Onlangs las ik de aanduiding ‘vernetwerkte zwerm van organisaties’. Misschien komt het door het allitererend gebruik van de korte klinker e, misschien ligt het aan de stapeling van medeklinkers, maar wat klinkt het gewrongen! Het komt je mond bijna niet uit. Het is teveel van het goede. Of ligt het misschien niet aan de klank van de woorden en de moeizame articulatie ervan, maar aan de combinatie van afzonderlijke betekenissen die even complex is als het verschijnsel waar het naar verwijst? Het zou zo maar kunnen. Een goede reden om de combinatie nader te onderzoeken.

Ik las de aanduiding ‘vernetwerkte zwerm van organisaties’ in een artikel van Xandra van Praag, in haar functie van NVTZ Brancheambassadeur Eerstelijns. Het artikel draagt de titel: Toekomstgericht toezicht houden over de grenzen van de eigen organisatie heen! (1) (De titel bevat een interessante spanning: het gaat om een ‘toekomstgerichte’ activiteit met een urgentie in ‘het heden’ – zie het uitroepteken. Achterover leunen is not done, er is geen seconde te verliezen.)

De passage waar ik op doel, luidt voluit: ‘De opgave is niet meer van een zorgorganisatie alleen, maar van een vernetwerkte zwerm van zorg- en overheidsorganisaties, professionals en verzekeraars die hun gedrag op elkaar af proberen te stemmen.’

Lees ook:

Gebruik het zelfherstellend vermogen van de organisatie

Ik begrijp de problemen die worden besproken en twijfel geen moment aan het belang ervan en aan de noodzaak tot reflectie daarover. Het is het beeld dat Van Praag, haast terloops, gebruikt: ‘de vernetwerkte zwerm van organisaties’.

Mijn aandacht wordt allereerst getrokken door het woordje ‘zwerm’. ‘Zwerm’ geldt hier als een metafoor – een interessante keuze want eentje met veel potentie waar de auteur helaas niet veel mee doet. Voor nu vraag ik uw aandacht voor de combinatie van woorden waarin de metafoor is ingeweven.

‘Vernetwerkte zwerm van organisaties’ (gemakshalve met inbegrip van ‘professionals en verzekeraars’) – ik lees hierin drie afzonderlijke woorden die bijeen worden gehouden door het verbindingswoord ‘van’: vernetwerkte, zwerm en organisaties.

Wanneer we inzoomen op het eerste woord, ‘vernetwerkte’, dan zien we opnieuw een combinatie van meerdere woorden: ‘net’, ‘werk’, ‘netwerk’ en vernetwerkt. Het woord ‘vernetwerkte’ is een voltooid deelwoord in de functie van bijvoeglijk naamwoord bij het zelfstandig naamwoord ‘zwerm’. Aan ‘vernetwerkte’ ligt de infinitief vernetwerken ten grondslag waarbij het voorvoegsel ‘ver-‘ op zich ook weer als betekenisdragend kan worden opgevat (denk aan ‘worden’ en ‘verworden’, ‘gaan’ en ‘vergaan’). Overigens, het werkwoord ‘vernetwerken’ is naar mijn weten niet erg courant.

Om de zaak nog wat ingewikkelder te maken: ook een ‘organisatie’ is als (enkelvoudige) entiteit alleen al goed te beschouwen als een samenhangend ‘netwerk’ van expertises. Daar komt nog eens bij dat een ‘zwerm’ duidt op een ‘organisatiepatroon’ met een zeer specifieke samenhang tussen de componenten – een samenhang die bepaald niet strookt met die van een netwerk.

Een netwerk is een weefsel, zoals een net dat is, een horizontale en verticale aaneenschakeling van knopen. Waar de kracht van netten berust op de kwaliteit van de knopen wordt het succes van netwerken bepaald door de onderlinge draden tussen de knopen. Waar netten een hete structuur en een zekere duurzaamheid hebben, zijn netwerken in de regel fluïde, tijdelijk van aard en met lage in- en uittrede-drempels. Netwerken ontlenen hun succes aan de tweede woordcomponent: ‘werken’. Het substantief ‘netwerk’ leeft bij de gratie van het succes van het werkwoord ‘netwerken’.

In een zwerm heersen andere regels. Discipline, afstemming, parallellie en synchroniciteit zijn daar sleutelwoorden. Er is geen goddelijke hand die de zwerm stuurt. Evenmin is daar de onzichtbare hand van de markt. Het is het aangeboren gedrag van elke vogel afzonderlijk dat een ‘natuurlijke’ deelname aan de zwerm mogelijk maakt waardoor deze geborgenheid en bestaanszekerheid biedt.

‘De vernetwerkte zwerm van organisaties’: we zien al met al een stapeling van betekenissen waarin zowel verdubbeling als uitsluiting aanwezig zijn. Het schuurt tussen ‘netwerk’ en ‘zwerm’. Die twee verdragen elkaar niet. Het zijn magneten die elkaar afstoten. En precies in de combinatie van die twee ligt de kracht van de uitdrukking en ontstaat er nieuwe betekenis.

De ‘vernetwerkte zwerm van organisaties’ is een oxymoron, een stijlfiguur waarin een combinatie van twee elkaar uitsluitende componenten een nieuwe betekenis genereert. Denk aan ‘oorverdovende stilte’, ‘georganiseerde chaos’ of aan ‘publiek geheim’. Maar het is, wat mij betreft, wel een draak van een oxymoron, niet alleen fonologisch en semantisch, maar ook en vooral van het verschijnsel waar het naar verwijst.

(1) https://www.nvtz.nl/nieuws/191-toekomstgericht-toezicht-houden-over-de-grenzen-van-de-eigen-organisatie-heen

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

x
x