Ik ben geen econoom en geen arbeidsmarktdeskundige. Ik ben wel werknemer, met een salaris, een thuisfront en een hypotheek. En ik ben gepuzzeld! Minister Donner blijft hameren op het versoepelen van het ontslagerecht. Er is zelfs al een commissie benoemd om het te ‘bewijzen’. Dat moet 200.000 banen opleveren…

Ik snap het gewoon niet. Als jouw baan, en wat daarna zou kunnen gebeuren, niet meer zeker is, dan ga je die risico’s toch incalculeren als werknemer? Je vraagt een hoger salaris, een aparte ontslagclausule in jouw contract en je kiest zeker niet meer voor een onzekere toekomst binnen een innovatief MKB-bedrijf. Je gaat voor de zekerheid van het luie linkse ambtenaartje met lak aan de burger.
Vakbonden zijn toch ook niet op hun achterhoofd gevallen. Zij eisen straks aanvullende voorzieningen in hun CAO’s. De arbeidsmarkt is vandaag eerder een ‘sellers’-markt dan een ‘buyers’-markt. Uiteindelijk wordt arbeid toch gewoon duurder? Maar ik laat me graag van het tegenovergestelde overtuigen door deskundigen.

Nog meer zorgen maak ik me over de gevolgen van een grotere onzekerheid voor de solidariteit binnen (juist kleinere) organisaties. Werken in een steeds veranderende wereld vraagt om samenwerking in teams en betrokkenheid van iedereen. Samen moet je het doen en het is geen individueel partijtje squash dat je moet ‘winnen’. En welke organisatie zit niet af-en-toe in ruw weer? Klanten veranderen en je zult met elkaar moeten veranderen.

Lees ook:

Big Data is noodzakelijk voor een Rapid Response organisatie

Als straks het vangnet van ‘ontslagrecht’ weg is wordt dan niet de meeste gestelde vraag: ‘what is in it for me?’. Wie het vaakst ‘binnen’ is wordt gezien en gehoord en staat vooraan als er wat te verdelen valt, je vangt elkaar vliegen af, er wordt bikkelhard afgerekend op ‘lokale’ resultaten, je probeert langs politiek weg collega’s uit te schakelen en besteedt steeds meer uit aan ZZP-ers die nog eerbiedig knielen en dankjewel zeggen. Joep Schrijvers ‘Hoe word ik een rat’ is de standaard op ieders nachtkastje naast de broodnodige slaappillen. Opportunisme wordt de nieuwe norm. De balans tussen privé en werk raakt volledig zoek en erg goede mensen eindigen in een langdurige burn-out. Maar misschien ben ik te somber.

Dat ‘what is in in it for me’ gaat van hoog toch laag. Medewerkers volgen het voorbeeld van hun bazen. Hoe kun je dan nog om betrokkenheid vragen? Alle ‘mission statemenst’ landen dan op dorre aarde, hoeveel posters je ook ophangt. Wie is er nog bereid om op langere termijn echt mee te doen? Monsterboard.nl staat vol met jonge mensen die ‘een nieuwe uitdaging zoeken’. De Cash&Run-generatie. En dat begrijp ik wel. Recente beursgangen, fusies, het creatief werken met optieregelingen en de grote zakken geld die bovenbazen bij elkaar graaien zijn geen goed voorbeeld voor die jonge werknemers. Het versoepelen van het ontslagrecht versterkt dat beeld alleen maar.

We hebben economisch de wind mee. Maar, als het straks economisch misschien wat minder goed gaat is het gevolg dat ondernemingen, die onze welvaart dragen, niet meer functioneren. Juist dan moet je een beroep doen op solidariteit. De opportunistisch calculerende medewerker kan wel calculeren, maar er is dan maar weinig meer te verdelen.

Solidariteit en betrokkenheid kunnen het onmogelijke waar maken. Dat zou minister Donner met zijn kerkelijke achtergrond toch moeten snappen. Of is Donner’s rechte rug een staaltje hoog spel van Haagse heren? Verzamelt het CDA nu al wisselgeld om straks de verlenging van de Afghanistan-missie te kunnen onderhandelen met de PVDA? Dat zou een stevig deuk zijn in mijn vertrouwen in eerlijke politiek.

Walther Ploos van Amstel.

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Walther,
volgens mij gaat het niet over eerlijkheid. Politiek is per definitie oneerlijk als je em definieert als A zeggen, B bedoelen en C doen.

Vanmorgen viel mijn oog op een briljante zin uit een stuk van Sjaak Bral in het AD:

“Dit kabinet doet mij nog het meeste denken aan Idols: een wedstrijd waarbij mensen die geen talent hebben de kans krijgen om dit te bewijzen”

Groet,
Jos Steynebrugh
Change Enhancement, Zoetermeer

Alle heil in deze maatschappij lijkt in je betoog je rusten op vier hoekstenen: ontslagbescherming, ontslagbescherming, ontslagbescherming en… jawel: ontslagbescherming. Als we de arbeidsmarkt iets versoepelen dan stort onze prachtige samenleving kennelijk, zo veronderstel je, volledig in. Iedereen wordt een rat, denkt alleen nog maar aan korte termijn of aan wisselgeld voor politieke missies.

Als iets kleins veranderd, als ergens iets meer mogelijkheden geboden worden, als er iets meer flexibiliteit ontstaat op de arbeidsmarkt, dan stort de wereld echt niet in. We leven gelukkig niet in een kaartenhuis, sterker nog, we leven in een meer betonnen planeconomie met gouden zekerheden dan het marxistische oostblok ooit gerealiseerd heeft.

Misschien als een “vast” contract niet meer als een molensteen voelt voor (metname MKB-) ondernemers, durft een werkgever het wat beter aan om die contracten te geven. Nu denkt die werkgever tien keer na over een vast contract na het derde jaarcontract. Misschien dat jonge werkzoekenden “met een vlekje” (verkeerde achternaam, hersteld van drugsverleden, verzin het maar) en ouderen (die zeker geen contract geven, ze zijn toch alleen maar ziek en veranderingsmoe) dan toch weer eens een kans krijgen. En ook een hypotheek zouden kunnen krijgen… net als jij.

Cotaat van Marko: “Nu denkt die werkgever tien keer na over een vast contract na het derde jaarcontract.”

Marko, waar haal je het vandaan? Is de gemiddelde ondernemer echt zo ondeskundig dat ie zelfs na drie jaarcontracten (en dus na twee genomen verlengingsbeslissingen) nog steeds niet weet wat voor vlees hij in de kuip heeft? Hoe is dat in godsnaam mogelijk? Zit zo’n ondernemer de hele dag met z’n krent op de vergaderstoel of zo? Of met z’n kakbroek op de golfbaan? Of met zijn handen onder de rok van de secretaresse? Kortom, hoe haalt een ondernemer het in zijn hoofd om na drie jaren te durven beweren dat hij de werknemer niet kent? Da’s dan een knap staaltje desinteresse of onkunde van de kant van de ondernemer.

Ik vind dat er een wet moet komen die mensen verbiedt een bedrijf te hebben of te leiden waneer ze zo onmenselijk weinig interesse in de ander hebben. Een mensenleven van een werknemer is te veel waard om verkwanseld te worden door zo’n kwasi-ondernemende minkukel. Echt hoor, direct afvoeren die incompetente ondernemers, zou ik zeggen. Eerst naar een heropvoedingskamp en als dat niet helpt, TBR.

Ik kan dit makkelijk zeggen omdat ik weet dat in werkelijkheid zulke ondernemrs niet of nauwelijks bestaan. Ze weten na drie jaar voldoende over hun werknemers maar, ja, het vooruitzicht om mensen snel en probleemloos te kunnen afvoeren in tijden van recessie of na een rij van managementblunders is natuurlijk wel lekker… Liever tientallen werknemers ineens de straat op dan één ondernemer, toch?

Nou, dacht het niet.

Richard,

Kijk, da’s nou het vervelende als je schrijft vanuit boosheid: je overziet het geheel niet meer. Je doet net of dat éne facet (kennen van de medewerker) de enige onzekere factor in het verhaal is.

Nou, ik heb nieuws voor je: de economie is niet constant. Die golft. Echt waar.
Als je een jaarcontract afsluit is de maximale schade één jaarsalaris. Die situatie treedt slechts op als na één dag na aanname de economie dusdanig in elkaar stort dat exploitatie van de kersverse jongeling (want daar gaat dit verhaal over) niet meer rendabel te maken is. Maar wat als je 20 van deze jongelingen op contractbasis hebt? Dan zijn het ineens 20 jaarsalarissen.

Nu is de kans dat zo iets gebeurt ongeveer even groot als dat Nederland getroffen wordt door een tsunamie. De ondernemer kan deze gok tweemaal doen met risico dat nog enigszins te becijferen valt.

Maar, als na de tweede verlenging de zaak wordt omgezet in een vast dienstverband liggen de risico’s ineens factoren hoger. Zelfs met de kantonrechterformule kan dat héél erg in de papieren lopen en faillissement tot gevolg hebben. Dan spreek ik nog niet over de anderen die met het zinkend schip eveneens verzuipen. Zo bezien heeft de ondernemer ook voor dat aspect reden om nog eens na te denken voordat ie een krabbel onder een dienstverband voor onbepaalde tijd zet.

Maar er is méér.
Zoals je wellicht niet beseft zijn de Europese grenzen wat opener dan een tijdje geleden. De tsunamie komt nu van de andere kant en bestaat niet uit water, maar uit hordes Oost-Europese economische vluchtelingen. Die werken voor een habbekrats: al dan niet zwart en geven daardoor sterke impulsen aan onze economie. Zowel positief (productie) als negatief (prijzen). Ook dat kan een ravage betekenen voor die industrieën die daarvoor gevoelig zijn.

Dan hebben we nog een heel rijtje andere factoren:
• Wet- en regelgeving die verandert (bovenop de stapels die er al zijn)
• Arbo bemoeienissen die zakken vol geld kosten (nee, he, heb ik dat?)
• Bedrijven die in Nederland neerstrijken (concurrentie)
• Productie die vlucht naar lageloonlanden (kosten)
• Weersinvloeden (temperatuur, neerslag etc)
• Invloed van mode verschijnselen (hypes)
• Producten die ineens “niet mee kunnen” (dierenleed)
• Griep epidemieën (of wat daarvoor moet doorgaan)
• Zwangerschappen (mag nog steeds in Nederland)
• Schommelingen door externe invloeden (bijv. recent Amerika)
• En nog een hele rits waar ondernemers ECHT van wakker liggen

Laat me raden: je bent zelf géén ondernemer. En zoals je zelf al aangaf ontraad ik je dat ook ten sterkste. Volgens je eigen suggestie kun je TBR krijgen in geval je gedwongen wordt dit soort beslissingen (die goede ondernemers ECHT aan het hart gaan) moet nemen. Zeker als je op die externe factoren geen enkele invloed hebt en in het beste geval SOMS kunt anticiperen.

Groet,
Jos Steynebrugh
Change Enhancement, Zoetermeer

Jos, vier antwoorden aan jou (al vind ik dat eigenlijk Marko aan de bal is):

1. Het is waar dat Marko niet letterlijk heeft aangevoerd dat het al dan niet kennen van de werknemer de enige onzekere factor voor de ondernemer is. Punt voor jou, zal ik maar zeggen. Marko wekt echter wel die indruk. Dit doet hij door te beginnen over het punt dat werkzoekenden “met een vlekje” meer aan bod zouden kunnen komen bij een versoepeling van ontslagrecht. Dat kan immers alleen maar waar zijn als je zo’n “bevlekte” sollicitant voor laat gaan op iemand die al drie keer een jaarcontract bij je heeft gehad.

2. Mispoes! Ik ben ondernemer – mét ervaring in het hebben van personeel en in het dealen met conjuncturele ontwikkelingen. En ik had nooit te klagen. Ik ben ook niet het cynische type ondernemer zoals Marko kennelijk wel is: het is toch echt een godspe om te durven stellen dat je geen enkele oudere een contract moet aanbieden omdat ze allemaal veranderingsmoe zijn. Op de eerste plaats is dat absoluut niet zo – maar dat moet je wel willen zien, het vergt menselijke belangstelling – en voorzover mensen wél veranderingsmoe zijn is dat veelal veroorzaakt door slecht en dom ondernemerschap en door management dat niet kan snappen hoe je mensen uit eigen beweging meekrijgt. Schuif die onkunde niet af op werknmemers, jong of oud, door het ontslagrecht te versoepelen.

3. Ik heb nooit geklaagd over al die ondernemersrisico’s die jij opsomt. Dat klagen leidt je alleen maar af van je echte verantwoordelijkheden als ondernemer en het helpt je niet bij het herkennen van de echte kansen. Ondernemers, stop met klagen! Voor je het weet klaag je net zo hard als een ongemotiveerde werknemer!

4. Werknemers zijn typisch niet in de positie om wanbeleid te creëren waarmee ze de ondernemer op straat kunnen zetten. Andersom wel. Daarom dient de ondernemer de volle verantwoordelijkheid te dragen voor het presteren van het bedrijf en bijgevolg ook het volle risico van slechte bedrijfsprestaties en zelfs faillissement. Dat bevordert zijn aandacht en inspanningen om een verantwoord beleid te voeren zoals ook zijn verantwoordelijkheid is. Daar heeft hij niet alleen zelf belang bij, maar ook zijn afnemers, leveranciers, werknemers en de staatskas. Het risisco dat de werknemer op straat komt te staan ondanks een vast dienstverband, door eigen schuld of door slecht beleid van de ondernemer, is voldoende risico voor hem, daar hoeft echt niets bij.

Tenslotte, ik zal proberen voortaan minder boos te reageren. Maar ik blijf opkomen voor een eerlijke verdeling van risico’s. Een ondernemer die meent dat het conjuncturele risico in de eerste plaats dient te worden gedragen door de werknemers, is geen echte ondernemer want is als de dood voor slecht getij. Zoals je zelf al schrijft, economische recessies ter grootte van een tsunami komen in principe niet voor; het merendeel van de ondernemingen draait ondanks alles door en dus speel je met een versoepeld ontslagrecht vooral de minder sterk sturende ondernemers in de kaart. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

Het ontslagrecht is krom. Het is voor werkgevers aantrekkelijk en goedkoop om van mensen en dan vooral ouderen af te komen. Daarna kan je dezelfde mensen weer in dienst nemen op contract basis , maar dan tegen een lager salaris.
Het argument wat gebruikt wordt is om meer mensen aan de slag te krijgen. Ouderen zouden niet flexibel zijn etc.
Mensen die nu 50 zijn en aan de kant komen te staan kunnen het gewoon vergeten.
Het ontslagrecht is een verworven recht en mag niet zomaar weggegeven worden, zonder dat er iets anders voor in de plaats komt.
Het gaat de werkgevers toch goed? Kijk wat bestuurders zich in hun zak steken. Dit staat toch niet in verhouding met een gewone werknemer. (Meneer Groenink 20 Miljoen door de boel te verkopen).

Met vriendelijke groet,

Ben Franken

Richard,

je vindt dat ik aan de bal ben en wil daarom eigenlijk niet eens reageren op het stukje van Jos. Gelukkig heb je dat iets beter gelezen dan het mijne, het is je al gelukt om er 4 punten uit te halen. Ik zal maar niet flauw gaan doen over “Cotaat” en zo, daar schiet de discussie inhoudelijk niets mee op.

Zoals uit zowel de strekking als de titel van mijn stuk duidelijk moge zijn is dat naar mijn bescheiden mening, zonder enig cynisme, ontslagbescherming niet het fundament onder onze maatschappelijke ordening is. Een verandering zal naar mijn idee de wereld niet doen instorten.

Dit moge ook wel blijken uit het feit dat nergens ter wereld, zelfs niet in Frankrijk of in Scandinavië, werknemers met een vast contract zo veel bescherming genieten als in Nederland.

Flexwerkers daarentegen hebben in Nederland aanzienlijk minder rechten dan in de ons omringende landen en mede door de, in ogen van vele ondernemers (uiteraard ben jij de enige gezonde uitzondering en zijn de rest allemaal TBR (of TBS?) patiënten), grote risico’s aan vaste contracten ligt het aandeel flexwerk in Nederland hoger dan in de westerse wereld. Het spijt me Richard, dit zijn gewoon aantoonbare juridische en macro-economische feiten, maar van mij mag je daar best boos om zijn, hoor.

Met wereldwijd het grootste verschil in rechten tussen “vaste contracten” en “flex contracten” en met de sociale discriminerende uitwerking hiervan (gemiddeld genomen zit de middenklasse vaker keurig in een vast contract en zit gebeiteld -huisje, hypotheekje, kindje, …- en leeft de medemens met een “vlekje” levenslang tussen jaarcontracten, uitzendbanen en uitkeringen.

Als ik rationeel naar deze situatie kijkt, kan ik alleen maar concluderen dat in een sociaal land als Nederland het vakbondsegoïsme van “niet tornen aan mijn rechten” niet past en dat flexibilisering van het arbeidsrecht betekent een normalisatie van de huidige ontslagbescherming en een dezelfde kansen (interne opleiding, ontwikkeling, hypotheek, …) voor mensen die nu van flexcontract naar uitzendbaan zwerven. Dit laatste is dezelfde conclusie die ik eerder al aan Walther richtte, hopelijk nu dusdanig onderbouwd dat ook Richard begrijpt wat ik bedoel. Ongetwijfeld zul je, Richard, er wel weer je eigen mening over hebben, maar hopelijk lees je nu iets beter…

Marko,

Inderdaad, zoals de titel van je eerdere reactie al zei: We draven een beetje door. Dat “We” in je titel is – onbedoeld misschien – heel treffend. Hij, jij en ik, we kunnen allemaal doordraven, dat laat deze discussie wel zien.

Vooral de toon van de discussie maakt duidelijk dat tegenstellingen, cynisme en venijn snel het betamelijke kunnen overstijgen wanneer mensen hun betoog voeren alsof ze vooral gelijk willen krijgen. Ik ga die strijd niet verder aan omdat ik vind dat dit niemand verder brengt. Excuses voor mijn bijdrage aan het opstoken van dit vuurtje in het begin, het was bijna uit de hand gelopen.

Schrijven is een kunst, lezen zeker ook, maar oprecht luisteren is voor de meesten toch wel het moeilijkst. Ik ga daarom aan de zijlijn zitten, het vuurtje enigszins doven en luisteren naar deze discussie die naar ik hoop een gedachtewisseling zal worden.

Het is toch, op zijn minst gezegd, bevreemdend dat we het in Nederland normaal vinden dat een overeenkomst tot huur, koop etc. voor de betrokken partijen bindend is en niet zomaar eenzijdig door een der partijen is te ontbinden. Wordt dat wel gedaan dan staan daar boetes, afkoopsommen en eventuele schadevergoedingen tegenover. Hoe groot de impact hiervan is op “de schuldenaar” is in de regel niet relevant (Dat is nu eenmaal het risico van het sluiten van een overeenkomst, toch? Tegenslag of niet.).
We vinden dat zo normaal dat de wetgever het zelfs in de wet heeft vastgelegd: Overeenkomsten strekken partijen tot wet.
Ik vind het dus uitermate vreemd waarom dat beginsel ineens niet meer zou moeten gelden ingeval het een arbeidsovereenkomst betreft. En dat is nu juist wat ik in de discussie mis. Of doen de beginselen van ons rechtssysteem er dan ineens niet meer toe?
Zou kunnen, maar hoe is dat dan te rechtvaardigen, te onderbouwen?

Toon alle 9 reacties
x
x