Op 11 januari jl. zond de KRO in haar programma In de Schaduw van het Nieuws een boeiend gesprek uit over de vraag wat iemand tot een goed leider maakt. Het gesprek werd geleid door Wilfried Kemp en te gast waren Ruud Lubbers, Hans Wiegel en Doekle Terpstra.

Er werd veel boeiends gezegd over het onderwerp van die uitzending. Over vertrouwen, charisma en je eigen lijn blijven volgen, ook tegen de verdrukking in. Over de vraag of een leider heerst of dient. Het eerste deel van de uitzending bevatte in dat opzicht ook veel interessants. In het tweede deel dreef het gesprek af naar eenvoudige analyses van de recente Nederlandse politiek. Daarbij bleven met name Lubbers en Wiegel in hun vertrouwde rol. Wiegel profileerde vooral zichzelf”(“ik weet niet of wij uit het machtscentrum verdwenen zijn”) en Lubbers probeerde bruggen te slaan zoals we ooit van hem gewend waren.

Ondanks dat Terpstra wat in de schaduw bleef van de ”oude kanonnen” (hij was bij aanvang door Kemp ook al aangekondigd als ”schaduwgast” -wat dat dan ook zijn mag-) zijn bijdragen waren er niet minder om. Al vrij in het begin raakte hij een kernpunt van leiderschap als hij zegt dat een goed leider het lef heeft om de kritiek te organiseren (ipv ”ja”-knikkers om zich heen te verzamelen). Daar mogen veel managers (leiders?) eens een lekker nachtje over slapen!

Lees ook:

De plug&play-organisatie

En ongeveer halverwege die uitzending (tussen pakweg de 15e en de 18e minuut van de uitzending) zegt Doekle Terpstra iets heel opmerkelijks als hij ingaat op het verschil tussen management en leiderschap. Hij concludeert dat er teveel gemanaged wordt op (financiele) kengetallen en dat er te weinig bestuurd wordt vanuit visie en ideeën en de verbinding daarvan met de dagelijkse praktijk. Daardoor is er volgens hem te weinig bezieling in organisaties en te veel aandacht voor aandeelhouderswaarde.

Ik sluit me aan bij Terpstra. We managen volgens mij in dit land te eenzijdig op financiële cijfers en (daardoor?) is er binnen organisaties vaak te weinig oog voor mensen, samenwerking(srelaties), gezamenlijk resultaat en bezieling.
Natuurlijk is geld een belangrijke factor, dat wil ook niemand ontkennen. Maar het is zeker niet de énige factor van belang.

Het volgende filmpje schetst een type leiderschap dat dichter bij de opvatting van Terpstra lijkt te komen:

http://www.youtube.com/watch?v=FsNzM0caBbE

Koning leeuw als symbool voor de hedendaagse manager. Het roofdier in de organisatie dat alles vanuit dat roofdierperspectief benadert: grauwend, snauwend en bijtend. Herinnert u zich dat reclamefilmpje van die ene Arbodienst nog?
Daar tegenover het beeld van de bedachtzame olifant die ook koning is, maar vanuit hele andere waarden: relaties, betrokkenheid, groepsgevoel, rust en bedachtzaamheid. Jammer dat het filmpje zo abrupt eindigt, maar we kunnen het allemaal afmaken als we onszelf even de tijd en de rust gunnen om ons het mogelijke vervolg voor de geest te halen. 

We managen tegenwoordig te veel en inspireren te weinig, zoals Terpstra in de betreffende uitzending opmerkt. En dat managen gebeurt bovendien vanuit te eenzijdige waarden. Je kunt het al ”lezen” in alle advertenties waarin topmanagers worden gevraagd. Altijd weer zie je in het gewenste profiel of bij de functie-eisen dingen als: financiele achtergrond, beheersmatige kwaliteiten, etc.
Alsof een organisatie uitsluitend begrepen en bestuurd kan worden met behulp van zaken die in spreadsheets vervat kunnen worden! Dat is net zoiets als denken dat je de wedstrijd kunt winnen door met z”n allen naar het scorebord te kijken schreef Jaap Peters  in zijn boek “De Intensieve Menshouderij”. En Pieter van Geel (fractieleider van het CDA in de Tweede Kamer) voegde er nog eens aan toe dat “geen enkele wedstrijd ooit van achter de bestuurstafel wordt gewonnen, maar echt alleen maar op het veld”. En je kunt van Geel er toch niet van verdenken lid te zijn van een klup die erop uit is heersende verhoudingen op z”n kop te zetten. 

Misschien wordt het tijd dat ik me aansluit bij de wens van het huidige kabinet om in Nederland meer met elkaar in gesprek te gaan over normen en waarden. Dan wil ík het heel graag hebben over de normen en waarden die op dit moment in veel (de meeste?) organisaties worden gehanteerd.

Leeuw of olifant. Het lijkt me een boeiende discussie om met elkaar te voeren. En dan zal ik onmiddellijk mijn eigen standpunt duidelijk maken: het gaat er mij niet om welk van beiden wint. Ik ben al lang tevreden als de balans tussen die twee eindelijk weer eens terugkeert.

Huub Smeets
januari 2009

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Sterke column en terechte punten.
Vraag blijft alleen hoe je die balans terugkrijgt.
Want al heeft in de natuur de olifant weinig te duchten van de leeuw, in de wereld van managers ligt dat iets anders.
Als je daar niet mee gaat met het roofdiergedrag moet je wel degelijk vrezen voor je leven.
In deze tijd van korte termijn doelen, snel scoren en “het creeren van aandeelhouderswaarde” is er geen tijd, laat staan waardering voor rust en bedachtzaamheid en het investeren in relaties en een groepsgevoel.
Het doorbreken dit onnatuurlijke evenwicht vraagt volgens mij een olifantengeduld en een hele dikke huid.

Goed artikel!
Als iedereen eens zou beginnen vanuit zijn eigen heldere weten te handelen en zich te verbinden. Echt zou zijn wie hij of zij werkelijk is, dan zou de wereld er al heel anders uit zien.
Weten we nog wel wie we zijn? En wat we écht willen? Kunnen we dat nog zien door onze enorme afstemming op wat de buitenwereld van ons “verwacht”???

x
x