Channels

Sinds de Olympische Spelen in Rio de Janeiro zijn gestart, spat de motivatie van de sporters van de buis. De motivatie straalt van de atleten die jarenlang keihard hebben getraind om nu op de toppen van hun kunnen te presteren. De vergelijking met de motivatie van werknemers is pijnlijk. Bedenk maar eens een Olympisch team waar 87% van de atleten niet betrokken zijn bij hun sport. Waarschijnlijk wordt dát niet zo’n succes. Dus, laten we het eens omdraaien en laten we kijken wat we kunnen leren van de atleten die nu strijden voor dat felbegeerde Olympisch goud.

1. De kracht van een doel

Voor Olympische atleten draait alles om dat ene doel: Olympisch goud. Voor werknemers is het doel vaak onduidelijk. Dean Tucker’s boek Using the Power of Purpose citeert een opmerkelijk onderzoek. Van de bevraagde werknemers:
• weet 37% wat de precieze doelen van de organisatie is;
• is slechts 20% enthousiast over die doelen;
• ziet 20% in hoe ze die doelen kunnen ondersteunen;
• en vertrouwt slechts 20% het bedrijf waarvoor ze werken volledig.

Lees ook:

De manager als Top Coach

Om het probleem te benadrukken, heeft Tucker deze statistieken vertaald naar een voetbalteam. Van de 11 spelers die zouden staan opgesteld:
• weten er 4 in welk doel ze moeten scoren;
• geven slechts 2 er daadwerkelijk iets om;
• beseffen er maar 2 op welke positie ze spelen;
• zullen er 2 net zo hard juichen als de tegenstander scoort.

Ik ben geen voetbalexpert, maar ik zou m’n geld niet inzetten op het bovenstaande team. De vraagt blijft, wat kunnen we leren van de Olympische atleten als het aankomt op een sterk doel?

a. Creëer je eigen gouden medaille
Olympische sporters zijn gedreven door de mogelijkheid om zich Olympisch kampioen te mogen noemen. Dit doel is zo belangrijk voor ze dat ze vier jaar lang hard werken en een eindeloze hoeveelheid trainingssessies afronden. Alles wordt in staat gesteld voor die kans op een gouden plak.

Vertaal dit eens naar je eigen werkplek en richt je op het creëren van je eigen ‘gouden medaille’. Roep je team bij elkaar en begin te dromen. Droom over hoe jullie ultieme doel eruit ziet. Een doel dat de harten sneller laat kloppen en de adrenaline doet stromen. Blijf dit doel scherpstellen totdat het voor iedereen aanvoelt als de ultieme gouden medaille.

b. Monitor de voortgang
Als je eenmaal het doel hebt bepaald is het belangrijk om de voortgang te blijven meten. Atleten houden nauwlettende hun voortgang in de gaten om er zeker van te zijn dat ze op het juiste pad zitten. Het houdt ze gemotiveerd. Het geeft ze de mogelijkheid om te experimenteren om te zien wat wel en wat niet werkt. Het geeft ze voldoening en vertrouwen wanneer ze weten dat ze vooruitgang boeken.

In het bedrijfsleven is het meten van de voortgang net zo belangrijk. De motivatie zal afnemen wanneer onduidelijk is of bepaalde acties je dichter bij je doel brengen. Als je dat wel weet dan stijgt de motivatie iedere keer als je weer een stapje dichter bij het doel bent gekomen.

c. Vier successen (en mislukkingen)
Ieder succes versterkt team motivatie. Vier de successen. En de fouten. Het is prima om eerst teleurgesteld te zijn, maar blijf gefocust op wat je kunt leren van je fouten.
Een duidelijk doel zorgt er niet alleen voor dat een team gemotiveerder en succesvoller is, het zorgt er ook voor dat saaie taken een stuk draagbaarder worden. Denk aan atleten en hun bikkelharde trainingssessies. Het is niet allemaal even plezierig, maar het is wel weer een stapje dichter bij succes.

2. Focus op je talenten

Dit is een eenvoudige. Olympische atleten focussen zich hun hele leven op hun sterkste talenten. Zorg ervoor dat jij en je team dit ook doen. Focus niet teveel op wat er in ieders taakomschrijving staat, maar focus op wat ieder in het team het beste kan.

Een praktische manier om dit op te pakken:
1. Verzamel je team
2. Maak een overzicht van al de te verrichten taken (liefst inclusief manager)
3. Verdeel de taken door ieder teamlid de taken eruit te laten pakken die het beste bij zijn of haar talenten past

3. Werk wanneer je op je best bent

Atleten trainen niet op bepaalde momenten omdat ze op bepaalde momenten moeten trainen. Ze trainen wanneer dit het effectiefst is. Als dat betekent dat ze midden in de nacht boven op een berg moeten trainen, dan is dat wat ze doen. Ze verspillen geen energie door te trainen op door iemand anders vastgestelde tijden als deze tijden niet effectief voor hun lichaam zijn.

Leer hier van. Zoek naar wat voor jou de beste tijden zijn om op te werken. Ga niet op kantoor zitten omdat “dat hier nou eenmaal zo werkt”. Als je problemen voorziet met je werkgever, vraag dan aan je baas om een klein experiment. Vraag toestemming om gedurende één week te werken wanneer en waar je wilt zolang je de vooraf besproken resultaten maar behaalt. Als je liever ’s nachts werkt, werk dan ’s nachts. Als je liever laat begint of een lange lunchpauze neemt, doe dit dan.

Evalueer na een week en verleng of pas het experiment aan. Langzaam maar zeker kun je jouw eigen ‘Olympische schema’ samenstellen om optimaal te presteren.

4. Experimenteer

Olympische atleten zijn continue aan het experimenteren en aanpassen van hun trainingsschema. In plaats van een lange termijn vastgesteld plan richten ze zich op experimenteren en het maken van kleine aanpassingen. Zoals Mike Tyson het ooit zei: “Everyone has a plan until they get punched in the face.”

Op het werk is het net zo. Of je het nu de Lean Startup aanpak noemt of Agile Scrum, bedrijven beseffen zich steeds meer dat de wereld te complex is om ver vooruit te plannen. Experimenteer veel, maak snel fouten, leer van ze, en pas je werkwijze aan. Dan komt die gouden plak steeds dichterbij.

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

[…] belang van passie is inde sportwereld goed waar te nemen. Hoe lastig wordt het als een sporter zijn/haar passie kwijt is. De sporter die […]

x
x