Channels

“Stel je voor dat we er samen voor zorgen dat in de regio Nijmegen ieder kind en iedere jongere zijn talenten kent en de kans krijgt die te ontwikkelen.” Dit was de droom van de toenmalige wethouder (Henk Beerten) van Onderwijs van Nijmegen (daarna omarmd door wethouders Renske Helmer en Grete Visser). De ambitie werd door onderwijssectoren warm ontvangen: van kinderopvang, primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar- en hoger onderwijs tot de Radboud Universiteit.
Dit gebeurde vanuit een diep besef dat onderwijsinstellingen te zeer uitsluitende systemen zijn; als je er met jouw talenten niet precies inpast, dan val je buiten de boot.

Inmiddels is Ieder Talent Telt (in de volksmond: ITT) een indrukwekkende beweging met duizenden betrokkenen. “Dankzij ITT durf ik nu te zingen voor een publiek”, zegt de 12-jarige Dylan als gast van een groep nauw betrokken bestuurders.

Deze bijdrage is geschreven door zes auteurs, in verschillende rollen betrokken bij de beweging. Naast de twee genoemde auteurs zijn dat Thijs Leenman, Ida Oosterheert, Merel van der Wal en Rick van Hoeij.

Met steeds meer mensen al doende leren.

Hoe kan dat?

De energie bij ITT is voelbaar. Duizenden mensen die in eerste instantie weinig met elkaar te maken hebben, zijn samen op allerlei plekken -online en offline- bezig met experimenten en initiatieven. Op verschillende manieren, met als gezamenlijke ambitie om kinderen en jongeren de kans te geven hun talenten te ontwikkelen. Of … eigenlijk is het een beetje groter geworden.

Lees ook:

De veranderlessen van het Coronavirus

Het gaat inmiddels al lang niet meer om kinderen en jongeren alleen; mensen van alle leeftijden zetten hun talenten in voor ITT.

In de beweging spelen zogenaamde broedplaatsen een belangrijke rol. Dit zijn plekken waar mensen bij elkaar komen om te leren en nieuwe initiatieven op touw te zetten. Zo is er ook een bestuurlijke broedplaats, waar de bestuurders van betrokken instellingen reflecteren op de rol die zij willen spelen in de beweging. Een andere wezenlijke rol is weggelegd voor de Community Builders: mensen met heel verschillende achtergronden die zich bovengemiddeld inzetten om mensen bijeen te brengen rondom inspirerende initiatieven.

Wat maakt dat zoveel verschillende mensen elkaar op zo’n manier vinden? Met een groep betrokkenen brachten we de rode draden in kaart waardoor een aansprekend idee zich ontwikkelde tot een aangrijpende beweging.

1. Bewegen vanuit een vlek op de horizon

Ga er maar aanstaan. Een ambitie formuleren waarvoor duizenden verschillende mensen zich met hart en ziel willen inzetten. Bij ITT is het gelukt. Een vraag die nogal eens opduikt wanneer het gaat over ITT is: “Maar wat is nu precies het concrete doel?”. Het aardige is dat iedere ITT-er deze vraag net weer anders zou invullen. Geen concreet doel, maar een vlek op de horizon: wij zien ieders talent en helpen elkaar dat te ontwikkelen. Het lijkt nogal een uitdaging om met zo’n abstractie bestemming op pad te gaan. Tegelijkertijd is dit nu precies de kracht van deze vlek op de horizon: het biedt ruimte om aan te sluiten bij de bezieling van ontzettend veel mensen. Juist door het doel niet te vernauwen, wordt het speelveld ruimer.De gezamenlijke bestemming van ITT vindt zo aansluiting bij een divers publiek. Of het nu gaat om een studie-onderbreker die op zoek is naar zijn bestemming, een manager die zich zorgen maakt over drank- en drugsgebruik van scholieren, of een moeder die geen zangles kan betalen maar wel een podium zoekt voor de zangtalenten van haar zoon, iedere betrokkene bij ITT voelt zich aangesproken door deze gezamenlijke bestemming. En het mooie is dat de bestemming weer concreet genoeg is om die te vertalen naar de realiteit van vandaag: iedere dag kunnen we de bestemming tot leven roepen met concrete initiatieven die ertoe doen.

2. Klein beginnen, gewoon doen

De ITT-benadering druist in tegen het klassieke gedachtegoed van het realiseren van veranderingen. Dikke plannen schrijven, draagvlak creëren, anderen overtuigen, zomaar een greep uit de strategieën die vaak worden toegepast.

Een betrokkene: ‘Bij ITT zijn we gewoon maar begonnen – op straat, in de wandelgangen van scholen en andere publieke instellingen. Maar ook op de markt en bij de kapper. Zonder volledig uitgedacht plan. Kleine initiatieven starten, mensen samenbrengen en dan maar zien wat ervan komt. Sommigen experimenten werkten, anderen niet. Met die ervaring werden nieuwe initiatieven gestart. Initiatieven waaraan iedereen mee mag doen, onderdeel van mag zijn en zelf de regie mag nemen’.

Een mooi voorbeeld is het huiskamerfestival in de Nationale Onderwijsweek in Nijmegen. Hoe ontstaat zo’n idee? Dat begint met een oproep in een app ‘wie heeft zin om een avond samen te zijn? Er volgt een datum – er komen appjes en iemand regelt via-via een kookstudio om samen te koken en te eten. Dan zijn er auto’s nodig en moeten er jongeren opgehaald worden. Er worden welzijnswerkers en ouders geïnformeerd want iedereen mag mee (ook als er speciale omstandigheden zijn – we fixen het gewoon)!

Wanneer er een nieuw initiatief wordt gestart en een tijdje loopt, reflecteren we: ‘wat vonden we hiervan, wat werkte, wat niet, wat beweegt mij en wat beweegt ons?’ Dat is een aanpak die ook veel door design thinkers wordt gebruikt: experimenteren, reflecteren, experimenteren, reflecteren. Zeker nieuwe initiatieven, waarvan de uitkomst nog niet te voorspellen is (het is immers iets nieuws) hebben baat bij kleine stappen met snelle aanpassingen. Door tijdens en na een experiment te reflecteren op wat wel en niet werkte, is het mogelijk om direct kleine aanpassingen te doen. De reflecties laten zich binnen ITT niet plannen maar lijken te ontstaan. Deze reflecties ontstaan niet op geplande bijeenkomsten maar doordat ITTers elkaar uitnodigen op de plekken waar zij leven, werken en wonen. Een betrokkene: ‘ik ging een spreekbeurt voorbereiden bij een ITT-er thuis en zo ontdekte ik de verschillen in achtergrond en opvoeding waardoor ik een andere kijk kreeg op de leraar die ik wilde worden’.

3. Mensen en werelden bij elkaar brengen

Dat iedereen mee mag doen is kenmerkend. In de gezamenlijke ambitie om ieder talent in deze maatschappij tot bloei te laten komen, ontstaat er ontmoeting. Tussen verschillende leefwerelden, instituten en organisaties die elkaar zonder deze ambitie niet of nauwelijks zouden ontmoeten. Maatschappelijke en culturele grenzen worden fluïde.

Dat was terug te zien tijdens de eerdergenoemde meeting in een kookstudio. Iedereen had die avond een foto mee genomen van zichzelf. Eén van de jongeren opende het diner met een speech en zijn foto – het werkte aanstekelijk – want alle deelnemers gaven een speech. In dit samenzijn ontvouwde zich het idee van ‘het huiskamerfestival’. Gewoon een festival waarin je aan iedereen vraagt om zijn of haar talenten mee te nemen en dan zie je wel wat ervan komt. En zo fantaseerden ze er de hele avond op los; een levensgroot kunstwerk maken, feest vieren in het N.E.C. stadion, Rosenmoller bellen om hem te verleiden om te komen, een oproep plaatsen zoals ‘Heel Nijmegen Bakt’ (want we moeten wel wat te eten hebben) en anderen vonden het de hoogste tijd om de ambtenaren van het Ministerie van Gelijke Kansen  een bezoekje te brengen (zo gezegd zo gedaan, trouwens). Daarna gingen allerlei jongeren aan de slag – eerst met draaiboeken. Maar aan de draaiboeken hielden de mensen zich niet. De draaiboeken maakten al snel plaats voor beweeg-, doe-, denk- en eetsessies. Er onstond – al doende – een weg naar de Nationale Onderwijsweek.

4. Contact is het startpunt

Bij ITT is contact het uitgangspunt van samenwerking. Een bezoek aan een buurtgenoot kan zomaar uitmonden in het leren kennen van elkaars levensverhaal. Deze onderlinge verbinding lijkt aan te sluiten op een behoefte die leeft in de samenleving. Hoe vaak vragen we elkaar nog echt hoe het gaat? De ITT beweging is niet gestoeld op zakelijke transacties en ‘voor wat hoort wat’, maar op onderling vertrouwen en een gemeenschappelijk doel. Die erkenning voor wie je bent als mens, in plaats van (alleen) wat je te bieden zou hebben, motiveert.

Een mooi voorbeeld hiervan zijn ‘de dames van de halal kippensoep’. De programmaleider was op zoek naar mensen in de stad die zin hadden om iets lekkers te maken voor een sessie. Eén van de onderzoekers pikte dit bericht op – vroeg aan een moeder op het schoolplein of zij zin had om iets te doen…… een paar dagen later werden er in de huiskamer van de schoolpleinmoeder ideeën bedacht. Dit bracht het gezelschap bij een vriendin van 53 die door omstandigheden weer even bij haar ouders van 80 was ingetrokken. En zo verplaatste het hele gezelschap zich weer naar een andere huiskamer.Onnavolgbaar bijna, maar voor alle partijen van betekenis.

Meetings vinden vaak plaats aan de eettafel of openbare ruimte in de stad. Betrokkenen worden uitgenodigd bij mensen thuis, in een park en onder het genot van een maaltijd worden plannen op een creatieve manier verder gebracht. Niet met een vooraf opgestelde agenda, maar in de ontmoeting met elkaar en met de spullen in je tas en jaszak worden ‘beweegplannetjes’ gelegd zodat iedereen weer kan voelen waar we naartoe willen bewegen. Deze beweegplannetjes kent allerlei vormen – de vorm ontstaat tussen de mensen die aan iets werken. Iedereen die heeft bijgedragen aan dit artikel weet vast nog waar de bemoeienis met deze tekst is ontstaan…

5. Elkaar optillen

Dat talentontwikkeling de bestemming is van ITT heeft tot gevolg dat ieder mens zoveel mogelijk wordt gezien en opgetild in zijn of haar talenten. En ieder doet dit ook bij anderen, of leert dat te doen. Dat geeft wederzijdse zingeving: je maakt een verschil in iemands leven, hoe groot of klein dan ook. Hetzelfde gaat op voor groepen mensen of instituties: de specifieke kwaliteiten van onderwijs-, zorg- en welzijnsinstellingen worden wederzijds erkend en gewaardeerd in plaats van – zoals nogal eens – gepolariseerd. Door elkaar zo ‘op te tillen’ komt ruimte vrij voor het benutten van elkaars talenten, voor het doorbreken van grenzen om meer ruimte te geven aan talent.

Zo kijkt ook de programmaleider terug op haar 24-7 mentaliteit bij het realiseren van deze beweging. Zij is door tijdgebrek haar ‘solo vrijwilligerswerk’ bewust gaan meenemen in haar werk. Zo trof zij een collega van het ROC met zijn klas op avontuur waardoor zij in contact kwam met één van de jongeren. Hij vertelde dat hij van school ging omdat hij zijn bestemming kwijt was door het overlijden van zijn broertje als gevolg van radicalisering. Hij werd actief in ITT: hij hielp vmbo-leerlingen aan stages en nam ze onder zijn hoede mee naar het Ministerie van Gelijke Kansen, hij was mede-initiator van het Doe Ieder Talent Telt team, de inspirator voor het leeravontuur naar Rotterdam. Ieder Talent Telt was voor hem een vrijplaats om op adem te komen en te ontdekken wat hij wilde. Zoals hij om anderen heen ging staan, zo deden wij dat als vanzelfsprekend voor hem. Want het bleek nog niet zo eenvoudig om hem weer op te laten nemen in de systemen van het onderwijs door regelgeving en ander coördinerend ongemak. Na enige tijd wilde zijn moeder weten wie ‘die vrouw’ was en kwam de programmaleider als gast in dit gezin, waardoor ook voor haar nieuwe werelden werden ontsloten.

6. Je rol zet je in, je bent het niet

Bij ITT ben je in de eerste plaats betrokken als persoon en niet als functionaris. Maar de betrokken mensen vervullen daarnaast natuurlijk ook een of meerdere rollen in hun leven: bestuurders, docenten, welzijnswerkers, hobbykoks, moeders, vrijwilligers, … Sterker dan waar ook geldt binnen ITT: ‘Je zet je rol in, je bent het niet’. Hiermee wordt bedoeld dat je je niet laat voorstaan op je rol, noch dat je je er al te zeer aan hecht. Want wat nu, als je een hoop ideeën hebt die buiten deze rol vallen? Dan zou er een boel inspiratie, innovatie en motivatie verloren kunnen gaan. En soms kunnen die rollen heel functioneel zijn voor ITT, omdat je mensen aan elkaar kunt verbinden, werelden voor elkaar kunt ontsluiten, of initiatieven net wat gemakkelijker van de grond kunt krijgen. Zo kunnen onnavolgbare netwerken ontstaan die met ‘licht en lucht’ gestuurd worden.

Het is een netwerk van mensen met een ITT-feeling die steeds zelf beslissen of en hoe zij privé- en werkrollen met elkaar combineren.In praktijk zijn de rollen in de gewone ‘werkwereld’ en die in ITT soms nog best lastig te combineren. Dit wordt zichtbaar bij de professionals die zich met hart en ziel inzetten voor hun werk. Er is een ogenschijnlijk onzichtbare wereld tussen professionals. In deze ‘werkwereld’ kun je deze docenten, maar ook zorgprofessionals en welzijnswerkers beschouwen als een soort ‘Mees Kees’. Dit zijn professionals die elkaar herkennen zonder woorden. Ze doen iets wat niet in de lijn is met de activiteiten waarvoor zij worden ingehuurd. Het is onzichtbaar werk: ‘we praten er niet over aan de managementtafels.’ Het besef dat het maken van echte impact verder gaat dan het vervullen van je rol in de normale werkwereld, leeft breed bij ITT.

7. Creatief en ontregelend

Ontmoetingen bij ITT zijn creatief, ontregelend en daardoor ook uitdagend. Waar je zou verwachten dat vooruitgang vooral vraagt om vergaderingen met rondvragen, gaat het hier net even anders. Alleen al het regelen van meetings en traditionele vergaderingen vreten tijd en roepen agenda ergernis op. Want voordat je het weet, is je tijd gevuld met het beantwoorden wie nu precies de opdrachtgever is, hoe de koffie en thee in rekening kunnen worden gebracht en of die persoon echt wel uitgenodigd moet worden.

Hoe beweegt ITT verder

Na vier jaar ITT is de balans opgemaakt. ITT is een prachtige beweging. Het heeft creërenderwijs talent in de stad ruimte gegeven. Daar zijn we trots op. Na een onstuimige start met een enorme groei aan broedplaatsen is de volgende fase erop gericht dat het ITT gedachtegoed binnen en tussen de onderwijsorganisaties meer voedingsbodem krijgt en a way of life wordt.

De leeravonturen zijn hier een mooi voorbeelden van. Daarin organiseren leerlingen en studenten voor en met elkaar een leeravontuur voor een specifiek thema. Recent ging het over stress & burn-out. Hierbij gaan allerlei jongeren met elkaar het leeravontuur aan. Grenzen van schoolsystemen worden daarbij geslecht. En in een recente bestuurlijke broedplaats is een initiatief geboren waarbij een nieuw keuzedeel in het VO, over technologie en digitalisering, ‘stadbreed’ wordt aangeboden en daarmee open staat voor een brede groep geïnteresseerden.

ITT kan als inspirerend voorbeeld dienen voor de brede dialoog over de toekomst van ons onderwijs, zoals onlangs aangewakkerd door een coalitie van (onderwijs)partijen in hun discussiestuk Toekomst van ons onderwijs. ITT bewandelt de weg waar door deze coalitie een appel op gedaan wordt: laat grenzen van onderwijsinstituties niet de grenzen zijn voor talentontwikkeling van opgroeiende jeugd.

De auteurs zijn vanuit verschillende rollen betrokken bij Ieder Talent Telt.
Rick van Hoeij is Community Builder bij Ieder Talent Telt.
Ida Oosterheert is Universitair hoofddocent bij de Radboud Universiteit en als onderzoeker betrokken bij ITT.
Merel van der Wal is Universitair Docent bij de Radboud Universiteit en als onderzoeker betrokken bij ITT.
Mirjam Ottens was de eerste ITT – programmaleider en is hoofddocent MMI Hogeschool van Arnhem en Nijmegen.
Thijs Leenman en Arend Ardon zijn betrokken vanuit The Change Studio

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Mooi werk! Ogenschijnlijk rommelig maar doelmatig en creatief. Voor mij een uiting van de kracht van menselijke interactie zonder regeldwang en bureaucratie. Een kracht die we schromelijk verwaarloosd hebben. Want het kan! Zie ook het recente voorbeeld van de leerkrachten in NL met hun grootschalige realisering van online-onderwijs. En zie de ontzagwekkende prestaties van de zorg en andere beroepsgroepen om de Corona pandemie te beheersen.
Het toont hoe groepen vakmensen meer dan uitstekend presteren met behoud van de menselijke maat en zonder bureaucratische rompslomp. De reguliere uitvoering van publieke taken in NL kan hier veel van leren. Ik denk dan: ‘Geef de uitvoering meer vrijheid om hun taak te vervullen’. Zie: De dolgedraaide ‘DOOMLOOP’ van regeldwang & bureaucratie.
https://www.managementsite.nl/menselijke-maat-regeldwang-bureaucratie

Dag Willem, dank je voor jouw reactie. Ik onderschrijf jouw woorden volledig. De casus laat prachtig zien wat er gebeurt als mensen zich vergaren rondom een richting, perspectief of ambitie met zeggingskracht. Hier: jongeren helpen hun talenten te ontdekken en ontwikkelen. En voorkomen dat ze ‘uit het systeem worden geduwd’. Dat spreekt aan. Tieners, welzijnswerkers, docenten en moeders zitten samen met bestuurders op basisschool stoeltjes in gesprek over talentontwikkeling en nieuwe initiatieven. In deze tijd zien we inderdaad allerlei prachtige vergelijkbare voorbeelden in oa de zorg en onderwijs. Het kán. Er komt een tijd dat de externe noodzaak niet meer zo sterk is. En dan wordt het spannend: vallen we terug in oude routines of weten we de ingezette lijn te versterken? Je snapt wel waarop ik vurig hoop.

x
x