We kennen de reflex allemaal: de wasmachine hapert, het telefoonscherm is kapot of de e-bike verliest zijn kracht en we kijken direct online naar een nieuw exemplaar. Zonde van het geld, zo blijkt uit onderzoek van TNO en de NVCE. Wie kiest voor reparatie of revisie, houdt op de lange termijn aanzienlijk meer geld in de zak en rekt de levensduur van apparaten soms wel met acht jaar op.
De cijfers op een rij
Bij de wasmachine levert reparatie de grootste levensduurverlenging op: gemiddeld 7,9 jaar extra ten opzichte van weggooien. De gemiddelde aanschafprijs bedraagt € 638, met onderhoudskosten van circa € 229. Reparatie bespaart de consument gemiddeld 27% op de totale jaarlijkse kosten. Zonder reparatie heb je in dezelfde periode gemiddeld 1,85 wasmachines nodig. Repareren bespaart je dus de aanschaf van bijna een complete machine.
Bij smartphones is de jaarlijkse winst zelfs nog groter. Afhankelijk van of je het toestel zelf repareert of dit door een vakman laat doen, bespaar je €24 tot €41 per jaar, terwijl de telefoon 1 tot 2 jaar langer meegaat. Wie nooit repareert, heeft gemiddeld 1,45 smartphones nodig over dezelfde periode... dus bijna een halve telefoon die je helemaal niet had hoeven kopen.
Ook de fietsaccu volgt hetzelfde patroon. Revisie, waarbij defecte cellen worden vervangen in plaats van de hele accu, verlengt de levensduur met ruim 4 jaar en bespaart gemiddeld € 13,61 per jaar. De gemiddelde productprijs bedraagt € 686, met jaarlijkse revisiekosten van circa € 124. Dat is een kostenbesparing van 10% over de volledige levensduur. Wie niet reviseert, verslijt gemiddeld 1,83 accu's per periode.
De logica is simpel: minder nieuwe producten
De echte financiële winst zit in het feit dat consumenten veel minder vaak een volledig nieuw product hoeven aan te schaffen. Apparaten direct afschrijven bij een defect is de duurste gewoonte die een huishouden kan hebben. De conclusie van het TNO-onderzoek is helder: weggooien is de duurste optie, of je nu zelf de schroevendraaier oppakt of een expert inschakelt.
Europa haalt in... en snel
Het beleid sluit nu aan bij wat de economie al laat zien. Op 13 juni 2024 nam de EU de Richtlijn reparatie- en herstelrecht aan. Fabrikanten moeten producten repareerbaar maken, reserveonderdelen beschikbaar houden en consumenten actief informeren over reparatiemogelijkheden. EU-lidstaten moeten deze richtlijn uiterlijk op 31 juli 2026 omzetten in nationale wetgeving. Dat is nog maar enkele weken verwijderd.
Samen met de Ecodesign for Sustainable Products Regulation en het Digital Product Paspoort is de richting duidelijk: Europa bouwt aan een regelgevend kader waarin langere productlevensduren de norm worden.
Wat de overheid nú moet doen
Het TNO- en NVCE-rapport wijst op concrete beleidsmaatregelen die de omslag naar reparatie kunnen versnellen. Verlaging van het btw-tarief op reparaties van elektronica maakt de keuze voor de consument financieel nog aantrekkelijker. Oostenrijk en Zweden verlaagden dit tarief al met respectievelijk 10% en 12%. Daarnaast kunnen aanbestedingseisen bedrijven stimuleren om reparatie en hergebruik structureel in hun keten op te nemen.
Maximumprijzen voor reserveonderdelen en een goed toegankelijke database van reparatiepunten verlagen de praktische drempel voor consumenten. Ten slotte zorgen wettelijke minimale levensduren en verlengde garanties per productgroep ervoor dat fabrikanten langer verantwoordelijk blijven en consumenten makkelijker voor reparatie kiezen in plaats van vervanging.
De conclusie van het onderzoek is duidelijk: weggooien is de duurste optie. Voor de stedelijke logistiek, waar retourstromen en circulaire ketens een steeds grotere rol spelen, is de case voor reparatie als vast onderdeel van de stadsdistributie sterker dan ooit.
Bron: TNO/NVCE, Kostenanalyse circulaire strategieën voor consumentenproducten, mei 2026 (TNO 2026 R16544)
Lees ook: Wat zijn de kansen voor logistieke bedrijven bij e-waste?
Deel uw ervaringen op ManagementSite
Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.
SCHRIJF MEE >>
Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--