Channels

Bedrijven staan graag bekend als groen, ethisch en/of maatschappelijk verantwoordelijk. Het kan wel eens moeilijk zijn voor topmanagers, net als voor gewone mensen, om daar ook naar te handelen, de daad bij het woord te voegen. Het lijkt soms wel of het voor een mens ondoenlijk is het goede te doen in plaats van het opportune.

Onlangs werden Neelie Kroes en Polman door Bas Heijne (NRC van 24 december) gekapitteld. Polman ging de fout in door belangen van aandeelhouders en hun winstzucht zwaarder te laten wegen dan een gewekte verwachting over locatie van een hoofdkantoor. Kroes door in één adem adviseur te zijn van een vrouwonderdrukkend regime èn aandacht te vragen voor de ongelijke positie van de vrouw. Heijne staat in zijn kritiek niet alleen. Maar past deze schoen ons niet allemaal? Ieder van ons – inclusief Heijne en schrijver dezes – zal bij tijd en wijle die spanning kunnen en moeten kennen, tussen woord en daad. We hebben er als we eerlijk zijn zelfs bij voortduring mee te maken.

Momenten van bezinning

Vaak worden we ons van die spanning helemaal niet bewust van of pas achteraf als verontwaardiging ons doet inzien dat er misschien toch iets niet klopt. Het komt de rooskleurigheid van ons leven en de gemoedsrust in het bijzonder misschien niet ten goede als we bij voortduring zouden beseffen hoe onze woorden niet stroken met onze daden. Toch is het uiterst raadzaam zo af en toe momenten van bezinning in te lassen in de maalstroom die het leven kan zijn. Niet alleen nu we leven in de periode van de goede voornemens maar door het gehele jaar heen. De verleiding sociaal wenselijk te reageren, d.w.z. het gewenste woord te bezigen en dan op het geëigende moment het af te laten weten is erg sterk.

Zo willen topmanagers niet bekend staan om hun sterke focus op winstmaximalisatie. Dat is sociaal gezien onwenselijk en minder geaccepteerd. Ook al is het meestal wel een juiste kwalificatie als we gedrag en besluiten aan een kritische blik onderwerpen. Want als er geld aangetrokken moet worden voor investeringen dan is winstmaximalisatie natuurlijk wel de opportune boodschap.

Het geloof in de juistheid van winstmaximalisatie zit zo diep, is zo tot een overtuiging geworden bij de oude en nieuwe garde dat men zich er slechts met inspanning bewust van wordt. Ieder van ons moet en kan goed mee leven met die dubbelhartigheid, dat eten van twee walletjes. In de psychologie raakt dit aan wat genoemd wordt ‘zelfintegriteit’.

Zelfintegriteit

Het geeft de mate aan waarin ons gedrag overeenstemt met onze in woord of daad beleden waarden. Het gaat dus over eerlijk zijn tegenover jezelf, doen wat je zegt te willen.

De mens is zeer goed in staat om het ene te willen en/of te zeggen en het andere te doen.

Ieder van ons, of hopelijk juister de meesten van ons, zullen bij kritische beschouwing ontdekken dat we de daad niet steeds bij het woord voegen. Dat we daar zo goed mee kunnen leven komt door een enkele psychologische mechanismen. De belangrijkste daarvan is onze neiging om ons zelfbeeld zo positief mogelijk te houden. Vaak hebben we een rooskleurige, niet al te scherpe bril op als we naar onszelf kijken. Een ander relevant psychologisch mechanisme betreft ons vermogen tot cognitieve dissonantie: we dulden heel goed tegenstrijdigheden in onze opvattingen en de feiten als dat ons goed uitkomt. Ook dat helpt om ons zelfbeeld positief te houden. Tenslotte zoeken we goedkeuring van anderen en vermijden we verlies van relaties. Dat maakt dat we reageren op een manier die beantwoordt aan wat de situatie sociaal gezien wenselijk maakt.

Dit alles maakt de mens tot een vat vol tegenstrijdigheden. Maar hoe lang kan een kruik te water gaan?

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

x
x