Wat kunnen gemeenten doen om verpauperende winkelstraten en wijken te vitaliseren?

Cover stories · Cases

Bij het schrijven van dit vervolg op mijn artikel ‘Hoe gemeenten vitale wijken en straten in stand houden’ stelde ik mezelf de volgende vraag: hoe worden top-winkelstraten aangestuurd om top-winkelstraat te worden en te blijven?

De bevindingen tonen iets cruciaal: de bestuursstijl bepaalt of het eco-systeem van partijen en belangen kan leren en vitaal blijven. De rol van de gemeente is daarbij van groot belang.

Topwinkelstraten, vijf voorbeelden

Fifth Avenue in New York, Bond Street in Londen, Via Condotti in Rome, PC Hooftstraat in Amsterdam – allen duur, allen beroemd. Allemaal hebben ze eeuwen nodig gehad om te worden wat ze nu zijn.  Hoe zij worden georganiseerd, verschilt fundamenteel, maar bepaalt wel hun blijvende vitaliteit..

  1. Fifth Avenue (New York, 19e-20e eeuw)
    Gestart in de 19e-20e eeuw. De organisatie wordt gedomineerd door real estate investors die rendement nastreven. Ondernemers betalen miljoenenhuren en hebben beperkte zeggenschap. De logica lijkt primair transactioneel: koper, verkoper, volgende transactie. Ook al meer dan 100 jaar oud – de samenwerkingsdynamiek is eerder parallel (naast elkaar).
  2. Bond Street (Londen, 17e eeuw - heden)
    Ontstond organisch in 1683 (Thomas Bond kocht Clarendon House). Meer dan 340 jaar geschiedenis. Wordt beheerd door property managers, waarbij elk segment (kunst, mode, juwelen) afzonderlijke logica's volgt. De samenwerking lijkt meer verticaal afgestemd (segment beheren) dan horizontaal verbonden (gezamenlijke toekomst). Ondanks eeuwen: geen sterke dynamiek van gezamenlijke aanpassing.
  3. Via Condotti (Rome, 16e eeuw - heden)
    Aangelegd in de 16e eeuw onder Paus Paul III. In de 18e eeuw (1760) Antico Caffè Greco geopend – trok kunstenaars als Goethe, Keats, Byron. Meer dan 450 jaar geschiedenis. De huidige organisatie wordt aangestuurd door toerisme bureau en gemeente. De zeggenschap over veranderingen lijkt sterker extern bepaald dan lokaal gedeeld. Lokale ondernemers zijn minder afhankelijk van langdurige onderlinge afstemming om succesvol te zijn.
  4. PC Hooftstraat (Amsterdam, 1876 - heden)
    Aangelegd in 1876 bij het Vondelpark. Echte transformatie naar luxestraat pas jaren zeventig (toen Kalverstraat verpauperde). Dus slechts 150 jaar oud, en maar ongeveer 50 jaar als luxestraat. Hier organiseren zich zaken aldus. Een kleine groep vastgoedpartijen die elkaar al decennia kennen; een ondernemersorganisatie die collectief bepaalt; een gemeente die faciliteert in plaats van dicteert. En cruciaal: ze overleggen voortdurend over wat werkt en wat niet. Dit systeem vereist dat partijen elkaar kennen, elkaar vertrouwen, en voortdurend betekenis geven aan wat zij samen doen.

De les uit deze verschillen

Dit is cruciaal: Alle beroemde winkelstraten hebben tijd nodig gehad.

Maar tijd alleen is niet voldoende.

Bond Street had 340 jaar tijd. Via Condotti had 450 jaar. Fifth Avenue had 100+ jaar. PC Hooftstraat had slechts 150 jaar – waarvan slechts 50 jaar als luxestraat.

Het verschil zit niet in hoeveel jaren. Het zit in de vraag: kunnen partijen voortdurend leren en reageren?

Bond Street, Via Condotti en Fifth Avenue hebben wel tijd gehad, maar hun organisatielogica staat niet in het teken van voortdurende gezamenlijke aanpassing. Ze zijn geoptimaliseerd voor hun rol (kunst, toerisme, transactie). Partijen hoeven niet voortdurend op elkaar afgestemd te zijn om succesvol te zijn.

PC Hooftstraat kan niet zonder voortdurende samenwerking. Dat maakt tegelijk kwetsbaar en vitaal.

Waarom dit het verschil maakt

Dit is het veranderkundige punt: de vitale straat is niet vitaal omdat merken daar zijn. De vitale straat is vitaal omdat het eco-systeem van partijen en belangen voortdurend kan leren en reageren. Dat vraagt om een bestuursstijl die dit faciliteert. Niet een bestuursstijl die de uitkomsten bepaalt.

Wat betekent dit voor gemeenten

Huidige aanpak doorgaans: gemeente huurt consultant, consultant schrijft masterplan, gemeente investeert miljoenen, na 5 jaar is het project 'afgerond'. Consultant vertrekt. Gemeente verwacht succes. Dit staat haaks op hoe vitale systemen werkelijk overleven.

Hoe dan wel

  • Niet eenmalige top-down sturing.
    Het gaat om voortdurende facilitering van de samenwerking tussen partijen en belangen.
  • Stop met masterplannen.
    Begin met vragen. Niet: 'Dit moet een bloeiende straat worden.' Wel: 'Wat groeit hier al?  Wie willen hier samenwerken? Hoe kunnen jullie gezamenlijk bepalen wat hier moet ontstaan?'
  • Stop met consultants.
    Zet de lokale partijen aan tafel. Niet: externe expertise die het plan bepaalt. Wel: eigenaren, ondernemers, bewoners bepalen samen. De expert moet helpen, niet bepalen.
  • Stop met deadlines. Investeer in voortdurende samenwerking.
    Niet: 5 jaar project en klaar. Wel: voortdurend bijstellen, voortdurend samenwerken, voortdurend leren; structureel, niet projectmatig.
  • Stop met sturing naar uitkomsten. Begin met facilitering van het aanpassingsvermogen.
    Niet: gemeente bepaalt wat er moet gebeuren. Wel: gemeente schept voorwaarden waaronder partijen zichzelf kunnen organiseren.

Dit kost meer tijd, meer geduld en vereist een andere rol van de gemeente.
Het is wel wat vitale winkelstraten en wijken nodig hebben: niet eenmalige investeringen, maar het vermogen om voortdurend te leren.

De essentie in 2 punten

  • Duurzame vitaliteit is geen vastgoedproject met einddatum, maar een continu leerproces.
  • Vitale systemen vragen een bestuursstijl die aanpassingsvermogen en zelfsturing  faciliteert.

Deel uw  ervaringen op ManagementSite

Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.

SCHRIJF MEE  >>

Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--

Meer over Overheid