Channels

Lehman Sisters ruling a better world? Maartje weet beter. Een dictatoriale directeur, ruziënde bloedgroepen, oude meisjes versus jonge vrouwen, ‘old girls networks’, bureaucratie en opportunisme pur sang, vergallen haar leven en spirit.
 Roman in de vorm van een feuilleton over een wereld waarin vrouwelijk leiderschap een mythe blijkt en Maartje een Kenau in de ware zin?

Maartje was nog niet op kantoor of ze hoorde Trudy al gillen vanuit haar glazen hok. “Maartje, mijn speech, de laatste versie, hij is verdwenen!” Vandaag werd het Gouden Plakkaat voor Gelijkberechtiging uitgereikt. Wekenlang was er gewerkt aan de speech. “Ik heb gisteren om 12 uur nog een paar dingen veranderd, en nu is hij weg godverdomme!” Zaak was nu stoïcijns te blijven en het gegil van Trudy te negeren, dacht Maartje. Net als bij baby’s. Soms is even laten huilen het beste. Trudy was nog uit het tijdperk van Wordperfect, en haar hulpeloos geschreeuw maakte dat ieder die aanwezig was, zich nog dieper boog over de computer en deed alsof hij er niet was. De evaluatie van de Heidag stond vandaag op het programma, maar die zou vast niet doorgaan nu. Elke afspraak werd systematisch verschoven vanwege deze of gene vermeende Calamiteit. Dat was Maartje ondertussen gewend.

Marius werd gebeld. De systeembeheerder zat overspannen thuis, een nervous breakdown nabij. Maar niets belette Trudy hem uit zijn bed te bellen. In de maanden dat Trudy aan het roer was had hij al ettelijke drama’s meegemaakt en zich manmoedig door hysterisch gekrijs heen geslagen. “Beleid, we hebben een Systeembeleid nodig!” hoorde ze Trudy Marius toewerpen. ‘Beleid’ als panacee voor het ontbreken van visie en je zaken op orde hebben, dacht Maartje.
Maartje diepte versie 26 uit haar computer en mailde die aan Trudy. Zou ze erbij zeggen dat het echt niet die paar woorden zijn die het verschil maken bij een speech? Dat het gaat om contact met je publiek? Dat de speech een herhaling was van eerdere zetten? Dat je het niet moet oplezen? Nee, dat zou maar ondermijnend zijn.
Trudy zat maniakaal gebogen over de computer. De concentratie op woorden, die het essentiële verschil zouden moeten maken in hoe mensen de wereld zouden moeten zien, vereiste het uiterste van haar. “Ik neem aan, wij reizen samen naar Den Haag?” perste ze er nog uit. God bewaar me, alsjeblieft niet, dacht Maartje “Uh, nee Trudy, ik heb eerst nog afspraak met de vormgever, dus ik moet eerst nog langs Paulien.” Maartje verzon het ter plekke. “Oh, dat verrast mij. Weet je wel hoe ik moet reizen?” Maartje printte een reisschema uit, alsof ze naar Kiev moest in plaats van naar 070..

Lees ook:

De ondertoezichtstelling

Maartje ging aan de slag met de evaluatie van de Heidag. Ze zou eens systematisch wat op papier zetten. En ze zou er geen doekjes om winden. De stemming op de nazit van de Heidag had er goed ingezeten. Het was tijd voor een brief. Aan de Raad van Commissarissen. Niet dat ze veel verwachtte van Janny en de andere RvC-leden. Wat er in de kranten geschreven over raden van commissarissen was helaas maar al te waar.

Trudy kleedde zich om op het toilet. Haar nonnengewaad werd aangedaan. Voor belangrijke afspraken had ze een speciale outfit. Een fladderend dieppaars geheel van een postfeministische ontwerper. Het kleurenpalet werd weer in alle schakeringen gebruikt, zag Maartje, de ruiten pipopanty was ook weer van stal.
Maartje deed haar hakken in de tas. Even weg uit dit benauwde kantoor dat dacht dat het het universum van de wereld was. Ze ging lunchen in Den Haag en even snel naar de Zara. Wat retailtherapy deed altijd wonderen in tijden van crisis. Het gouden Plakkaat voor Gelijkberechtiging propte ze in een H&M tas. Wat waarde heeft altijd goed verbergen, dacht ze cynisch.
Ruim op tijd en met een paar kledingstukken rijker, arriveerde Maartje bij het Mountaininstituut. Het Gouden Plakkaat haalde ze uit het tasje en legde ze onder de stoel van Trudy. Haar telefoon ging. Trudy. “Maartje ik sta op het verkeerde station!” De stem in de overdrive. “Ik kom er zo aan. Probeer het programma om te gooien.” Morgen vast weer Crisisbeleid op de agenda, of een evaluatie, dacht Maartje maar ze bleef rustig. “Ok, ik zie je straks. Ik leg het Gouden Plakkaat omgekeerd onder je stoel. Je zit eerste rij rechts. Naast prof. Dr. Appenlootje uiteraard. Ik zal vragen of hij eerst wil spreken als je niet op tijd bent.” Maartje haatte dit werk ondertussen.

Trudy kwam twintig minuten te laat binnenstuiven bij de uitreiking. Het zaaltje zat vol mannen en vrouwen met grijze hoofden, de actievoerders van weleer. Een paar hennahoofden waren te ontwaren. “Heb jij het Plakkaat bij je?” fluisterde Trudy. “Nee, Trudy, dat ligt onder je stoel, eerste rij.” De mannen van het Mountaininstituut keken om. Het rode hoofd van Trudy vloekte met haar rode haar. Ze stapte manmoedig naar voren, het gouden plakkaat onder haar armen.
Maartje betaalde de taxichauffeur. “Waar kan ik de bon naartoe sturen als ik die krijg? Mevrouw vroeg of ik zo hard mogelijk wilde rijden.” Maartje overhandigde haar kaartje en zei dat hij er gerust honderd euro bovenop kon doen. God wat verlangde ze naar een omgeving met wat mannen. Die raakten in ieder geval niet de weg kwijt. Ze moest lachen om haar eigen grapje. Maar het hysterisch gedoe kwam haar neus uit.

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

x
x