Channels

Het begrip Slow Management staat voor het managen van een organisatie met aandacht voor kwaliteit en continuïteit. Met inbegrip van alle mensen die er werken met hun professionaliteit en vakmanschap. Kwaliteit en traagheid zijn in dit concept deugden.
Over kwaliteit zal iedereen het eens zijn, maar zelfs als traagheid staat voor weloverwogen beslissingen, die door leidinggevenden en uitvoerenden ondersteund worden, moet hier een vraagteken bij worden geplaatst. Dat geldt zeker in crisissituaties. Duidelijk kan dit worden gemaakt met een eenvoudig voorbeeld dat iedereen kent.

Traagheid in crises contraproductief

‘Slow’ denken wordt door de Duitse regering, onder leiding van bondskanselier Merkel in belangrijke mate volgens dit principe gepraktiseerd. In haar omgeving volgen de negatieve gebeurtenissen zich de laatste tijd echter in steeds snellere mate op. De bankencrisis was men bezig op te lossen toen ook Griekenland met zijn excessieve schulden in grote problemen raakte. Binnen de EU werden we in toenemende mate door terroristische aanslagen in meerdere landen geteisterd. Een overmaat aan vluchtelingen overstroomden onze grenzen – vooral de Duitse – door het conflict in Irak en Syrië, waarbij nu de vraag aan de orde is hoe er oorlog moet worden gevoerd met ISIS. Brandhaarden zijn er verder in Oekraïne/ Krim, Afghanistan, Jemen, Mali en daarbij beperken wij ons slechts tot hoofdzaken.

Lees ook:

Een inspirerend toekomstbeeld of 'slow death'?

Bondskanselier Merkel ziet met lede ogen dat ze, ondanks volhardend overleg met alle stakeholders, geleidelijk haar contact verliest met haar achterban. Die vragen daden met werkbare oplossingen in plaats van eindeloze vergaderingen. Zij mikt op consensus van alle betrokkenen, waarbij het mantra van verbinden, favoriet onderdeel van slow management, door haar wordt omarmd. Maar het duurt te lang en het geloof in een goede uitkomst neemt zienderogen af. Radicalisering ter linker en rechterzijde is nu ook in Duitsland op gang gekomen. De kans dat Merkel zal vallen is reëel, dezelfde vrouw die tot voor kort onaantastbaar werd geacht en door Forbes dit jaar opnieuw werd uitgeroepen tot machtigste vrouw op aarde.

Crisis management

Slow management past in het tijdsgewricht van de generatie baby boomers die nooit fundamentele crisis-situaties hebben gekend en nu redelijk machteloos staan in een tijd waar allerlei aanslagen op onze existentiële waarden, zoals democratie, vrijheid van het woord en veiligheid, plaatsvinden. We hebben nu meer behoefte aan crisismanagers die een inspirerende visie formuleren en charisma hebben om van hun volgelingen offers te vragen, zoals Churchill dat deed tijdens de Tweede Wereldoorlog met zijn ‘bloed zweet en tranen boodschap’. Dat was volgens hem het enige wat hij zijn volk in oorlogstijd kon aanbieden. Maar hij liet het vergezeld gaan van het V gebaar (‘victorie’) ten teken dat hij overtuigd was te winnen en dat probeerde hij bij zijn volk over te brengen. Een boodschap van hoop na veel ontberingen.

Slow effent pad naar bureaucratie

Slow management heeft in overmaat zowel in het bedrijfsleven als de politiek volledig gebureaucratiseerde overlegcircuits geproduceerd, die steeds meer worden bijgewoond door professionele vergadertijgers terwijl de mensen die nog iets willen ondernemen of die snelle actie prefereren morrend aan de zijlijn staan. Niets is ons op dat terrein bespaard gebleven zelfs scholen en de zorg zijn slachtoffers geworden van de zucht naar overleg gekoppeld aan bestuurders die zich steeds verder van de markt verwijderden. Dat was niet zozeer de bedoeling van slow management maar als zo vaak worden op den duur rituelen in organisaties belangrijker dan inhoud. Inspraak heeft in ons poldermodel inmiddels sinds de jaren tachtig nauwelijks meer een inspirerende beslissing voortgebracht. Ook de ‘Poolse landdagen’ met 28 EU landendeelnemers zijn voorbeelden van een overlegcultuur tot men een ons weegt.

ArrayGrote delen van Europa missen de ‘sence of urgency’ om bestaande problemen zoals de vrij massale werkloosheid en de schuldenberg daadkrachtig op te lossen. Onwil om impopulaire maatregelen te nemen is groot omdat onze leiders zich voornamelijk laten leiden door overwegingen op korte termijn om hun kiezers dan wel andere stakeholders (o.a.vakbonden) te behagen. Een euvel dat slow management juist zou moeten bestrijden en dat terecht aan de bestuurscultuur van de Angelsaksen wordt toegeschreven.

Slow management zou moeten staan voor een koers die lange termijn houdbaar is maar maakt die pretentie in dit tijdvak van crises zelden waar, niet in de politiek maar ook niet in het bedrijfsleven.

Laatste kans

Als er een echt grote crisis komt, veel erger dan we tussen 2008-2013 al gehad hebben, bestaat het risico dat leiders misbruik maken van de gelegenheid en dictatoriale macht grijpen in een land of een bedrijf. Voorafgaand heerst meestal het populisme omdat de gevestigde ‘slow orde’ het antwoord schuldig blijft. Slogans met quasi gemakkelijke oplossingen gaan er dan in als koek bij de kiezers.

Als slow management niet definitief wil bewijzen slechts te leiden tot vervreemdende bureaucratieën dan is het nu de laatste kans vitaliteit te bewijzen.

Kennisbank onderwerpen:

U heeft een gratis lidmaatschap

Upgrade naar een PRO-abonnement voor € 4 per maand of € 30 per jaar en ontvang:

  • onbeperkt toegang tot alle artikelen.
  • geen commerciële emails en geen reclame op de site.
  • de keuze of u wel of geen nieuwsbrief wilt ontvangen
  • het E-book: Negotiating as emotion management t.w.v. €8.00
UPGRADE NAAR PRO-ABONNEMENT >>

Kennisbank onderwerpen:

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Een aantal reacties:
a) slow-management leent zich minder/niet voor het bestrijden van branden;
b) we moeten ons afvragen hoe we in deze crises terecht zijn gekomen.
Zeker t.a.v. de financiele crisis hadden de principes van slow-management veel ellende kunnen voorkomen
c) ‘de methode doet het niet’ (iemand anders heeft dit ooit gezegd).
Zoals altijd gaat het bij iedere verandering/uitdaging van inzetten van de juiste methoden en instrumenten. Het rucksichtslos toepassen van een enkele methode op alle verander-uitdagingen, gaat zelden goed. Evenzeer geldt dat voor het rucksichtslos aan de kant schuiven van een methode.

In dit stuk staan nogal boude uitspraken die wel lekker bekken, maar niet bijster gefundeerd overkomen. Enkele voorbeelden:

“Slow management past in het tijdsgewricht van de generatie baby boomers die nooit fundamentele crisis-situaties hebben gekend en nu redelijk machteloos staan…” Oh is dat zo? Dit zijn een paar generalisaties die naar mijn idee weinig hout snijden. Over wie gaat het hier? En het is natuurlijk makkelijk om te zeggen: “past in het tijdgewricht van” want dan hoeft niemand zich persoonlijk aangesproken te voelen. Maar intussen wordt wel slow management een bepaald etiket opgeplakt. Slimme retoriek, maar geen zinvolle bijdrage.

Hoe zit het dan wel? Slow management gaat niet over slow in de zin van ergens per definitie veel tijd voor nemen. Wat snel kan of snel moet, moet natuurljk snel. Waar slow management vooral over gaat is dat een te snelle beslissing, waar de essentiële stakeholders geen rol in spelen, zich uiteindelijk tegen je keert, waardoor je juist verder van huis raakt. Aan de voorkant de tijd nemen voor afstemming levert aan de achterkant een enorme tijdswinst op. Dus uiteindelijk gaat slow management over sneller resultaten bereiken in plaats van langzamer.

“Slow management heeft in overmaat zowel in het bedrijfsleven als de politiek volledig gebureaucratiseerde overlegcircuits geproduceerd, die steeds meer worden bijgewoond door professionele vergadertijgers terwijl de mensen die nog iets willen ondernemen of die snelle actie prefereren morrend aan de zijlijn staan.” Alweer fraaie retoriek, maar nergens op gebaseerd. Waar zijn de voorbeelden van een of meer goed uitgevoerde implementaties van slow management die tot meer bureaucratie hebben geleid? Ik ken ze niet. Wel ken ik organisaties die onder het mom van het betrekken van stakeholders en zorgvuldige besluitvorming in een poldermoeras zijn beland, maar dat heeft niets met slow management te maken.

Het is erg gemakkelijk om met platte uitspraken en holle frasen de vernieuwing dood te schrijven. Maar een zinvolle bijdrage aan de discussie over de zo dringend noodzakelijke vernieuwing van de besturing van onze organisaties is het niet.

Op Koos de Heer reageer ik niet vanwege zijn behoefte om dit als platte uitspraken en holle frasen te kwalificeren Met Paul ben ik het eens ‘de school’ van Slow management/Rijnlands denken of Anglosaksisch handelen heeft in de pure vorm te weinig tot aansprekende resultaten geleid.

x
x