Meer regels, controles en 'nader onderzoek' lossen de aardbevingsschade, de wooncrisis en het zorginfarct niet op. Zoveel is inmiddels wel duidelijk. Integendeel: ze vergroten de complexiteit. Transformeren vraagt om een radicale verschuiving van ‘fixing’ naar ‘shaping’: condities scheppen waarin systemen zichzelf vernieuwen. Dit vraagt om een bestuurlijke reframing: van problemen oplossen naar publieke waarde creëren. Hoe benut je interdependentie als kracht, mobiliseer je verbeeldingskracht en neem je mensen massaal mee? Ontdek waarom reframing de sleutel is tot duurzame transformatie.
Transformeren in een vernetwerkte samenleving vraagt geen extra regels of controle, maar het durven hertekenen van het speelveld. Organisaties die floreren doen dat niet door het bestaande spoor te optimaliseren, maar door condities te scheppen waarin gezamenlijke vernieuwing mogelijk wordt. Optimaliseren levert vandaag nauwelijks beweging op; het organiseren van betekenisvolle interacties wél. Denk aan de sprong van encyclopedie naar Wikipedia: een shift van statisch naar co-creatief. Zo cruciaal is de reframing van fixing the past naar shaping the future.
De kernvraag voor bestuurders is daarom niet: wat is het probleem en wie lost het op? De kernvraag is: hoe organiseren we condities waarin het systeem zichzelf kan vernieuwen—en hoe nemen we mensen hierin mee? Dat vraagt om een bewuste verschuiving van fixing naar shaping: een reframing die generatief potentieel zichtbaar maakt en samenwerking aantrekkelijk maakt. Pas als we ze expliciet omarmen en benutten—niet vrezen of negeren—ontstaat de beweging die vandaag zo vaak uitblijft.
Complexiteit is onze context. Hoe benut je interdependentie als kracht.
Reframing is geen cosmetiek; het is de bestuurlijke voorwaarde voor duurzame transformatie. Zonder re-framing geen re-generation.
Mindset: van problemen naar generatief potentieel
In complexe contexten werken lineaire interventies vaak averechts: het systeem “duwt terug”. Denk aan toeristenbelasting die massatoerisme niet vermindert, wegverbredingen die extra verkeer genereren, of strengere regels die verzuim doen stijgen. Fixende interventies vergroten het probleem.
Wie beweging wil, begint niet met probleemanalyses maar met het zichtbaar maken van generatief potentieel. De focus verschuift van entiteiten naar interacties. Niet een plan dat voorschrijft wat iedereen moet doen, maar gedeelde betekenis waarin mensen uit zichzelf willen bewegen. Dat is een bewuste reframing van relevantie en relaties: waarvoor creëren we waarde, met wie en hoe? Het is geen cosmetische herpositionering, maar een paradigmaverschuiving van het gehele ecosysteem.
Metaskills: hoe interdependenties werken
De overgang van fixing naar shaping leer je niet in een klaslokaal, maar al doende—in een expeditie waarin teams betekenis creëren, experimenteren en terugkoppelen. Vijf metaskills vormen een samenhangende ontwerpflow die het systeem helpt zichzelf te vernieuwen.
Het begint met waarderen: dialogisch zoeken naar wat leven geeft aan het systeem. Daarna volgt bevrijden: ruimte scheppen voor pluraliteit en verschillen productief maken. Vervolgens integreren: het aspirationele narratief articuleren waarop iedereen creatief kan doorpakken. Dan ontwerpen: nieuwe mogelijkheden vormgeven, samen en iteratief. Tot slot genereren: de cultuur van experimenteren en leren levend houden, zodat wat werkt zich versterkt en verspreidt.
Samen maken deze metaskills het reframing-verhaal concreet in de dagelijkse praktijk: betekenis wordt gedrag.
Magic: het aanstekelijke verhaal dat mobiliseert
Zonder een uitnodigend, poëtisch narratief strandt transformatie in losse initiatieven.
Magic is dat zorgvuldig ontworpen verhaal dat richting geeft én flexibel blijft. Het laat voelen dat iedereen er beter van wordt en dat het professionele leven, collectief co-creatief, leuker kan zijn. Het verhaal nodigt uit, het schrijft niet voor. Het maakt leren aantrekkelijk en co-creatie vanzelfsprekend.
Omdat het narratief het hele systeem reframed—een stad (geografische plek op de landkaart) wordt bijvoorbeeld een community-in-actie—wordt anders handelen logisch. En samen handelen ook.
Voorbeelden
Antwerpen: hoe een logo de logica van aansturen veranderde
De Antwerpse transformatie laat concreet zien hoe je mensen meeneemt in een emergente, complexe uitdaging. Begin jaren 2000 worstelde de stad met fragmentatie, negativisme en dalend vertrouwen. In plaats van nóg een reorganisatie of nóg een controlemaatregel koos Antwerpen voor een narratieve interventie: het stadslogo werd herontworpen met de tagline “’t Stad is van Iedereen”. Vijf woorden, ontworpen als motor voor verbeelding.
Hoe kwam de stad tot dit logo en hoe werkte het? Eerst werd de uitdaging aanstekelijk geformuleerd. Niet “we moeten efficiënter”, maar “we maken samen een warme, toegankelijke en tolerante stad”. Dat is aantrekkelijk: burgers, ambtenaren en ondernemers herkennen onmiddellijk dat iedereen er beter van wordt. Vervolgens is het narratief bewust ontworpen om breed gedragen te worden. De keuze voor het dialect (“’t Stad”) gaf nabijheid; “is van Iedereen” gaf eigenaarschap. De A-vorm fungeerde als visueel anker én als taalsymbool: de A staat voor Antwerpen en klinkt in het dialect als “A” voor jij/je. Zo werd de burger niet aangesproken als consument van dienstverlening, maar als mede-eigenaar van de stad.
Cruciaal is dat het verhaal niet bleef hangen in communicatie of beleidsnotitie, maar onmiddellijk werd ingebed in identiteit en dagelijks werk. Binnen vier maanden verscheen het op voertuigen, gebouwen en alle uitingen van de stad. Daarmee werd co-creatie topstrategie—je kon er niet omheen. Elk team werd uitgenodigd én uitgedaagd om in het dagelijkse werk een “pareltje” te creëren: een kleine, tastbare interventie die een routine doorbrak en het verhaal zichtbaar maakte. Een groendienst die niet langer alleen bomen plantte maar publieke ruimtes ontwierp “voor iedereen”; een sportdienst die programma’s ontketende volgens het principe “ik wil sporten met A”; een cultuurdienst die evenementen mede door burgers liet cureren.
Die pareltjes werden zichtbaar gemaakt, gedeeld en gevierd, zodat ze als positieve feedback door het systeem konden reizen. Duizenden pareltjes lieten de stad als vanzelf transformeren.
Tegelijk werd het narratief verankerd in HR-processen. In jaarlijkse functioneringsgesprekken werd expliciet gevraagd: “Hoe draag jij bij aan ’t Stad is van Iedereen?” Zo werd betekenismanagement—het managen van interacties en waarden—de kern van leiderschap. Waarden als klantgerichtheid, samenwerken, integriteit, omgaan met diversiteit en kostenbewustzijn boden houvast om experimenten te stabiliseren. Ambtenaren voelden: we zitten niet in een project; we maken samen stad.
De stad richtte bovendien ervaringplatforms in waar ambtenaren, burgers en ondernemers samen konden ontwerpen en testen. Burgers waren geen doelgroep, maar partners. Open verzoeken tot co-branding (zoals “Zot van A”-stickers) en een leisurekaart die deelname van kwetsbare groepen mogelijk maakte, versterkten het gevoel van inclusie. Commerciële actoren haakten aan omdat het nieuwe verhaal ook voor hen betekenis, reputatie en relaties opleverde. Zo kreeg Douwe Egberts bijvoorbeeld een A-brand in de schappen in ruil voor gratis koffie aan daklozen in de winter. Zo ontstonden nieuwe patronen: van losse acties naar een ecosysteem dat zichzelf vernieuwde.
Een vaak onderschat effect van co-creatie als topstrategie: de organisatie wordt een talentmagneet. Topmensen willen werken waar betekenis en samenspel centraal staan, waar ze het verschil kunnen maken voor de gemeenschap. De combinatie van een helder, aanstekelijk narratief, ruimte voor pareltjes en verankering in HR zorgt ervoor dat talent zich aangetrokken voelt en talent wil blijven. Partners uit samenleving en markt sluiten makkelijker aan bij een organisatie die samen maakt in plaats van top-down levert. En mensen die het liever bij het oude houden, haken af om plaats te maken voor vernieuwers.
Wat maakte dit tot een succesformule? Ten eerste het anders denken: het probleemframe werd vervangen door een potentieelframe. Ten tweede het anders doen: kleine, lokale experimenten werden systematisch gestimuleerd en verbonden. Ten derde het samen doen: het logo werd ieders ankerpunt; het maakte samenwerking vanzelfsprekend en controle grotendeels overbodig. Omdat co-creatie in het logo was ingebed, werd het een strategische norm; niemand kon eromheen. Dat dit géén citymarketing is, blijkt al uit het feit dat het bewust in het Nederlands—en zelfs in Antwerps dialect—werd geformuleerd: het was een identiteitskeuze, geen reclamestunt.
Breda en andere contexten: dezelfde logica, andere accenten
In Breda startte met “Breda Brengt het Samen” een vergelijkbare beweging. Ook hier niet beginnen bij problemen, maar bij een uitnodigend verhaal dat participatie aantrekkelijk maakt. Praktisch betekent dit: echte ontmoetingen waar verschillende werelden samen betekenis maken; korte ontwerpsprints waarin teams met bewoners en ondernemers nieuwe routines uitproberen; en het systematisch delen van wat werkt, zodat anderen kunnen doorpakken.
Internationaal zien we meer van zulke co-creatieve parels. In de jeugdzorg toont Family by Family (Adelaide) dat je pas beweging krijgt als gezinnen elkaar helpen groeien, niet wanneer professionals het systeem nog verder dichtregelen. Economisch vertaald betekent het een verschuiving van GDP-growth naar Regenerative Good Growth: het speelveld ontwerpen zodat mensen én planeet beter worden en samenwerking loont. Het is geen verbeteren binnen het bestaande spoor, maar het geheel reframen zodat een nieuwe toekomst kan ontstaan.
Hoe je begint: een praktische route
Begin met betekenis, niet met maatregelen. Zoek samen naar levengevende interacties en formuleer een narratief dat direct laat voelen dat iedereen er beter van wordt. Test het in diverse dialogen, verfijn het tot het tegelijk uitnodigend en richtinggevend is. Ontwerp één zichtbaar anker—logo, tagline, gedragen bestuursfilosofie of ritueel—en zorg dat het snel en breed aanwezig is in taal, op plekken en in digitale omgevingen. Zo wordt het incontestable.
Maak meteen ruimte voor pareltjes. Nodig teams uit om in het dagelijkse werk één kleine interventie te realiseren die het verhaal voelbaar maakt. Houd de lat laag genoeg om te starten en hoog genoeg om trots te zijn. Faciliteer uitwisseling: laat teams elkaars pareltjes zien, zodat positieve feedbackpatronen versterken. Verbind dit met betekenisgesprekken en teamdoelen: “Wat heb jij ontworpen of gegenereerd dat het verhaal vooruitbrengt?”
Bouw stabiliserende condities. Benoem waarden die richting geven terwijl je experimenteert. Ontwerp eenvoudige kwaliteitsrichtlijnen zonder innovatie te verstikken. Richt platforms in waar je samen ontwerpt en leert, met burgers en partners in the lead. Houd de spanning productief: verfris het verhaal, vier nieuwe pareltjes, recombineer wat werkt. Zo schrijf je telkens een nieuw hoofdstuk en voorkom je dat de beweging stolt in beleid.
Wat leiders concreet doen, elke dag
Leiders die shaping faciliteren, brengen geen nieuwe controlemechanismen maar nieuwe gesprekken op gang. Ze vragen: “Waar zien jullie vandaag potentieel?” en “Welke kleine interventie kunnen we morgen doen die anderen uitnodigt om mee te bewegen?” Ze maken tijd voor korte ontwerpmomenten en beschermen ruimte voor experiment. Ze verweven het narratief in besluitvorming: wat draagt bij aan “van iedereen”? Wat versterkt relaties, vergroot relevantie voor de samenleving en maakt het leven leuker? Ze verbinden mensen over afdelingen heen, vertalen betekenis naar dienstverlening en publieke ruimte, en herhalen het verhaal tot het gemeengoed wordt.
Slot: de uitnodiging om te beginnen
Transformeren in complexiteit is praktisch en anders tegelijk. Het begint bij betekenis, het delen van verantwoordelijkheid en het systematisch laten groeien van kleine pareltjes. Het vraagt om een mindset die potentieel ziet, metaskills die interdependentie belichamen en magic die iedereen wil naleven.
Wie start met een aanstekelijk verhaal, een zichtbaar anker en één pareltje per team, zet een beweging in die—door interactie—groeit tot een ecosysteem dat zichzelf vernieuwt. Dat is shaping: condities scheppen waarin het geheel steeds meer leven geeft. En het begint—en eindigt—met systemisch reframen: Reframe to Regenerate.
Wil je meer weten over hoe je leiderschap in complexiteit ontwikkelt? Ontdek onze Expedities Vernieuwend Leiderschap bij BUas – krachtige leertrajecten waarin je leert reframen, co-creëren en doorbraken realiseren. Neem contact op voor meer informatie of een inspiratiesessie.
Auteur: Dr. Diane Nijs, Lector Imagineering en Vernieuwend Leiderschap
Gerelateerde artikelen
De onderstroom van vernieuwing bij transformatie, deel 2
Rudi Darson
Transformatie-capaciteit in een winkelstraat, deel 1
Rudi Darson
Waarom transformatie complex is
Diane nijs
Vrolijke Veerkracht in Brutaal Bestuur
Freek Peters
Deel uw ervaringen op ManagementSite
Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.
SCHRIJF MEE >>
Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--