Voor de ontwikkeling van een peuter is het stellen van de waarom-vraag belangrijk. Het draagt immers bij aan de taalontwikkeling en vorming van de cognitie van het jonge kind. Als vader is mijn geduld regelmatig op de proef gesteld, wanneer mijn kinderen een reeks waarom-vragen stelden. Ik moest soms de neiging onderdrukken om niet kribbig te reageren met de woorden: “Nou, daarom!”. Inmiddels zijn mijn kinderen deze fase ontgroeit, maar als zelfstandig adviseur moet ik in toenemende mate deze neiging weer onderdrukken als ik bij een organisatie kom.

In de afgelopen jaren is het centraal stellen van de waarom-vraag in organisaties gemeengoed geworden. Leidinggevenden hoor ik vol vuur refereren aan ‘The Golden Circle” van TED talk fenomeen Sinek of zij moedigen hun medewerkers aan om vooral weer ‘terug naar de bedoeling te gaan’. De cirkels vliegen dan in het rond. Tijdens speciale sessies worden in koersdocumenten en raamwerken de missie en visie geschetst, waarna de vertaling naar de ‘wat- en hoe-vraag’ gemaakt gaat worden.

Visiezucht

De stroperigheid en weerbarstigheid zie ik opduiken. Leidinggevenden en teams bijten zich vast in de waarom-vraag. Er worden vele uren besteed om aan de bedoeling ‘te werken’ of zoals een directeur recentelijk vroeg: ‘Hoe zorg ik er nu voor dat bij iedereen het visiedocument tussen de oren komt en op het netvlies staat?’

De waarom-vraag is centraal gesteld, maar is daardoor ook los komen te staan van ‘wat en hoe gaan we doen?’. De visiezucht lijkt toegeslagen en er wordt weinig samenhang of verbinding tussen de dagelijkse praktijk en het waarom ervaren. Men ploetert voort zoals men voorheen voortploeterde voor de tijd van de inspirerende sessies en het visiedocument.

Veel gepraat en gepreek

Vier jaar geleden had ik contact met een schoolbestuur waar een aantal schoolleiders de wens hadden om ‘van en met elkaar’ te leren. Zij zochten naar een geschikte vorm en als facilitator ben ik met actieonderzoek gestart. Het doel van het actieonderzoek was om op onderzoekende wijze, maar vooral ook actiegericht aan de slag te gaan met zowel de persoonlijke leervraag van de schoolleider als het ontwikkelvraagstuk van de school.

Als facilitator organiseerde ik sessies waarbij praktijkervaringen werden gedeeld en analyses met allerlei modellen werden gemaakt. Al snel ontdekte ik dat de sessies een hoog abstractiegehalte hadden en de veranderingen op de scholen als moeizaam werden ervaren. Schoolleiders hoorde ik verzuchten dat de cultuur op school door pragmatiek werd gedomineerd. Daarentegen kreeg ik het beeld dat er vooral heel veel over de veranderingen, verbeteringen en vernieuwingen werd gepraat en gepreekt, maar het doen en naleven sterk achterbleven. Ik besloot om het actieonderzoek over een andere boeg te gooien!

Tijd voor actie en onderzoek!

In de afgelopen vier jaar heb ik als facilitator met bijna 50 schoolleiders actieonderzoek mogen doen. In dit schooljaar werken Tjip de Jong (organisatieadviseur, docent en onderzoeker) en ik samen aan de actieonderzoeken van schoolleiders voor een bestuur van primair onderwijs. Onze opgedane ervaringen en inzichten hebben ertoe geleid, dat wij bij actieonderzoek ervoor pleiten om niet langer te blijven praten en te preken over de waaromvraag, de bedoeling, de inspirerende vergezichten en de beoogde vernieuwingen, maar juist gewoon te gaan doen!

Om echt in actie en beweging te komen geven wij aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden van verschillende scholen praktische tips om direct met actieonderzoek uit de startblokken te komen:

  • Belangstelling is genoeg

Een schoolleider had interesse in actieonderzoek, maar twijfelde om mee te doen. Hij vertelde geen duidelijke onderzoeksvraag te hebben. Tijdens de startbijeenkomst werd hem de vraag gesteld: “Wat heb je op jouw school te doen?”. Hij verzuchtte dat de school met opheffing werd bedreigd, omdat leerlingen massaal naar een andere school gingen. Deze situatie hield hem iedere dag bezig, waarna hij vanuit het actieonderzoek een SWOT analyse maakte, onderzoek naar schoolprofilering deed en gerichte acties ondernam om de school in de wijk op de kaart te zetten. De acties werden door wijkbewoners en samenwerkingspartners opgepakt, waarna het leerlingenaantal eerst stabiel bleef en vervolgens langzaamaan groeide.  

Een gezonde dosis belangstelling, motivatie en scherpzinnigheid is genoeg om actieonderzoek te doen. Het begrip ‘onderzoek’ roept nog weleens schroom of aarzelingen op. En bij actieonderzoek heeft men soms het beeld dat je op zoek moet naar wetenschappelijke literatuur, onderbouwde theorieën en data verzamelen alleen is weggelegd na het behalen van minstens een basiscursus statistiek.

  • Trek er op uit

Een groep schoolleiders overwoog om een ander onderwijsconcept in te voeren. Zij hadden hier al verschillende keren met elkaar over gesproken, artikelen uitgewisseld en grofweg de voor- en nadelen op een rijtje gezet. Tijdens een bijeenkomst werd de vraag gesteld: “Welke concrete beelden hebben jullie bij dit concept en wat is op jullie scholen straks echt vernieuwd?” De geschetste beelden waren nogal abstract en liepen sterk uiteen. Totdat één van hen actie ondernam om samen een school te bezoeken die al met het beoogde concept werkte. Door het bezoek kregen zij een concrete beeld en beluisterde de kinderziektes van het concept. In het nieuwe schooljaar werden leerpleinen ingericht en stapje voor stapje bouwde zij het concept verder uit.

Trek er op uit, kijk om je heen want kennis ligt immers op straat. Ga opzoek naar informatiebronnen, invalshoeken en praktijkervaringen om ideeën, inzichten en mogelijke antwoorden op jouw onderzoeksvraag te vinden. Het gezamenlijke selecteren van kennis is een belangrijk onderdeel van actieonderzoek.

  • Organiseer kennisdeling

Ieder schooljaar werden voor de zomervakantie verschillende bijeenkomsten voor schoolleiders in een jaarplanning vastgelegd. Toen men besloot om met actieonderzoek te starten begon het gepuzzel in de agenda’s. Er was nauwelijks ruimte om sessies te organiseren. We besloten om bestaande bijeenkomsten te benutten voor actieonderzoek en niet te wachten totdat iedereen ruimte in de agenda had. Na enkele maanden trokken de schoolleiders de conclusie, dat de sessies meer nuttig en zinvol waren dan de reguliere vergaderingen. Er werden nu echte besloten genomen, kennis gedeeld en concrete acties ondernomen.  

Kennisdeling ontstaat niet vanzelf, dus organiseer bewuste ontmoetingen, want de waan van de dag ligt anders snel op de loer. Organiseer momenten waarop kennis, ervaringen en inzichten met collega’s gedeeld kunnen worden. Benut reguliere vergaderingen en formele overlegvormen om actieonderzoek in te passen.

  • Stel een actie én onderzoeksdaad

Een schoolleidster vroeg zich af waarom bepaalde teamleden enthousiast reageerde op de vernieuwingen voor de school, maar zij in de dagelijkse praktijk geen verandering in hun handelen zag. Zij besloot een onderzoeksdaad te stellen, dat simpelweg bestond uit een gesprek met één van deze collega’s. Vooraf bepaalde zij met het model van Bateson en Dilts op welke logische niveaus zij vragen aan haar collega ging stellen. Tijdens deze voorbereiding liet de schoolleidster al weten dat zij nog nooit dergelijke vragen haar collega’s had gesteld. Na het gesprek kwam zij tot de conclusie dat zij voorheen vooral inspirerende gesprekken had gevoerd, maar eigenlijk nooit over de mogelijke belemmeringen en bezwaren met haar collega’s had gesproken. Zij had nu het inzicht dat haar collega niet tegen de vernieuwingen is, maar zich niet voldoende vaardig vond om deze vernieuwingen uit te voeren.

Bepaal welke concrete actie je gaat uitvoeren en stel steeds een onderzoeksdaad vast. Een onderzoeksdaad is een bewuste actie om ergens achter te komen, dat een verdiepend inzicht op jouw vraagstuk geeft. Bedenk waar je achter wilt komen; wat wil je eigenlijk weten en hoe ga je dat uitvoeren (wat is je onderzoeksmethode)?

  • Stap voor stap

Tijdens een studiedag had een schoolleider met inbreng van het team een meerjarenplan voor de school opgesteld. Bij het actieonderzoek presenteerde hij het plan, waarna de vraag werd gesteld: “Wat ga je vandaag en morgen doen om dit plan te realiseren?”. Hij stelde voor om nu eerst nog een plan te schrijven met mijlpalen en SMART geformuleerde doelen. Het plan werd vervangen door een rol behang, waarop hij voor de komende twee weken concrete acties en onderzoeksdaden schreef, schetste en tekende. De rol behang werd het werkdocument dat met het team werd gedeeld en waarop een ieder steeds kon aanvullen. Op deze manier waren de stappen voor iedereen inzichtelijk.  

Het veranderproces verloopt stap voor stap en is kortcyclisch van aard waardoor bijstellen- en sturen steeds mogelijk is. Bij actieonderzoek maak je geen uitgebreid project- of veranderplan, maar ga je aan de slag door tegelijkertijd te doen (actie) en te denken (onderzoek). Bij iedere sessie is het credo: ‘Niemand de deur uit zonder actie en onderzoek!’.

Maak effecten inzichtelijk

Ruim drie jaar was een schoolleider bezig met het op poten zetten van een doorgaande leerlijn. Hij liet weten het beeld te hebben dat de leerlijn nog steeds niet goed stond. De vraag werd gesteld: ‘Op welke manier kom je tot dat beeld en hoe weet je dat zo zeker?”. Hij vertelde dat de toetsen en analyses nog weinig voorruitgang lieten zien, maar hij had geen meetgegevens- of methode over het handelen van zijn team. Hij besloot om hier een onderzoeksdaad op te stellen en gegevens te verzamelen voor de volgende sessie. De schoolleider voerde gerichte observaties uit en hield interviews over het praktisch handelen van het team. Uit deze data kwam naar voren dat er grote verschillen zaten in het didactisch handelen van zijn team.  

Maak effecten inzichtelijk en deel deze met collega’s. Op deze manier krijg je scherp zicht op de effecten van allerlei acties en kan je gericht kortcyclisch veranderen. Leg bij iedere actie en onderzoeksdaad kort en bondig (in steekwoorden) bevindingen, indrukken, gevoelens en feiten vast. Je reflecteert op deze verzamelde data tijdens de sessies met collega’s

  • Het is nooit af

Een jaar lang deed een schoolleidster mee aan het actieonderzoek. Zij overwoog om haar school te transformeren tot een Integraal Kind Centrum (IKC). Zij onderzocht welke samenwerkingspartners in de wijk betrokken moesten worden en welke bijdrage deze partijen konden leveren. Nadat zij deze vraag met allerlei acties en onderzoeksdaden had beantwoord, trok zij de conclusie dat er nu weer een andere vraag lag, namelijk: “Hoe ga ik met zowel mijn team als de geselecteerde partners het IKC daadwerkelijk verder vormgeven”. In het daaropvolgende schooljaar is zij met actieonderzoek op zoek gegaan naar antwoorden op deze vraag.

Starten met actieonderzoek is echt handen en voeten geven aan veranderingen, dat een oneindig proces vormt dat nooit af is.

Actieonderzoek is een laagdrempelige en vooral een concrete manier om kort cyclisch aan veranderingen te werken.

Vanuit een praktijkgerichte vraag en een onderzoekende houding ben je keer op keer met gerichte acties en onderzoeksdaden bezig, die resulteren in concrete en zichtbare veranderingen van waaruit altijd vervolgvragen komen.

Vincent Plomp

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Mooi stuk Vincent! Herkenbare voorbeelden. Mooi dat je een instrument hebt waarmee je schoolleiders concrete steun kunt geven hun ambities ook echt te realiseren!

x
x