Channels

Een tijdje geleden schreef ik voor een landelijk dagblad een stukje over een in mijn optiek overbodig orgaan. Omdat ik geen medicus ben, econoom doel ik hier niet op een lichaamsdeel als de blinde darm maar op een organisatie. Een organisatie die wat mij betreft opgeheven zou kunnen worden. Het is verder voor deze column niet heel relevant om welke organisatie het ging. Uiteraard was niet iedereen het met mij eens. Onder hen de voorzitter van de betreffende instantie natuurlijk. Maar helaas kon of wilde hij niet inhoudelijk aangeven waarom ik ongelijk had. Ook kreeg ik de nodige bijval. “Inderdaad een nutteloos orgaan” zei iemand, “maar er verdienen wel een flink aantal mensen hun boterham en je moet in deze tijd geen werkgelegenheid vernietigen maar scheppen.”

Ziehier één van de meest gemaakte en ook fundamentele denkfouten ten aanzien van werkgelegenheid en economie. Veel mensen, zeker ook politici, hebben meer oog voor het feit dát mensen aan het werk zijn dan voor wát die mensen doen. ‘Mensen met een baan hebben een inkomen en koopkracht. Haal hun baan weg en er is minder koopkracht met vraaguitval en lagere economische groei tot gevolg.’ Zo ongeveer loopt de veelgehoorde maar niet altijd correcte redenering. Stel u een organisatie voor waar de ene helft van de werknemers rapporten produceert die de andere helft archiveert en uiteindelijk versnippert. De organisatie en de inspanningen van haar werknemers zijn nutteloos. Aan de welvaartskoek voegen zij niets toe want zij produceren niets waar iemand anders op enigerlei wijze ook maar iets aan heeft. We zouden deze mensen dus permanent doorbetaald naar huis kunnen sturen zonder dat de rest van de economie het merkt.

Ja, die mensen verdienen een boterham. Maar in principe doen ze dat ten koste van anderen. Als we ze niet langer betalen voor hun nutteloze werk, dan gaat het inkomen van anderen omhoog doordat bijvoorbeeld de belastingen omlaag kunnen. Of als ze in de particuliere sector werkzaam zijn, zou het wegsnijden va hun functie en salaris de winstgevendheid en dus het inkomen van de aandeelhouder verhogen. En diegenen die een hekel hebben aan aandeelhouders kunnen natuurlijk ook voorstellen om de uitgespaarde kosten te benutten om de salarissen van de wel productieve werknemers te vergroten. Nutteloos werk zorgt dus niet voor meer koopkracht maar verplaatst koopkracht van productieve naar niet productieve werknemers en organisaties. Leuk misschien voor die onproductieve werknemers die vinden dat ze wel een aangename tijdsbesteding hebben maar vervelend voor de rest.

Beter is daarom natuurlijk om die al die mensen wel iets nuttigs te laten doen. Zo’n transformatie kost uiteraard tijd maar dat geeft niets. Op termijn wordt de koek die welvaart heet echt groter. Dan kunnen we allemaal een hapje extra nemen. Dat is het wezenlijke kenmerk van productieve arbeid. Een boterham verdienen door anderen van dienst te zijn in plaats van alleen jezelf.

Kennisbank onderwerpen:

Kennisbank onderwerpen:

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

x
x