De vier grote steden werken aan een convenant met pakketbezorgers om meer grip te krijgen op de snelle groei van pakketkluizen en pakketpunten. Dat meldt FD. De aanleiding is dat het aantal pakketkluizen sterk groeit, terwijl gemeenten nog nauwelijks beleid hebben voor de ruimtelijke inpassing. Tegelijk zien steden de pakketkluizen juist als kans om hinder van bestelbusjes te verminderen.
Het convenant probeert dit te regelen. Het convenant wordt aanstaande vrijdag getekend. Het FD schrijft in een commentaar: "Bemoeizucht gemeenten moet niet leiden tot weren pakketkluis". Onbekend is wat de webwinkels van de plannen vinden. Hoe zit het nu?
Onderdeel stedelijk logistiek beleid
Voor logistieke professionals is de kernboodschap dat pakketkluizen definitief onderdeel worden van stedelijk logistiek beleid, maar niet zonder voorwaarden. Gemeenten willen voorkomen dat pakketkluizen ongecoördineerd in de openbare ruimte verschijnen. In historische binnensteden moet eerst worden gezocht naar locaties in bestaande gebouwen, zoals supermarkten, fietsenstallingen, bibliotheken en sportclubs. Dat betekent dat toekomstige groei vooral inpandig of semipubliek zal plaatsvinden.
Het convenant is vooral een inspanningsverplichting. Toch is de richting duidelijk: gemeenten willen regie op locaties, spreiding en samenwerking. Een belangrijk principe is dat pakketkluizen zoveel mogelijk worden opengesteld voor meerdere vervoerders; 'white label'. Dat raakt direct aan de operationele strategie van pakketbezorgers. Exclusieve netwerken komen onder druk te staan en interoperabiliteit wordt een beleidsdoel.
Publiek en privaat samenwerken
De achtergrond is economisch en logistiek. Pakketbezorgers investeren fors in out-of-home levering omdat thuisbezorging duur blijft en de markt minder hard groeit. Pakketkluizen verminderen, mits slim geregeld, voertuigkilometers en personeelskosten en verbeteren de first-time-delivery rate. Tegelijk groeit de druk op de openbare ruimte. In Amsterdam alleen al worden dagelijks ruim 125.000 pakketten bezorgd en stoppen busjes zo’n 80.000 keer op straat, zegt de wethouder in FD.
Wat zou je moeten regelen in een convenant? Een convenant stuurt expliciet op gedragsverandering: meer leveringen via pakketpunten en minder bezorging aan huis. Dit moet verkeersdruk, uitstoot en kosten verlagen, terwijl de service voor consumenten op peil blijft. Een belangrijke afspraak is dat pakketkluizen “open” worden. Vervoerders moeten elkaars pakketkluizen kunnen gebruiken tegen marktconforme tarieven. Dat vraagt samenwerking en data-uitwisseling tussen concurrenten.
Ook de ruimtelijke impact is belangrijk. Steden moeten willen dat iedere inwoner binnen loop- of fietsafstand toegang heeft tot een pakketpunt of kluis, bij voorkeur nabij OV-locaties of winkelcentra. Voorkom bezorgarmoede. Inpandige oplossingen en integratie in gebiedsontwikkeling zijn wenselijk. En uiteraard maak je als publieke en private partijen afspraken over de monitoring en bovenal samen leren.
Pakketbezorgers moeten zich aanpassen
Voor de bezorgers betekent dit meer stops op hubs, aangepaste aan- en afvoerlogistiek, afspraken over laad- en losplekken en een groeiende afhankelijkheid van stedelijke regie. Een convenant is niet juridisch bindend, maar partijen committeren zich hierin aan realisatie van afspraken. Met een convenant begint een nieuwe fase: van snelle uitrol naar gereguleerde netwerkontwikkeling.
Locatiestrategie, samenwerking tussen vervoerders en integratie met stedelijke functies worden cruciaal. Groei blijft mogelijk, maar binnen ruimtelijke randvoorwaarden en met meer publieke regie. Daarmee verschuift de pakketkluis van commerciële innovatie naar stedelijke infrastructuur.
Ironisch genoeg trekken pakketbedrijven zich juist terug uit waar ze ooit in uitblonken: thuisbezorging. Steeds vaker wordt de consument richting pakketpunt of locker geduwd. Efficiënt voor de operatie, maar is dit niet een verslechtering van de dienstverlening?
Thuiswinkel.org vindt het prima dat de sector investeert in bezorgopties en pakketkluizen om eerste leveringen te laten slagen en logistiek efficiënter en duurzamer te maken. Pakketkluizen verminderen mislukte bezorgingen en bundelen afleveringen, maar leveren alleen CO₂-winst op als consumenten hun pakket lopend of met de fiets ophalen.
In de praktijk haalt circa een derde pakketten met de auto op, waardoor de klimaatwinst vaak verdampt en soms zelfs slechter is dan thuisbezorging. Duurzaamheid hangt volgens Thuiswinkel.org sterk af van consumentengedrag, afstand en locatie. Toegankelijke, ‘white label’ kluizen op plekken waar mensen toch al komen zijn cruciaal.
Stadslogistieke uitdagingen
De rode draad is samenwerking: stadslogistiek is te complex om vanachter een bureau te regelen. Alleen door samen met vervoerders, ondernemers en bewoners te werken aan praktische oplossingen blijft de binnenstad bereikbaar, leefbaar én vitaal.
Door kennis te delen over wat wel en niet werkt, kunnen steden sneller inspelen op vergelijkbare uitdagingen zoals schaarse ruimte, zero-emissiezones en de ontwikkeling van logistieke hubs. Dit voorkomt dat elke gemeente het wiel opnieuw moet uitvinden en bespaart tijd, geld en energie. Kennisdeling draagt bovendien bij aan meer consistent beleid. Dat doen de gemeenten samen in het DMI-ecosysteem.
Transportbedrijven opereren vaak in meerdere steden; uiteenlopende regels en venstertijden leiden tot inefficiëntie. Door gezamenlijk te leren van pilots, monitoring en praktijkervaringen ontstaat beter uitvoerbaar, realistischer en effectiever beleid dat duurzame investeringen en efficiënte logistieke planning ondersteunt. Het convenant is een mooie stap!
Dutch Metropolitan Innovations
Het initiatief voor het convenant komt van DMI-ecosysteem (Dutch Metropolitan Innovations). DMI is een publiek-private samenwerking die innovatie in de Nederlandse metropoolregio’s versnelt. Overheden, bedrijven, kennisinstellingen en investeerders werken samen aan oplossingen voor grote stedelijke uitdagingen zoals mobiliteit, energie, digitalisering, circulariteit en leefbaarheid.
DMI richt zich op het ontwikkelen, testen en opschalen van innovatieve technologieën en businessmodellen in living labs en praktijkprojecten. Door vraag en aanbod te verbinden, financiering te mobiliseren en samenwerking te organiseren, helpt DMI om innovaties sneller van pilot naar markt te brengen. Zo draagt DMI bij aan economisch sterke, duurzame en toekomstbestendige stedelijke regio’s in Nederland.
Walther Ploos van Amstel.
Lees ook: Pakketkluisleed aan de Amsterdamse grachten
Lees ook: Wat kunnen pakketkluizen betekenen voor gemeenten?
Lees ook: InPost: consumers are growing increasingly frustrated with outdated delivery models
Deel uw ervaringen op ManagementSite
Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.
SCHRIJF MEE >>
Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--