatbaar zijn.

Ten tweede, er ontstaan instrumenten die seed-investeringen overnemen. Denk hierbij aan crowdfunding platforms (o.a. Geldvoorelkaar.nl, Symbid, OnePlanetCrowd, etc etc) en incubators en accelerators (o.a. YES!Delft, UtrechtInc, Rockstart en Startupbootcamp). Crowdfunding platforms bieden startende bedrijven de kans om in een vroege fase geld op te halen in ruil voor o.a. aandelen, rente, of het product zelf. Incubators en accelerators bieden naast alle support en netwerken vaak ook financiering aan (meestal tussen de €10k en €40k), als lening danwel als participatie.

Ten derde, er zijn de laatste jaren diverse fondsen en fondsjes opgezet die in een vroege fase durven te investeren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan SanomaVentures, Twente Technology Fund en Vitulum Ventures. Heel recentelijk zelfs nog werd bekend dat institutionele investeerder ABP totaal €100 miljoen heeft gealloceerd aan startups en MKB’ers in Nederland. Een deel hiervan zal worden beheerd door INKEF, die de intentie heeft om in de vroege fase te investeren (zie ook: http://bit.ly/Startup_Juncture_ABP).

Hartelijke groet,

Thomas Mensink

PS. Mijn blog over startups en venture capital staat op high5ventures.wordpress.com.

Beste Thomas
Ik zal helaas geen verdere onderbouw leveren om te bewijzen dat mijn betoog wel degelijk steek houdt anders dan dat ik de laatste maanden met ongeveer 100 fondsen (fonsjes) contact heb gehad. Maar de punten die je aansnijdt ten aanzien van 1 en 2 zijn terecht. Nederland in innovatie moet het vooral hebben van business angels en in toenemende mate van crowd funding. Ik heb mij beperkt tot venture capital fondsen, die weinig of niets ondernemen in seed investeringen zonder omzet.

Je voorbeeld van Inkef is een bewijs van de juistheid van mijn betoog. In de eerst plaats willen ze omzet en in de tweede plaats doen ze het alleen als een andere investeerder meedoet. Ik heb ze onlangs nog circa 10 proposities voorgelegd en weet dus waar ik het over heb

[…] Zeer matig werkende financiële markten. Bij banken is kredietverlening de laatste maanden wel iets verbeterd, maar het volume neemt nog niet toe. Met andere woorden aflossingen staan gelijk aan nieuwe verstrekkingen van leningen. Voor perspectiefrijke groei van ‘proven‘ business concepten zijn er wel tal van financieringsmogelijkheden maar voor risicovolle innovatie is in Nederland behalve bij ‘angels’ nauwelijks kapitaal buiten eigen ondernemingen te vinden, zie ook mijn artikel De venture capital industrie moet opstaan. […]

Toon alle 6 reacties
x