Channels

December is vanouds de maand om de gedachten te wijden aan de toekomst. De Nationale Denktank ondersteunt deze traditie met een zeer leesbaar rapport over beter werkend Nederland. Hoe zal er in 2030 worden deelgenomen aan de arbeidsmarkt? En wat is daartoe de beste voorbereiding?

Behalve hoofdstukken met 22 oplossingen (en adviezen) bevat het rapport ook een kwadrantindeling met vier mogelijke toekomstscenario’s. Ik noem ze hier heel kort. Scenario 1: een teruggang in de welvaart jaagt een politiek proces aan, waarbij Nederland grotendeels georiënteerd raakt op zekerheid. En deze zekerheid wil men collectief inrichten. Terug naar de verzorgingsstaat en wat flexibiliteit betreft: we krijgen weer vaste werktijden van 9 tot 5. Dat laatste is anders in scenario 2. Werktijden zijn hier zeer flexibel. De behoefte aan zekerheid is aanmerkelijk, maar de zekerheid wordt georganiseerd op individuele basis. Er is een (krimpende) basiszekerheid voor iedereen; voor de aanvullingen moet men zelf zorgen.

Verliezers en vrienden
In scenario 3 ligt de focus volledig op het individu en diens te realiseren prestaties. De arbeidsbeloning is gerelateerd aan targets dan wel gewerkte uren. Flexibiliteit ten top. Zij die van de natuur en hun opvoeding het juiste hebben meegekregen, zullen goed verdienen. Anderzijds zal de concurrentiestrijd ook veel verliezers kennen… Bij dit scenario voelen veel Nederlandse arbeidsmarktexperts zich niet thuis. Het is te Amerikaans. De voorkeur heeft scenario 4. Hier staat het begrip samenwerken centraal. De behoefte aan flexibiliteit wordt veelal ingevuld door wisselende collectieven. Sociale zekerheid en kantoorruimte worden groepsgewijs georganiseerd. Voorbeelden: The Hub Amsterdam met zijn gezamenlijke kantoorruimte voor ZZP-ers en het Broodfonds dat een sociaal vangnet vormt voor ZZP-ers. In dit scenario lopen werk en privé sterk door elkaar heen. De scheidslijn tussen collega en vriend is vaak niet aan te geven.

Lees ook:

Banen, Banen, Banen

Praktische rol
De voorkeur voor scenario 4 is begrijpelijk. De zin in werk (flexibiliteit) wordt gecombineerd met de zorg voor bekenden (zekerheid). Maar zo’n opzet van arbeid vraagt nogal veel van het onderlinge vermogen tot coördineren en regelen. Bijvoorbeeld de administratie van een gezamenlijk kantoorgebruik of een correcte uitvoering van het opvangfonds; , het vraagt om meer dan alleen goede wil. De coördinatie van een gezamenlijk uit te voeren project moet eveneens professioneel verlopen. Anders betaalt de opdrachtgever niet. Wie gaan deze taken op zich nemen? Dat zullen mensen moeten zijn, die een bovengemiddeld denkniveau hebben, die graag regelmatig nieuwe gezichten ontmoeten en die persoonlijk ook een voorkeur hebben voor flexibiliteit.

Ik zou aan de 22 arbeidsmarktsuggesties van de Nationale Denktank deze willen toevoegen. Ben je coach/trainer en denk je dat in 2012 de hoeveelheid werk in jouw branche niet toeneemt? Ga dan eens kijken wat jouw praktische rol zou kunnen zijn in scenario 4.

Susanne Stolte is voorzitter van de Nederlandse vereniging van Commissarissen en Directeuren (NCD)

Voor meer informatie over het rapport http://www.nationale-denktank.nl/2011/12/de-nationale-denktank-2011-presenteert-22-oplossingen-voor-een-beter-werkend-nederland/

Kennisbank onderwerpen:

Kennisbank onderwerpen:

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

x
x