Channels

Schoolorganisaties zijn de hoeksteen van onze toekomst. Leerkrachten zijn de ‘frontlijnsoldaten’ van onze samenleving; of ze nu willen of niet, ze voeren een civilisatieoffensief. Dat ‘frontlijnsoldaten’ moeten we al bijna letterlijk nemen. Intimidatie, oproer en dreiging met fysiek geweld doen op steeds grotere schaal hun intrede. Wat is hier de oorsprong van en wat is er aan te doen? Bowen Paulle spreekt duidelijke taal! Hij geeft zijn ervaringen in de Bijlmer en de Bronx. Deze verkorte versie van een eerder interview is door Paulle onlangs geredigeerd en aangevuld.

VMBO in de Bijlmer en in de Bronx

Als Pietje Bel of Dik Trom vandaag nog geleefd  hadden, zouden ze dan naar het VMBO gegaan zijn? Waarschijnlijk niet want ze kwamen uit een gewone straat met gewone ouders en waren leuke kwajongens. De scholieren die het VMBO bevolken komen vaak uit een achterstandswijk, krijgen weinig tot geen opvoeding en zijn op zijn best rotjochies.

Lees ook:

Regels en Waarden

Dat is het beeld wat in Nederland gemakshalve bestaat over het VMBO. Maar is dat wel een juiste voorstelling van zaken. De socioloog Bowen Paulle  gaf les op een VMBO school in de Amsterdamse Bijlmer maar ook op een school in de New Yorkse getto wijk De Bronx. Hij gaf daar les omdat hij wilde weten hoe kinderen zich handhaven op probleemscholen. Dus een deskundige van binnenuit over het VMBO.

Mijn eerste vraag aan hem is een beschrijving te geven van zijn school in de Bronx.

We staan voor de ingang van de school in de Bronx. Het is een enorme grote school. Een ouderwets klassiek gebouw. Om je heen zie je oude appartementengebouwen die zeg maar niet horen bij het mooie schoolgebouw, die een beetje uit elkaar vallen en bijvoorbeeld voor het eerste lesuur is het al heel indrukwekkend. Er zijn bijvoorbeeld jongeren die pitbulls meenemen, honden dus, maar heel agressieve honden, heftige honden. Die jongens gaan natuurlijk niet met de honden naar binnen. Het creëert natuurlijk wel al een hele heftige sfeer. Er zijn bijvoorbeeld kleine grasvelden naast de ingang en daar laten ze de pitbulls gewoon los. En dat zijn ja gewoon heel heftige types, dus meteen voor alle kinderen, ook voor die hele zachte, dociele lieve kinderen, die naar die school komen. De eerste indruk die ze meemaken is gewoon meteen – bats –  heel hard, heel heftig.

U bent daar docent, u moet tegen die mannen gaan zeggen: “jullie moeten naar de les”.

Nou, dat zijn niet de scholieren, die mannen met die pitbulls bijvoorbeeld, dat zijn gewoon jongens vanuit de buurt.

Maar die gaan wel even op het schoolplein staan?

In de buurt van de school, bij die grasvelden daar. Ja gewoon meisjes kijken daar, en dat soort dingen, volgens hen, een gezellige sfeer. Maar dat is de eerste indruk, om 8 uur, half 9.  Je ben ja gewoon bang, heel veel mensen zijn bang. Als ik daar rondloop ben ik zeer attent in ieder geval. Dus niet gewoon relaxed binnen komen.

We gaan de school in en het is net een soort vliegveld, metal detectors, hand hold metal detectors maar ook waar je alles moet neerleggen, scanners. Je moet een pasje bij je hebben om binnen te komen, dan kunnen ze een foto van jou zien en dat soort dingen. Verschillende poorten, ook politieauto’s, echt politie, niet alleen school security, zeg maar, en dan kom je binnen, dan ben je aan de andere kant van de beveiliging. In het begin van de dag is het meestal heel rustig, er zijn dan nog niet zoveel kinderen. Maar bij het derde of vierde lesuur dan begint het echt. In de gang, tussen de bel is het chaotisch, is het gewoon echt, echt druk.

Maar moet ik me dat voorstellen, zoals ik ook op mijn eigen school ken, kinderen die struikelend de trap op en af gaan, naar de hokjes gaan waar ze de spullen opbergen?

Ja, dat heb je ook. Kinderen die heel snel even iets uit de locker willen halen en dat soort dingen. Maar er zijn gewoon gang members daar.

Gang members

Gang members?

Ja, ja, bloods and the cribs,

En hoe herken je die?

Dat zijn de heftigste jongens van de school en heel vaak maken ze het expliciet met een rood iets op hun hoofd, of met een blauw iets, of ergens waaraan je kunt zien dát zijn de kleuren. De cribs zijn blauw, de bloods zijn rood. Ze domineren het openbare gebeuren, het trappenhuis of de gang.

Daar zijn ze heel dominant in?

Ja, ze zijn ontzettend aanwezig en nemen gewoon heel veel ruimte op en je wilt gewoon niet op de schoenen van die jongens trappen, per ongeluk, want dan kan het heel snel heet worden, zoals ze zeggen. Als alles cool blijft is er niet veel aan de hand.  Maar als het heet wordt …

Heet, escalatie, geweld

Heet, in welke zin?

Geweld, bijna geweld, bedreigingen dus, en het kan heel matig aflopen met een duw in de rug of zoiets, maar het kan ook gewoon … death threats en echte vechtpartijen …

U moet die jongens lesgeven, of u moest die jongens lesgeven, hoe gaat dat dan?

Het hangt ervan af. Er zijn lieve klassen, waar het meevalt, maar in het algemeen, heb je gewoon meer dan een of twee – laten we zeggen – moeilijke jongeren. En dat kunnen ook meisjes zijn hoor! En dan wordt het heel pittig. En dan een of twee van die probleemkinderen zoals ze zo vaak genoemd worden, dat gaat wel in een klas van 12, 15, 20. Maar zodra je 3, 4, 5, 6, 7 van dat soort  kinderen in een lokaal hebt! Ja, ik kon ze gewoon niet aan.

Ordeproblemen?

Alleen maar ordeproblemen. Schreeuwen, maar ook binnen en buiten het lokaal rondlopen. Helemaal niet vragen: “mag ik even naar de wc” of zoiets, maar gewoon rondlopen. Kinderen die gewoon op de gang lopen, kinderen die bang bang bang tegen de deur bonken, die steeds op zoek zijn naar vrienden, dat is gewoon chaos.

Dat is Amerika, dat is de street gang, dat is de achterstandsbuurt, u heeft ook in Amsterdam op een scholengemeenschap les gegeven. In de Bijlmer, Wij staan nu op dat schoolplein . Wat voor beeld tref ik daar?

De graad van agressie en angst is natuurlijk veel lager. Het is niet zo intensief. Er zijn geen pitbulls als je binnenkomt, er zijn geen duidelijke gang members met rood en blauw, en er is niet zo’n sfeer van angst. Je komt binnen, soms is het heel rustig bij de eerste bel, soms is het wat drukker bij de deur en wil iedereen naar binnen en dat kan een beetje elbows, dat kan een beetje agressief worden bij de deur. Soms komen kinderen massaal te laat binnen en dan rennen ze gewoon door de aula naar de eerste lesuur,en ze hopen gewoon dat de meester van de eerste lesuur niet zegt dat ze te laat zijn. En dat ze een briefje moeten halen.

Het klinkt als een gewone school.

Een gewone school in heel veel opzichten. Die andere school in de Bronx  had ook veel dingen van een gewone school, natuurlijk. Maar wat voor mij niet gewoon is, –  het is heel normaal als je het vergelijkt met De Bronx, maar als je het vergelijkt met een middenklasse school in een middenklasse dorp, wijk bedoel ik van Amsterdam, Rotterdam, New York is het ook zeer chaotisch. Er is ook veel angst, er is ook veel tijdverspilling vanwege ordeproblemen en af en toe wel serieus geweld.

Angst en stoerigheid

U zegt angst, dat woord noemt u nu al een aantal keren. Wat is die angst dan?

Dat is het gevoel dat je krijgt, dat heeft te maken met het klimaat. Dat is het gevoel wanneer je binnen een school bent. Gebaren van kinderen, uitspraken, half grapjes van “ik ga je slaan, ik ga je afmaken”. Dat soort dingen. Is het nou helemaal een grap van kinderen die schreeuwen door het trappenhuis, door de gang? Heel veel kinderen komen daar en ze kunnen gewoon niet geloven met wat voor soort lichaamstaal de kinderen tegenover de leraren doen.

Maar is dat een heel stoer gedrag?

Heel vaak wel, nogmaals, er zijn heel veel lieve kinderen op beide scholen – helemaal in de Bijlmer – die helemaal niet agressief zijn. Je moet niet het verkeerde beeld krijgen. Er zijn ook veel dociele, lieve gemotiveerde kinderen. Maar er zijn ook heftige jongens. Ook al zijn er geen street gangs, ook al is het geen South Bronx, er zijn hele heftige kinderen die gewoon, zoals ze zeggen in New York, hard zijn. Dat is een belangrijk woord.

Als ze hard zijn. Als ik nu het verschil zou moeten maken tussen die school en die in De Bronx en die in de Bijlmer, in Amsterdam, wat zou dan het verschil zijn?

Nou, minder angst, minder serieus geweld.

Wat zou de overeenkomst zijn?

Heel veel weggegooide tijd vanwege ordeproblemen en ook veel angst als je die twee scholen vergelijkt met een middenklasse school.

Kunnen de leerkrachten het aan?

En als je de leerkrachten zou vergelijken in Amerika en in Amsterdam, in Nederland? Hoe is het dan?

Nou heel veel overeenkomsten. Ik denk dat het gemiddelde leraren zijn, ik denk dat ik ook een gemiddelde leraar was.

Wat ben je als je een gemiddelde leraar bent?

Iemand die bijvoorbeeld een HBO opleiding heeft, of college in Amerika heeft gedaan en die de stof kent waar je het over hebt, geschiedenis of engels of what ever.

Maar zijn die uitgerust tegen die angst tegen die dreiging?

Sommige leraren wel, sommige leraren kunnen het heel goed aan. Sommige leraren kunnen zelfs in beide scholen met de moeilijkste jongeren en de moeilijkste groepen en de moeilijkste klassen iets magisch doen en dan is het heel positief en dan is het zelfs vrolijk in de klas.

Kon u dat?

Dat kon ik niet zo goed. Nee, wel met een of twee van die moeilijke kinderen in de klas, maar niet met zes of zeven, nee. Ik ben niet zo’n superleraar.

Hoe speelt men het spel?

U bent naast leraar ook onderzoeker in de sociologie. U hebt in Amerika lesgegeven u hebt in Amsterdam  in Nederland lesgegeven. Waar bent u naar op zoek? Wat is uw onderzoeksvraag?

In het engels hebben we coping strategies, dus manieren van omgaan met elkaar. Kijk, zelfs de meest problematische kinderen kunnen heel normaal doen, en hele normale uitspraken doen. De vraag is: waarom loopt het uit de hand? Waarom gaan deze kinderen problematisch gedrag vertonen? In wat voor situaties doen ze dat wel en in wat voor situaties doen ze dat niet?  En, in het algemeen, hoe gaan kinderen in dit soort gestresste scholen met elkaar om? Zij moeten gewoon door de dag. Hoe gaan ze dat doen? Met een soort dociele, zachte, lieve, gemotiveerde strategie, of gaan ze heel hard doen tegenover elkaar, tegenover de leraar. Ik vind het heel interessant om te zien hoe belangrijk voor die kinderen identiteit is, of het idee over ras. “Ik ben een echte neger” of ” Ik ben een nepneger”. Of dat nou echt belangrijk is in New York of in de Bijlmer? En waarom?

Heeft dat ook te maken met het feit dat u zelf in uw jeugd te maken hebt gehad met deze getto bewoners?

Ik heb mijn hele onderzoek een beetje geleefd. Ik ging naar een zogenaamde, in Nederland zou het genoemd worden een zwarte school. Ik ging naar een school waar het basketball programma heel goed was. In Amerika speel je bij school dus. Ik kwam aan als het enige middenklasse blanke kind op een school met zestig procent zogenaamde zwarten en iets van veertig procent latino’s. Dus ik zag ook, zoals ik vaak zeg (aan den lijve ondervonden) dat dag in, dag uit, niemand let op je huidskleur, op zo’n school.

Dat is niet belangrijk.

Wat bepaalt wel het onderlinge gedrag?

Het was totaal niet belangrijk. Het was: zij is mooi en hij kan goed basketballen. Of hij is grappig en zij niet. Maar dag in, dag uit, in the heat of the moment, want als je er echt zit, niemand denkt daaraan. Het is gewoon het buitenstaandersperspectief. O, dan is het heel belangrijk, etniciteit, en ze denken aan … Maar je als je er bent, ik vond het toen niet belangrijk en dat heb ik ook weer in mijn onderzoek gevonden, ze maken af en toe grapje over hoe belangrijk het is en over “ik ben Hindoestaan” en “jij bent Surinaams”. Maar dag in, dag uit, speelt het een kleine rol in de echte gedragspatronen van de kinderen.

Als ras of cultuur niet op een achterstand zetten, wat dan wel?

Is toen bij u de vraag ontstaan van hoe is het mogelijk dat deze kinderen die dus op achterstand gezet zijn vanwege het feit dat mensen naar hen als ras kijken, als etniciteit kijken, dat die het niet voor elkaar krijgen hogerop te komen in de Amerikaanse samenleving?

Ik denk niet dat dit zo’n enorm grote rol speelt. Dat men naar ze kijkt en denkt van “jij bent zwart” of “jij bent Latino” of “jij bent Aziatisch”. Ik denk niet dat dat de verklaring is van het feit dat ze niet omhoog klimmen. En ik denk ook niet dat dat de reden is dat heel veel van  bijvoorbeeld black people in Amerika wel omhoog klimmen. Ik denk dat we ook ergens anders moeten kijken. Het is geen positieve- of negatieve discriminatie. Het is veel meer: Hoeveel zelfcontrole heb je? Hoeveel zelfdiscipline heb je? Hoe dociel zijn je instincten, zijn je impulsen? Hoe explosief en hard zijn je impulsen?

Hoeveel zelfdiscipline je hebt bepaalt of je omhoog komt in de samenleving?

In de samenleving, zoals in Nederland en Amerika, ben ik er 100% van overtuigd dat om redelijk succesvol te zijn dat je heel veel zelfdiscipline moet hebben … emotionele zelfbeheersing, je moet vooruit kunnen denken en om dat te doen moet je je emoties onder controle kunnen houden in het hier en nu.

En of je nou zwart, geel of rood bent, dat maakt niets uit?

Absoluut.

Als we nu kijken naar het VMBO. Dat wordt bevolkt door kinderen die misschien die zelfdiscipline niet hebben. Het heeft niet te maken met ras of etniciteit. Het heeft misschien meer te maken met een gebrek aan opvoeding. Over wat voor kinderen hebben we het dan? Kunt u mij eens een beeld geven?

In plaats van opvoeding heb ik het meer over socialisatie processen. Maar dat is een klein verschil. Er zijn kinderen op beide scholen die ondergedompeld zijn in minder of meer chaos. Dus in de wijk, thuis, seksuele mishandeling, ouders met drugs problemen, etcetera. Ze zijn – heel kort samengevat – de weg kwijt. Ze hebben een lage graad van zelfdiscipline, van zelfbeheersing. Van zelfcontrole. Van emotionele beheersing.

Weinig zelfdiscipline en impulsbeheersing

Omdat ze dat niet geleerd hebben?

Nou, geleerd, ik heb het over internaliseren, je eigen maken. Ik denk dat er kinderen zijn op beide scholen die hele stabiele sociale relaties hebben geïnternaliseerd, ondanks het feit dat ze in De Bronx of in de Bijlmer zijn opgegroeid. Ze zijn ook minder explosief, minder hard dan heel veel andere kinderen en er zijn kinderen op beide scholen die ontzettend explosief zijn. Dat komt niet van de lucht. Het komt door hun geschiedenis. Ze zijn heel vaak blootgesteld aan een zeer gestresste thuissituatie: een oudere broer die coke dealt, een moeder die verslaaft is, een vriend van de moeder die een kind seksueel misbruikt als de moeder op vakantie is in Suriname. Dit soort dingen, dit  zijn gewoon kwetsbare kinderen.

Die groep explosieve kinderen die kinderen die dus niet die zelfregulering hebben dat zijn de kinderen die zorgen voor problemen op het VMBO?

Ja absoluut, en die de toon zetten. En nu komen we bij het grootste probleem. Dat heeft niet te maken met de officiële curriculae die ze aangeboden krijgen van de bouw of de opleiding, etc. etc. Maar ze hebben veel te veel vrijheid om de dienst uit te maken. Om de sfeer ….

Te veel vrijheid om de dienst uit te maken

Om de dienst uit te maken?

Nou ja, in heel veel opzichten wel, ja. Er zijn leraren die gewoon bang zijn voor die kinderen. Die dat gewoon uitstralen tegenover die kinderen. Tegenover de hele klas.

Omdat die kinderen zo groot en zo scherp zijn?

Nou ja, de gebaren, hoe hard ze praten in het algemeen, en er zijn ook regelmatig bedreigingen van  kinderen tegenover leraren. Soms expliciet en soms impliciet.

Kunt u daar een voorbeeld van geven?

Het is heel belichaamd. Hoe zeg je dat?

Is er wel eens een incident geweest?

Ja, ja, ik werd ook bedreigd, kinderen moesten nablijven van mijn moeilijkste klas, toen ik daar lesgaf…

In Amsterdam?

In de Bijlmer, daar heb ik het over, omdat ze moesten nakomen. Dat vonden ze helemaal niet leuk natuurlijk en ze moesten aan het werk en een jongen begon vragen te stellen. Goh, meester, u gaat met de metro naar huis hè? Ja, oh, ik ga mijn pistool pakken. Het klink als een grap misschien maar als je in zijn ogen kijkt en als je daar zit en als je ziet hoe die anderen kijken, dan ervaar je dat niet zozeer als een grap.

Hoe kijken die anderen dan?

Nou, misschien lachen of misschien heel blij dat iemand anders dat zegt maar vooral die jongen die dat tegen mij heeft gezegd …

Chaos, stress, escalatie

Hoe kijkt die jongen dan naar u?

Ja ijskoud, en bloedserieus. Dus op dat moment deed hij alsof dat helemaal geen grap was. Dus ja, dat pakt je wel je hele lichaam, je buik, je feelings, het is niet een rationeel iets van nu ga ik reageren met mijn normen en waarden en mijn preek, wat ik heb geleerd van mijn werk. Nee, je buik pakt je dan. Het is een emotioneel iets. Ik heb dus niet de disposities, niet de neiging om iemand te slaan of dat soort dingen. Ik ben ook zo dociel als die andere kinderen die ik beschrijf. Maar als je dat niet hebt en als je dat soort stressvolle situaties meemaakt en je bent echt explosief vanwege wat je hebt meegemaakt, nou dan kan dat heel snel mis gaan.

Ook bij u als docent?

Ja, docenten komen regelmatig in conflicten met leerlingen. Ik heb gewoon echte vechtpartijen gezien op de school in Zuid-Oost tussen leerlingen en docenten. Ik bedoel het gebeurt echt dat fysieke … dat het zo escaleert … dat het dan een fysieke component krijgt. Maak ook heel vaak net niet.

Maar toen die jongen tegen u zei: ik ga wel naar huis, ik ga een pistool pakken, dacht u toen bij uzelf hij gaat echt een pistool halen?

Het is vooral wat je voelt op dat moment. Het is gewoon een soort narigheid in je buik, een onzekerheid, een angst, het pakt je gewoon onder je nek, ergens in je buik. En dat is voor mij misschien wel de grootste les. Dat is wat die kinderen niet mee moeten maken, dag in, dag uit. Dat soort chaos, dat soort angst, dat soort gevoelens. En de leraren ook.

Wat is er aan te doen?

Ik ben in gesprek met socioloog Bowen Powell, die onderzoekt hoe kinderen zich handhaven op probleemscholen zoals het VMBO. Uit zijn onderzoek blijkt dat maar 5% à 10% van de leerlingen op het VMBO zich misdraagt. Wat moet je doen met die kleine minderheid?

Ik vind wel dat de echte, echte kern heel klein is. Die moeten voor mij naar speciaal onderwijs. Ze mogen niet de hele VMBO school verpesten.

En dat doen ze volgens u op dit moment?

Teveel, niet altijd bij ieder lesuur, niet altijd bij iedere interactie, op iedere gang, etc. etc. Maar heel vaak heeft het een enorm groot effect. Bijvoorbeeld in de aula, je gaat een broodje halen, naar de kantine, je hebt gewoon te maken met een kind dat bijvoorbeeld net van de basisschool komt en met een kind van zestien, zeventien die echt hard en gevaarlijk is. Dan wil je geen broodje halen.

Civilisatieoffensief

Daarom zegt u die kinderen die moeten ze eruit trekken!

Ideaal zal zijn dat alle kinderen toegang hebben tot rustige scholen met niet meer dan een beperkt percentage kinderen met achterstand situaties. Dan geef je ze een echte kans en, als ze het niet redden, dan haal je ze eruit. Maar gezien de huidige situatie, met heel veel kansarme kinderen geconcentreerd in de niet gewilde VMBO scholen, moet ik wat lager mikken. Dus ja, ze moeten kansen krijgen in een normale VMBO school. Maar als het keer op keer blijkt dat ze gewoon te agressief zijn, dat ze te hard zijn zoals die kinderen zeggen, ja, dán moeten er maatregelen genomen kunnen worden om de andere 95% van de kinderen, zeg maar, te helpen of de kans te geven naar een normale school te gaan.

Stel nu voor dat u met minister Van der Hoeven van Onderwijs een half uur zou mogen praten, u zou advies mogen geven, hoe je dan …

In termen van langere termijn projecten, ik zou Van der Hoeven adviseren om goed te kijken naar mogelijkheden om kinderen te spreiden op basis van, bijvoorbeeld, inkomen of onderwijsniveau van ouders. Dat is waar we heen moeten in de komende jaren. Maar op de korte termijn, gezien de crisissituatie waar we nu in verkeren, zal ik met haar willen praten over mogelijkheden om bepaalde kinderen uit het VMBO systeem te halen. Als het blijkt dat het niet kan bijvoorbeeld een time out project opzetten. Een soort cool down project opzetten.

Cool down, time out, tucht

Wat is dat? Hoe werkt dat?

Er zijn kinderen die onhanteerbaar zijn, die steeds de les uitgestuurd worden of die steeds leraren bedreigen of die agressief worden met een andere leerling. Ze hebben in heel veel scholen in Nederland time out projecten.

Dan haal je een kind uit de klas.

Precies. En dan kun je misschien voor een lesuur of voor een halve dag of misschien voor een hele dag naar dat  time out project. Nou als je niet in staat bent om  kalm  te doen in het time out project, kamer zeg maar, dat gebeurt namelijk, dan moet je wat mij betreft weg. Dat is je laatste kans, dan moet je weg.

Weg van school?

Ja bijvoorbeeld.

Maar waar gaat zo’n kind dan heen?

Dat is het grote probleem voor die drie, vier, vijf, zes  procent, wat we daarmee moeten. Maar dat is wel net even een ander probleem. We kunnen ook uitgebreid daar over praten. Maar ik wil graag over die  95% praten, die krijgen te weinig aandacht. Ook niet allemaal super lief en gemotiveerd, maar …

Waarom zeggen die 95% niet tegen die andere 5% “kap er nou eens mee”.

Er is niet zo’n duidelijk scheiding van wij en zij, het is allemaal heel grijs. De harde kern, dat zijn de kinderen met de meeste macht in de school. Fysiek maar ook symbolisch. Wat is cool, wat is niet cool. Ze hebben de mooiste gympen, ze gaan met de mooiste jongens of meisje, etc. etc. Ze hebben de meeste status. En ook gewoon heel simpel ze zijn het meest hard en groot sterk en agressief, en het is dus heel moeilijk voor de anderen, ze zijn niet georganiseerd, ze hebben geen vakbond of zo. Moeilijk voor de andere 95 om te zeggen “hé jullie, doe even normaal”.

Zonder consequente disciplinering geen verbetering

U zegt: haal die leerlingen, dat kleine maar sterke groepje, haal die nou uit de school.

Als ze hun kansen hebben gehad, als blijkt dat de maatregelen die ze hebben genomen, bijvoorbeeld met een time out project, dat dat niet werkt om ze op het goede pad te krijgen, dan moet de directeur op gegeven moment kunnen zeggen: met deze jongen en echt met meisjes ook, dan moet je kunnen zeggen: “ook al heb ik geen andere school die mijn boefje wil ruilen voor een ander boefje”, want dat is het systeem nu, “hij moet toch van school”. Ik heb keer op keer op keer gehoord dat leraren gewoon bang waren voor bepaalde studenten, dat ze zeiden tegen de directeur: “hij of zij mag gewoon niet meer in mijn lokaal” dat de directeur zegt: “oké, even twee dagen of zoiets maar maandag moet hij wel weer terug”.

Waardoor dus ook die leraar ontzettend gestresst wordt.

En je hebt hem eruit gestuurd en gezegd “jij komt echt niet meer terug” en hij komt weer terug.

VMBO verwordt anders tot vergaarbak

Er is een wet die voorschrijft op dit moment aan scholen dat een leerling die ze verwijderen dat ze die moeten plaatsen op een andere school.

Precies, en dan als je dat hanteert dan durf ik te zeggen dat je bezig bent educational dumping grounds te creëren want die andere scholen, havo scholen vwo scholen …

Zo hou je achterstand scholen in stand.

Nou achterstandscholen, in de inleiding zeiden we al vergaarbakken, want die kunnen niet hun moeilijkste 5% of zoiets aan iemand anders geven. Maar die vwo scholen, of het gymnasium, die kunnen natuurlijk wel zeggen: “je bent niet echt een vwo leerling, we zien het aan jou gedrag”, dan gaan we naar de havo,”oh, je bent niet echt een havo leerling, misschien moet je het bij het VMBO proberen”. Je kan niet echt ergens heen. Dat is dus echt duidelijk de onderkant van het onderwijssysteem. Dit zijn echt probleemkinderen met emotionele- en gedragsproblemen, die moeten gewoon ergens heen waar ze hulp krijgen.

Zelfdiscipline en goed gereguleerde sociale situaties

Moet ik me dan voorstellen dat ze naar tuchtscholen moeten?

Nou bijvoorbeeld. Ik zei al, we kunnen heel lang hier over praten maar die kant moet we op. Zoals in  Amerika, daar hebben we een soort military academy. Ik denk gewoon dat die 5% moet krijgen wat ze nodig hebben. En dat is structuur, dat is steun, dat is gewoon duidelijkheid, dat zijn duidelijke regels. Je kan het heel links zeggen met steun, je kan het heel rechts zeggen met zelfdiscipline, maar uiteindelijk is het hetzelfde. Ze moeten gewoon stabiliteit, voorspelbaarheid, veiligheid, goed gereguleerde sociale situaties hebben. Dat moeten ze langzaam internaliseren. Ze moeten minder hard worden.

Als die kinderen dus niet uit de klas gehaald worden, die minderheid, als die kinderen dus niet op die tuchtschool komen maar blijven rouleren in het schoolsysteem in Nederland, wat voor toekomst hebben we dan in Nederland?

Dan is de VMBO gewoon niet te redden, daar ben ik van overtuigd. Ik bedoel redden,dat impliceert dat het een 100%  catastrofe is, dat is het niet. Er zijn natuurlijk ook positieve klassen, etc. etc. Maar we gaan geen fundamentele verbeteringen zien in het VMBO als dit niet gebeurt.

Normen en waarden, onzin. Rust en regelmaat in de relaties!

Ik heb nog een andere vraag. Er wordt op dit moment heel veel gediscussieerd over VMBO scholen, over onderwijsvrijheid in Nederland, over zwarte scholen. Ben jij in de periode dat je les gaf, bijvoorbeeld in Amsterdam, wel eens een beleidsman tegengekomen of een politicus die bij u op school kwam kijken, zo van “hoe gaat het hier eigenlijk?”

Niet alleen de politici maar ook de journalisten en de wetenschappers ontbreekt het aan gevoel van wat daar echt speelt. Men springt veel te snel naar de bekende conclusies. Dus bijvoorbeeld onze welbekende Murat D. schiet iemand neer en hij is meteen een Turk. Hij is meteen een Turk van een zwarte school. Alles is de Turkse eerwraak, cultuur, etc. Ik ben ervan overtuigd dat als de wetenschappers en als de politici, als de mensen die schrijven in de kranten, als ze daar een tijdje zouden werken, als ze daar zouden voelen hoe het daar aan toe gaat, dan zouden ze veel minder snel praten over huidskleur, over culturele etniciteit over normen en waarden, maar veel meer over emoties en over de beheersing van emoties. Het is geen kwestie van normen of waarden of van cultuur. Laten we de kinderen een veilige, een goed gereguleerde omgeving bieden of ze nu wit of zwart of what ever zijn. Rust, regelmaat, en reinheid zeg ik heel vaak. Dat is  wat ze nodig hebben!

Bowen Paulle, dank voor het gesprek. Sterkte met uw sociologische onderzoek naar de vraag hoe kinderen zich handhaven op probleemscholen in New York en Amsterdam.

Bowen Paulle is bezig met de afronding van zijn dissertatie over bovenstaande vraagstukken.

Zie ook de onderwerpen Kernwaarden en Verwaarlozing en organisatierot in de kennisbank van ManagementSite.

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Mijn eerste reactie was: nee hé, niet weer de discussie over, de kwaliteit van c.q. de vervelende ‘kids’ in, het VMBO onderwijs. Deze discussie wordt zo langzamerhand een maatschappelijke discussie. Zelfs een gerenommeerd damesblad als ‘Margriet’ besteedde er recent een bijna volledige uitgave aan (Overigens schrijft therapeut Annette Heffels daarin, en daarover, een leesbaar artikel.). Op deze manier wordt het bezoek van een leerling aan het VMBO onderwijs een stigma die (ook) ouders met ‘would be’ VMBO leerlingen gaat traumatiseren: ‘Neen, mijn kind gaat zeker niet naar het VMBO!’ (Maar waarheen dan wel??). En wie is met deze besluiteloosheid geholpen, zowel praktisch als emotioneel? Ik denk niet de betrokken leerling, zeker niet als er ook nog eens een verkeerde onderwijskeuze wordt gemaakt.
Soms dreigen we te vergeten dat ook onze mannelijke (én niet te vergeten vrouwelijke) studenten, die daarvoor ‘veel aan Bacchus offerden’, de boel aardig op stelten kunnen zetten.
‘Gelukkig’ focust het interview zich gaandeweg op een vergelijking tussen ‘Bijlmer’ en ‘Bronx’. Een vergelijking die m.i. toch mank gaat, niet alleen voor wat betreft de Europese en Amerikaanse cultuurverschillen maar ook in de verschillen tussen de omstandigheden waarin kinderen binnen deze 2 wijken opgroeien. Wat verkiest u, een wandeling in de Bijlmer of één in de Bronx?
Om ‘het’ dan tenslotte op te hangen aan een nalatigheid in de opvoeding door de ouders, da’s voor mij ook nog eens te kort door de bocht. Een, deels op waarheid gebaseerde, film als ‘Van God Los’ laat voor een ieder die er niet mee bekend is fijntjes zien dat het opvoedingsprobleem in alle milieus kan voorkomen.
Misschien ligt de oorzaak van een gebrek aan Normen en Waarden wel in het feit dat hoe beter dat wij het krijgen, wij Nederlanders steeds botter worden.
Je hoeft niet eens zo ver te reizen om je te realiseren dat mensen met een aanzienlijk lagere welvaart, een stuk aangenamer kunnen zijn (maar dan maar emigreren da’s ook zal zoiets).
Mijn antwoord op de vraag is dan ook: een besef van Normen en Waarden helpt zeker! We hebben dan met z’n allen (en niet alleen VMBO leerlingen) nog ‘heel wat werk aan de winkel’.
Dat zal wellicht lastig zijn want, om een uitspraak van een kennis van mij aan te halen, je kan een vis namelijk niet vertellen dat hij van geluk mag spreken dat hij in water kan zwemmen (dat doet ie toch al).

Willem Scheepers (o.m. universitair docent)

I admire Dr. Paulle´s courage to talk about such tabu issues as `Zwart en Witte` schoolen in Holland, since Nederlanders jump right into the defensive when people bring up the social problems here existent. The Dutch do not admit that there is an apartheid in Holland, and that they play a huge role in it. They like to say that immigrants refuse to integrate, but in reality, immigrants are not well accepted here. Actually, immigrants here are often barred from access to education, higher education and better jobs. The Dutch do not believe that foreigners also have the capacity to occupy better job positions, to attend university due to their poor ability to communicate in Dutch and the children of immigrants are often advized to attend classes of lower levels despite their high scores on the citotoets.

Dutch people shold not try to make believe that Holland is a perfect country. There are no perfect countries, but if there is a chance to better the quality of life in this society, people should just give in and try to do their best to end segregation in the educational system and in othe aspects of society.

Remember, that you see foreigners as inferior, incapable, aggressive, lazy, dishonest, and unreliable, but the truth is that not every foreigner living here have these qualities.

There are a lot of Dutch people living abroad as well, and because they are white, because they had access to education, they are able, in most instances, to make a living abroad.

Be more compassionate towards the people who bring color to your country and give them a chance to show that they also have talents and the capacity to succeed if they are not boycoted.

[…] ken meerdere professionals – zoals Marc Oskam en Bowen Paulle – die hun ervaringen op dit terrein met ons delen. Uitingen als het  “Handboek […]

x
x