Genadezesjes

Cover stories · Cases

Ik begin met een bekentenis. Dan hebben we dat maar gehad.
In de jaren zeventig van de vorige eeuw was ik jurist annex manusje-van-alles op het hoofdkantoor van de Leidse universiteit. Mijn eerste baan. Het autocratische regime van curatoren en senaat was net opgedoekt, de democratie had haar intrede gedaan.
Denk niet dat de boel daarmee losser en vrijer werd. Integendeel. Tientallen bestuurders en angry young beleidsmedewerkers als ik werkten ons half over de kop om de wetenschappers zo snel mogelijk hun nieuwe en – en passant ook - hun oude vrijheid te ontnemen. Ik schreef mijn vingers blauw aan reglementen en voorschriften, anderen formuleerden onderwijsbeleid en onderzoeksdoelen, slimme rekenaars hingen aan elke activiteit een guldenteken, planners en informatici stopten alles in ijze...

esther van grunsven
Lid sinds 2019
Dank Paul, met veel plezier en herkenning lees ik je column. Voor wat betreft de universitaire financiële/ economische opleidingen nog een gedachtegang, met dien verstande dat ik het boek dat je aanraadt nog niet heb gelezen. Tegenwoordig kunnen bijvoorbeeld partners van o.a. de Big Four accountantskantoren dit combineren met een hoogleraar aanstelling bij de Universiteiten. Ze worden praktijkhoogleraren genoemd. Het is laaiende discussie geweest binnen de beroepsgroep, temeer omdat hiermee de onafhankelijkheid ter discussie kwam te staan. Zichtbaar is dat de economische opleidingen op die wijze worden gegeven, waarop inderdaad die praktijk passend is ofwel het bestaande (op neo liberalistische grondslagen met her der wat modificaties, steeds meer afdrijvend van het Rijnlandsmodel) model wordt geïndoctrineerd, terwijl er zoveel mooie en boeiende alternatieven zijn. Mijn vrees is dat de universitaire vrijheid-onafhankelijkheid wordt aangetast door de toenemende mate waarin het bedrijfsleven hierin verankerd is, meer directe of indirecte zeggenschap krijgt. 'De omheining doorbroken' 2004 waar de economie woekert en onbegrensd is en de problematiek prachtig uiteen wordt gezet en 'De poriën van de economie' 2016 waar het gaat over de verbinding-de vervlechting van de politiek met de economie. Bij deze een kiezeltje.
Goede groet en mooie dag!
Esther van Grunsven
Ir. Jan G.M. van der Zanden
Lid sinds 2019
Interessant artikel en boek. Het geeft wel aan dat het particuliere onderwijs, zoals NCOI, mogelijk aanzienlijk minder lijdt aan perverse prikkels. Als een student daar zijn examen niet haalt, mag hij dat opnieuw doen, maar moet wel extra, kostendekkend, examengeld betalen. Na 3 keer zakken, moet hij het vak opnieuw, betaald, volgen. Docenten die niet goed functioneren worden door o.a. beoordelingen van studenten weggestemd en praktisch niet meer ingezet.

Genadezesjes zullen ook daar vast wel eens voorkomen, maar niet vanwege die verdraaide perverse financiële prikkels zoals bij gesubsidieerde universiteiten en hoge scholen! Misschien ligt daar ook wel een richting voor oplossingen: denk beter na over besturing, financiering en wie betaalt wat.

Want hoewel het boek suggereert dat besturing en management "vieze begrippen" zijn, meen ik toch dat juist bij gezonde organisaties uitstekende besturing en management horen. Dat lijkt uit dit boek bij particuliere instituten zoals NCOI betere op orde dan bij de massale universiteiten en hoge scholen.
Rob Fijlstra
Lid sinds 2019
Het zeer lezenswaardige boek van Eelco Runia heeft voor mij duidelijk gemaakt, waarom zoveel scripties niet voldoen aan minimaal te stellen eisen m.b.t. de onderbouwing van aannames en de leesbaarheid in het algemeen. Nu Engels de voertaal is geworden wordt het er niet beter op. Zo worden studenten binnen de tijd afgeleverd, maar komen zij buiten de academie in de problemen. Want daar ligt de lat hoger en gelden nog wel de ouderwetse normen t.a.v. overkoepelend en integrerend denkvermogen, gecombineerd met het vermogen om hiervan op papier te getuigen. Plus dat je tegen een stootje moet kunnen om bij afwijzing toch in je kracht te blijven staan. Positief gemotiveerd om je eigen notitie te verbeteren. Zo creëren we binnen de universiteit een 'race to the bottom', die zich buiten de universiteit voortzet. Uiteindelijk zullen de kosten hiervan gigantisch zijn. Lees ook ons boek: 'Risicovreugde; leid liever evident gevaarlijk dan ogenschijnlijk veilig'
Peter De Reijke
Lid sinds 2019
Runia heeft gelijk, maar het is niet zo dat hij de eerste is die zijn gal heeft gespuwd over het onderwijssysteem in Nederland. Wat hij schrijft is dan ook bekend, zelfs overbekend. Ook de reacties van bestuurlijke zijde zijn bekend en we hadden die zelfs kunnen dromen. Waar het nu om gaat, zijn twee vragen: 1 Hoe komt het dat de politiek niets met deze aanhoudende klachten en diagnoses doet ? 2 Wat zou eraan gedaan kunnen worden ?

Vraag 1: Niet alleen de universiteiten, ook de hogescholen en de instellingen van voortgezet onderwijs, de ROC's en de basisschoolconcerns gedragen zich op de manier die Runia heeft beschreven. Het gaat om het totale onderwijs in dit land. En het besturingssysteem van het Nederlandse onderwijs is het resultaat van een politieke keuze, ergens in de jaren 80 gemaakt en voluit gerealiseerd in de jaren 90. Overal was het: de overheid treedt terug, de bestuurders krijgen de macht, eten weliswaar nog uit de staatsruif maar mogen zelf bedenken hoe ze het geld gaan besteden. En dan komt de onderwijsuitvoering altijd weer op de laatste plaats. Dit besturingssysteem heet: neoliberalisme. Neoliberalisme is de politieke grondwet van Nederland. Alle politieke partijen die de neoliberale ideologie omhelzen, houden het systeem in stand, en zo lang die partijen samen de meerderheid hebben, verandert er niets. De neoliberale consensus overschrijdt verre de grenslijn tussen coalitie en oppositie: van VVD en CDA rechts tot en met PvdA en GroenLinks links staat het neoliberalisme nooit ter discussie.

Vraag 2: Natuurlijk helpt het niets als de overheid meer geld uittrekt voor het onderwijs, want dat geld komt automatisch bij bestuurders terecht die andere plannen hebben dan het reduceren van de werkdruk voor docenten. Vanuit die gedachte zie ik dus geen heil in de stakingsacties en andere manifestatievormen die we de laatste maanden in onderwijsland hebben gezien. Ik sluit zelfs niet uit dat het onderwijs veel beter wordt, inclusief de arbeidssituatie van onderwijsgevenden, als er gericht (dus niet met de kaasschaaf) op de onderwijsbudgetten wordt bezuinigd. Want ik verzeker u, en ik spreek vanuit een onderwijservaring van ruim over de 40 jaar: er wordt onvoorstelbaar veel geld verspild in het onderwijs. Aan de hogescholen en uni's waar ik werkte, bijvoorbeeld, zag ik complete departementen van onderwijskundige en andersoortige beleidsmedewerkers ontstaan, met topzware hiërarchieën, terwijl de onderwijsuitvoerders maar op een houtje moesten bijten. Concreet ken ik momenteel zelfs een instelling waar een bepaalde afdeling bijna letterlijk door de bestuurders wordt leeggezogen - zwangere docenten worden niet vervangen, tenzij door nog niet zwangere collega's die meer werk moeten doen zonder salariscompensatie; binnenkort wegens pensioen vertrekkende collega's worden of niet vervangen, of alleen door onervaren mensen met een lekker laag startsalaris; etc. etc.. Tegelijk pronkt dezelfde unit met dure lectoraten die niets klaarmaken maar wel uitbundig op de website worden uitgevent, en met promotiebeleid voor docenten die vier jaar lang nauwelijks lesgeven omdat ze buitenshuis met hun proefschrift in de weer zijn (en die meestal na de promotie naar een andere werkgever vertrekken). Dus: meer geld naar het onderwijs is niet de manier. Wel is de manier: het doorbreken van de basisregels van het neoliberale besturingssysteem. bestuurstechnisch kan dat makkelijk: alle bestuurders worden ambtenaren in dienst van het ministerie van Onderwijs; en ze krijgen allemaal een basisformule mee voor de manier waarop het geld moet worden besteed. In die formule staat bijvoorbeeld dat aantoonbaar minstens x % aan de onderwijsuitvoering moet worden besteed, en hooguit y % aan overhead en (andere) bestuurlijke liefhebberijen. Onderwijsuitvoering en overhead zijn nog abstracties, maar het is niet moeilijk om er indicatoren en operationele definities aan te hangen. En dan is het slechts een zaak van regelmatige controle om te zien of de bestuurders zich aan de eisen hebben gehouden. Zo niet, dan volgen strafsancties. Het is echt heel makkelijk.

Meer over Besturen en organiseren