Channels

‘’Buitenstaanders zijn nodig om dit karwei tezamen met de zittende klasse te klaren’’ (blz. 122).

Wat kun je nog toevoegen na alles wat er al is gezegd? Iedereen heeft de kans gekregen wat te zeggen van de ‘’niet-gevestigde orde’’ tot de ‘’gevestigde orde’’ en van hoog tot laag. Op Hemelvaartdag ben ik begonnen met het lezen van ‘’De verweesde samenleving’’ van Pim Fortuyn (de laatst aangepaste druk van april dit jaar). De vrijdagavond van zijn begrafenis ben ik langs zijn huis gelopen en heb de discussies aangehoord te midden van zijn fans en las daar het opschrift:

LIEVE PIM RUST ZACHT
JIJ SPRAK IN JE EENTJE VOOR ONS,
NU SPREKEN WIJ MET Z’N ALLEN NAMENS JOU ………..

Lees ook:

Hoe je businessmodel toekomstbestendig maken?

TOTDAT OOK DEN HAAG
HET EINDELIJK SNAPT!
LAAT ZE ONS MAAR ONDERSCHATTEN!!!!
WE HEBBEN VÉÉL VAN JE GELEERD!!!!
LET MAAR OP!

AT YOUR SERVICE

Mensen kunnen aan je ruiken tot welke kaste je behoort. Daar doet een Jaguar, King Charles Spaniëls, een butler, dandy-achtig gedrag of een 2e woning in Italië kennelijk niets aan af. Het tegenovergestelde geldt dus ook. Je kunt wel zeggen dat je van de partij van arbeiders bent, maar je ruikt er niet na. Zodra je je mond open doet, heeft een ieder je referentiekader onmiddellijk in de gaten. Soms kom je in de top toch een verdwaalde ziel tegen: een gup in een goudvissenbak. Leuk voor de variatie zolang die maar niet echt vervelend wordt tussen de koningen, kroonprinsen en hofdames. Natuurlijk hoort er een hofnar op het hof bij om de ‘’respectabelen’ die er echt toedoen, zo nu en dan de spiegel voor te houden (Tyl Uilenspiegel) maar die hofnar moet natuurlijk geen ambities krijgen om koning te worden. Dan begrijpt hij het spelletje niet wat we hier met elkaar spelen: hou je aan de hoffelijkheden.

Ik schrijf dit omdat ik merk, niet op de laatste plaats bij mijzelf, dat iedereen met een ‘’respectabele’’ positie zich haast te melden dat hij zeker geen Fortuyn-adept is. Zelfs zijn eigen hooggeplaatste vrienden vertonen dat gedrag. Het is als een bruin pak met een cartoonstropdas dragen bij een ICT-bedrijf. Er is een collectieve schaamte bij het establishment om te zeggen: ‘’Ik ben een fan van Pim en ik sta nu op om zijn ideeën verder uit te dragen’’. Nee, ze verklaren liever het verschijnsel Fortuyn in de krant, op TV, etc., lekker afstandelijk, lekker mentaal en lekker ver van de plek der moeite (de echte dialoog). En dat wat je niet kan verklaren heet vervolgens: onderbuik gevoel. Dat is immers precies het tegenovergestelde waar ze zelf een overdaad aan hebben: bovenkamer ratio.

De angst bij de respectabelen zit er diep in, heel diep, om op de LPF te komen want door voor Pim te kiezen loop je een risico: afstand doen van macht of ……… Op de eerste bladzij van het boek ‘’De verweesde samenleving’’ staat het al: alles of niets! Je doet definitief afstand van de macht of je grijpt hem door je te plaatsen op de Lijst Pim Fortuyn. Dat gokspel trekt vier type categorieën mensen aan: mensen die per definitie schijt aan de macht hebben (de geboren hofnarren), mensen met zoveel geld dat de macht inmiddels de pot op kan, maar ze willen wel eens wat in de politiek te betekenen hebben, mensen die elders niet bij de macht kunnen (de zogenaamde losers) en vrienden van eerder genoemde drie categorieën (‘’kom erbij, gezellig’’). Inderdaad een bont gezelschap met veel kans dat er kaf onder het koren zit.

Waarom vertel ik dit? Omdat ik na het lezen van het boek niet begrijp waarom er tegen Pim zo heftig wordt geageerd. Er staat van alles (van visie tot activiteiten) heel concreet in, maar hij schopt wel tegen de schenen van het establishment. En kennelijk iedereen: media, politici en wetenschappers haasten zich om te melden dat het allemaal niets voorstelt. Alsof de gevestigde schaatsfabrikanten, TNO en hun vakpers collectief hebben besloten dat het nu maar eens afgelopen moet zijn met de klapschaats. Het leidt maar tot concurrentievervalsing en er is nog nooit eens goed doorgerekend hoeveel het zou kunnen schelen op een wereldrecord. Met zoveel onzekerheden is het natuurlijk zonde van je tijd en energie. ‘’Dat men dat niet begrijpt’’.

Ik pak een paar kernwoorden uit zijn boek: schaalvergroting en de menselijk maat, het uithanden geven van de vader – en moederrol (samen de regisseursrol) door de overheid, de vertechnocratiseerde samenleving, de vitale gemeenschap, onderwijsfabrieken, onvoldoende gemeenschapsstructuur, integratie tussen de culturen moet, de onverschillige samenleving (als je mij geen last bezorgt, dan laat ik jou je gang gaan), ………

De 238 bladzijden hier herhalen gaat te ver, maar het boek is bedoeld als inspirerende visie (een religieus sociologisch traktaat) en dat is het ook. Ik beperk me maar even met het oog op de verkiezingen tot zijn basisvisie op de politiek (vanaf blz. 114).

De belangrijkste attitude van de overheid hoort te zijn: dienstbaarheid aan volk en ondernemingen. Dit besef dient tot in de haarvaten van alle overheidsapparaten te zijn doorgedrongen. Nederland is geen BV, het is een samenleving van mensen die daarin werken, wonen en leven. Het is een wijdverbreide misvatting dat complexe problemen complexe oplossingen behoeven. Sleutelbegrippen zijn: vereenvoudiging, globalisering, schaalverkleining en strategische netwerken. Het begint met een eenduidige definiëring van de taak van het politiek bestuur. Dat is niet hetzelfde als het managen van een land, maar van het voeren van politieke regie. Een politiek ambtsdrager behoort geen manager te zijn met een daaronder ressorterende bureaucratie. De politiek is de regisseur van het toneelstuk. De regisseur is in staat problemen dusdanig te conceptualiseren opdat oplossingen door de acteurs bedacht kunnen worden en binnen bereik komen. De overheid doet dat op basis van een gearticuleerde set normen en waarden die voortdurend object zijn van herformulering. De huidige, ontideologiseerde, politiek genereert slechts technocratische maatregelen, regelgeving en oplossingen die alleen voor hen zelf inzichtelijk zijn. Dit komt omdat hoge functionarissen niet meer worden geselecteerd op hun inhoudelijke vakbekwaamheid, maar op hun politieke achtergrond. Inhoudelijke professionals zijn verdrongen door politieke professionals, die een loopbaan hebben gevolgd binnen het partijsysteem. Bij verkiezingen vervangen we de mix van de ene politieke professional door die van de andere en dat uiteindelijk leidt tot een gesloten incestueus systeem. Uiteindelijk zal het systeem hieraan bezwijken omdat de afstandsbeleving tussen de politiek en de burger eerder toe- dan afneemt. Het leidt tot een gebrek aan vitaliteit en een gebrek aan toestroom van buitenstaanders (wie wil nou zo’n klote baan?). De enige oplossing is deze spiraal goed- of kwaadschiks te doorbreken. Eén ding is zeker, dat zal nooit door de zittende kaste zelf gebeuren, maar – zo leert de geschiedenis – door buitenstaanders. De technocratische dossierkenner wordt weer vervangen door een filosoof (m/v) die morele leiding geeft aan de gemeenschap. Deze filosoof is niet per definitie gevormd op de academie, maar door de opgedane levenswijsheid. Een politicus is dan geen beroep, met een salaris en een carrière, maar een roeping. Het begin- en eindpunt van alle regelgeving en uitvoeringsorganisaties is de menselijke maat. Buitenstaanders zijn hoognodig om dit karwei tezamen met de zittende kaste te klaren (blz. 122).

Pim beschrijft de politiek als een doorgefokt hondenras met alle gevolgen van dien. Ik heb hierboven ongeveer acht pagina’s samengevat. Neemt u even van mij aan dat het boek vol staat met dergelijke ‘’verhalen’’ over actuele vraagstukken in de samenleving. In mijn optiek is er niets mis mee en je kunt er zomaar beleid en concrete activiteiten uit afleiden voor zover hij dat zelf al niet heeft gedaan. Maar misschien kunnen technocratische dossierkenners en hun media dat niet meer. Ze herkennen pas als iets van waarde als het concreet is en in geld kan worden uitgedrukt (dat heet ‘doorgerekend’ in het Haagse vakjargon).

Hij spreekt in het boek zeker niet de taal van het volk. Zijn taalgebruik verraadt natuurlijk zijn academische achtergrond en ‘’de man in de straat’’ zal het boek zeker niet herkennen als in zijn taal geschreven. Waarom is Pim dan toch van het volk zoals bleek in de dagen na zijn liquidatie?

Professor Pim rook, net als Feyenoord, niet naar de niet-respectabele kant van de samenleving. Het gevecht tegen de stroom in en dan toch de andere cup winnen. Hij was hun hoop, juist omdat hij in de taal van het establishment ze met hun eigen wapens (het woord) onderuit wist te halen. En de paniek was groot, erg groot.

En wat blijft is de uitdaging de vernieuwing in de politiek juist nu door te zetten. Pim heeft een bres geslagen en, op 15 mei, is er de ultieme kans er 40 amateur politici, ongeacht bij welke partij ze thuishoren, door heen te stemmen. Laten we kiezen op 20 hofnarren en 20 mensen die hen met raad (enige basale kennis van politiek Den Haag) en daad (met geld) bij kunnen staan. Kies bewust voor een persoon waarvan je weet dat politiek zijn/haar roeping is, die nee stemt als hij/zij dat wil en die de partijdiscipline of het regeringsakkoord aan z’n laars durft te lappen als het eigen gevoel daarom vraagt. Kies niet zomaar voor een partij en als je niet zo’n naam en beeld voor ogen hebt, kies dan in Godsnaam maar LPF. Toeval (toe vallen) bestaat en het zal de juiste man/vrouw aan de macht helpen. Ieder land krijgt de regering die het verdient. Durf iets bijzonders te doen met je stem!

De verweesde samenleving: Pim Fortuyn (ISBN 90-6112-931-1), Karakteruitgevers BV

 

Reageer

Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Reacties

Jaap,

Een prima stuk…

Ik zou aan jouw LPF stemmers categorieen nog 1 categorie toe willen voegen: dat is de categorie waartoe jijzelf behoort. Mensen die gewoon hun gezond verstand gebruiken en open staan voor nieuw en zich bovenal niet laten imponeren door valse berichtgeving van media, politici en andere onverlaten die wars zijn van verandering. Pim was van alles, maar zeker niet extreem-rechts. De politici en mensen die zijn boeken hebben gelezen (het zijn er helaas niet veel die de moeite hebben genomen) zouden zelfs kunnen concluderen dat hij in vele opzichten een stuk humanistischer was dan de oude garde.

Het is te triest voor woorden dat je je bezwaard voelt te verklaren dat je op Pim stemt…de inhoudelijke discussie ben ik al weken niet meer aangegaan…je kunt een blinde de kleur oranje immers niet laten zien door het hem uit te leggen.

De aversie tegen Pim gaat mijns inziens zeker niet over de inhoud (die kennen zijn tegenstanders niet, want ze zijn te hoogmnmoedig om deze inhoud daadwerkelijk te bestuderen)..maar gaat over angst en macht.

Complexe sociale systemen laten zich kennelijk niet verklaren met simpele lineaire modellen. BNP omhoog –> welvaart –> welzijn…er spelen blijkbaar andere processen. Sociale aspectsystemen met een verschillende collective minds…

Misschien kunnen we hier het een en ander van opsteken als we willen ingrijpen in ontwerp en verandering van sociale systemen.

Pim is niet meer. Hij is geliquideerd in een poging zijn vermeende gedachtegoed monddood te maken. Vermeende gedachtegoed omdat de heer Fortuyn, toen hij ongrijpbaar bleek en lastig in bestaande vakjes was te plaatsen, door een aantal politieke tegenstanders en een deel van de pers in een hoek is geplaatst waar hij niet in thuis hoort en ook nooit thuis heeft gehoord. Door het uitvergroten van één artikel is hij op één lijn geplaatst met extreem-rechtse figuren als Haider, Le Pen en De Winter. Toegegeven, de heer Fortuyn heeft door zijn uitlatingen in de Volkskrant die weg geopend. Maar de politiek en pers die geen grip konden krijgen op de inhoud van Lijst Fortuyn, reageerde met een spastische Pavlov-reactie. Door het collectieve Nederlandse schuldgevoel, een erfenis uit de Tweede Wereldoorlog (*), is het in Nederland politiek incorrect om immigranten ook daadwerkelijk aan te spreken op hun verantwoordelijkheden en plichten. Toen Pim dat, op zijn ongenuanceerde manier, wel deed mocht hij in de pers van zijn collega politici predikaten als “gevaarlijke man” en “pleefiguur” ontvangen. Het zou te makkelijk zijn om nu de schuld van deze moordaanslag bij de pers, D66, PvdA en VVD te leggen, maar dat hun uitlatingen bij de schutter in kwestie een vruchtbare voedingsbodem hebben gevonden lijkt mij helder.

En dat allemaal vanwege een groot misverstand, in het leven geroepen door “Paars” en de pers, dat Pim extreem-rechts is. Niets is minder waar. In feite heeft de heer Fortuyn zijn socialistische verleden nooit helemaal van zich af kunnen schudden. Objectief beschouwd geven zijn programmapunten dus een heel ander beeld van Pim. Onlangs becijferde een gerenommeerde wetenschapper die alle partijprogramma’s heeft geanalyseerd stellig dat het programma van Lijst Fortuyn “linkser” is dan dat van de VVD en afhankelijk van de interpretatie gemiddeld zelfs links van het midden kan worden gezien. Door het uitvergroten van het standpunt met betrekking tot immigranten is de context van het partijprogramma veel geweld aangedaan.

Gelukkig gaan de verkiezingen door. Niet omdat uitstel een overwinning zou betekenen voor de schutter, deze heeft waarschijnlijk nooit tot doel gehad de verkiezingen in zijn geheel te saboteren, maar omdat anders het momentum dat de heer Fortuyn zo moeizaam heeft opgebouwd mogelijk verloren zal gaan. Daar zit ook meteen de crux. Men kan niet postuum op Pim gaan stemmen. Het kan wel, maar Pim krijgt die zetel niet postuum toegekend. Die mogelijkheid is niet in de kieswet voorzien. De stem gaat naar de volgende op dezelfde lijst. Aldus geen lege zetel ter protest. Waar moet zijn aanhang nu naar toe? Stemmen op de Lijst Fortuyn biedt zonder Pim toch minder perspectief. De kwaliteit van de kandidaten is nog niet aangetoond. Het programma van de lijst waar hij vandaan kwam, Leefbaar Nederland, kent vele overeenkomsten. Terecht sprak Jan Nagel de Lijst Fortuyn eerder deze week aan op het kopieergedrag. Deze partij is bovendien, evenals Lijst Fortuyn, nog politiek onbevlekt. Dat is een voorwaarde voor het veranderen van de gevestigde orde. De geschiedenis van D66 is daar een voorbeeld van. Deze partij is tegenwoordig ingekapseld in de regentencultuur en komt aan de beloofde vernieuwing niet toe, getuige de “nacht van Wiegel”. Toch is ook LN geen serieuze optie. Met slechts twee resterende zetels in de peilingen kan weinig verandering worden gegarandeerd. Het is immers niet reëel te verwachten dat alle mensen die mogelijk op Fortuyn zouden hebben gestemd, volgens Intomart goed voor 38 zetels, ook zonder Pim zullen kiezen voor vernieuwing. Een hoop kiezers zullen vinden dat Pim zijn doel eigenlijk al heeft bereikt: de politiek is wakker geschud en zal nooit meer zijn als vroeger. Deze kiezers zullen zich mogelijk daarom op het laatste moment laten verleiden door de traditionele partijen. Een ander deel zal mogelijk volharden en kiezen voor Lijst Fortuyn en Leefbaar Nederland. Als deze partijen nog ten volle willen profiteren van het momentum zal er niets anders op zitten dan nog voor de verkiezingen te fuseren en één van beide broers van Fortuyn aan de partij te binden in een symbolische functie. Voor de democratie hoop ik dat dat lukt. Ik was geen fan van Fortuyn en het zeker niet altijd eens met zijn standpunten, maar een hoop mensen wel. En dat is democratie.

D.E. van der Spoel – managing partner van ADES Managementstrategieën te Amersfoort

(*) In HP/DeTijd van 26 april schreef Joost Niemöller: “Ook het Nederlandse Kabinet leeft moreel gesproken nog steeds in de Tweede Wereldoorlog en meet de wereld af aan het schuldgevoel ten opzichte van de zomaar zonder Nederlands verzet weggevoerde joden. Het is al vaak door anderen in detail geanalyseerd, bijvoorbeeld door J.A.A. van Doorn. Hierdoor hebben minderheden een heilige status gekregen en rust er een taboe op de buitenlandersproblematiek. In een steeds krampachtiger poging tot verzet heet iedereen die deze discussie wil openen daarom gelijk een Hitler. Een demonisering waar jarenlang geen verzet tegen mogelijk leek.”

Tijdens de uitvaartmis herinnerde Simon Fortuyn nog eens aan het levensmotto van zijn broer Pim: ‘Verander de wereld, begin bij jezelf’.

‘Verander de wereld’ is ook de titel van een boek van Robert E. Quinn – een gezaghebbend auteur over management en leiderschap – met een belangrijke ondertitel: hoe gewone mensen buitengewone prestaties kunnen leveren. Aan de hand van de levens (en vooral het gedrag) van drie historische leiders – Jezus, Gandhi en Martin Luther King, maar ook aan de hand van veel gewone mensen – presenteert Quinn een aantal principes waarmee elk van ons zowel in het persoonlijke als in het professionele leven ‘dramatische’ verandering kan bewerkstelligen.

De principes zijn:
– stel u een productieve gemeenschap voor (bij Fortuyn het tegendeel van de verweesde samenleving);
– begin met zelfonderzoek (uiteindelijk gaat het om hervorming van binnen uit);
– onderken je eigen hypocrisie ( we organiseren ons leven vanuit vier basiswaarden [Agyris]. We peorberen: 1) de macht in handen te houden; 2) succes te heben; 3) negatieve gevoelens te onderdrukken en 4) rationele doelstellingen na te streven. In het licht van deze waarden wordt elke bedreiging dat we tekortschieten ervaren als een bedreiging. Daarmee sluiten we ons af, uitgerekend op het moment dat we open zouden moeten staan om iets over onszelf te leren. Fortuyn was die wordteling nog niet lang te boven;
– overwin je angsten (altijd moeilijk: “als ik geweten had waaraan ik begonnen was had ik het niet gedurfd”. Maar hij durfde wel!);
– sta model voor een model van algemeen welzijn;
– ontregel het systeem;
– geef je over aan het proces;
– overtuig door morele kracht.

Jezus, Gandhi en Martin Luther King verdienen wat mij betreft geen heiligenkrans. En Fortuyn ook niet. Maar wel respect en daarmee – voor mij althans – de uitnodiging naar binnen te kijken en mijzelf het volgende af te vragen: is er iets in hun leven dat mij inspireert?
Voor wat Fortuyn betreft was dat ‘weg met de schone schijn’; de keizer heeft geen kleren aan!

Ik stem vandaag. Niet op de LPF. Ik vertrouw er daarbij op dat de mensen van de partij waarop ik stem ook geraakt zijn door het idee dat politiek niet draait om de macht sec, maar om wat je er, zichtbaar dienstbaar aan de samenleving, mee doet. Niet door volmaakte mensen, maar door mensen die goed genoeg zijn.

Jaren terug werd je politieagent, brandweerman, verpleegkundige, leraar of onderwijzer of politicus omdat je gepassioneerd was voor het werk. Je wilde iets toevoegen aan deze maatschappij, eigenlijk voelde je je inderdaad een beetje wereldverbeteraar, maar het dreef je wel voort en gaf je energie, zicht op vele mogelijkheden en een missie voor je leven. Op een of andere manier is er over de Nederlandse samenleving een collectieve desintresse in elkaar geslopen. We constateerden een opkomend individualisme en gingen als een marketeer daarmee aan de slag, het individualisme daarmee versterkend.
En op de avond dat ik dit schrijf, de verkiezingsavond, hoor je nog steeds politici die geen intresse in de problemen tonen, maar blijven ‘melken’ over dat je die nieuwelingen niet kunt vertrouwen. Alsof de kiezer niet net een krachtige motie van wantrouwen heeft afgegeven aan de politici van het individualisme.
Gezond verstand politici, van welke partij doet niet terzake, maar op een consequente en consistente wijze werkend aan het oplossen van vraagstukken op maatschappelijke thema’s hebben de toekomst. Zij willen een gepassioneerde verpleegkundige aan het bed, die het niet erg vindt om 10 minuten door te werken, om een patient echt goed te kunnen helpen en niet meteen overuren schrijft of het werk laat liggen omdat ze nodig tijd voor zichzelf nodig heeft. Zij willen een politieagent die ingrijpt als de stenen uit de straat worden getrokken en niet wacht op een opdracht van boven. Dat is natuurlijk wel lekker veilig, maar je loopt altijd achter de raddraaiers aan. Die wil een leraar die weer nadenkt over onderwijskunde, die ziet wat de beste methode is voor zijn kinderen op dat moment. Enz.
Passie en vertrouwen geeft moed en dat hebben we nodig om te kunnen veranderen. Daar kunnen vakpolitici, die niet openstaan voor dialoog maar voor achterkamertjes gekonkel even niet aan meedoen. Daar moet je nieuwe denkers voor hebben, want je kunt de problemen toch niet oplossen met het denken dat de problemen heeft veroorzaakt.

Een beetje kinderachtig misschien, maar spelenderwijs doen wij de meeste kennis op. Jullie zijn voor dus ik ben tegen. Dat herkende ik ook in Fortuyn aan de debat tafel. Hij was een toneelspeler, geen regisseur en hij was rechts in veel zinnen van dat woord, maar dat doet niet ter zake. Links en rechts zijn inderdaad verouderde begrippen, waar ik niet veel meer mee kan dan ,,meestal meer resp. minder aandacht voor de schandelijk onrechtvaardige verdeling van welvaart in onze samenleving (om over het buitenland maar niet te spreken)”

Waarom was Fortuyn dan FOUT? En waarom sta ik op het recht om dat te mogen zeggen zonder met WOII te worden opgezadeld?

Hij was FOUT omdat hij speelde met de levens van een heleboel mensen zonder daar verantwoording voor te kunnen afleggen (het nadeel van een solist). Idealiter zouden deze mensen voor zichzelf opkomen -dan kun je zeggen ,,eigen schuld dikke bult” als zij onder het bestaans-minimum zakken. Helaas is het (nog) niet zover, en waarschijnlijk zal dat ook nooit gebeuren. Ongelijkheid en uitbuiting horen bij een groep mensen -zeker een groep groter dan 1miljoen -omdat niet iedereen lief, aardig en slim is.

Over de WOII dit: ethiek is van alle tijden, en is altijd moeilijk. Wij zijn zeker ethisch analfabeet, maar dat betekent niet dat we de taal maar moeten afschaffen. In de ethiek is het belangrijk open te staan (zie reactie De Klerk)

Als Fortuyn oprecht was geweest met de hervormingen waarom weigerde hij dan andere vernieuwers zoals de SP en Christenunie bij zijn missie te betrekken? Zijn arrogante houding wekte bij mij niet de indruk dat hij worstelde met zijn gebrek aan openheid.

Uitsmijter: verschuilen jullie je nu niet net zo hard achter het rationele idee van de chaos en vernieuwing -laat je hart spreken en verzwijg niet de solidariteit als die daar huist. Ik weet het ook niet, maar hij voelde niet GOED.

Spoor schreef:
Hij was FOUT omdat hij speelde met de levens van een heleboel mensen zonder daar verantwoording voor te kunnen afleggen (het nadeel van een solist). Idealiter zouden deze mensen voor zichzelf opkomen -dan kun je zeggen ,,eigen schuld dikke bult” als zij onder het bestaans-minimum zakken. Helaas is het (nog) niet zover, en waarschijnlijk zal dat ook nooit gebeuren. Ongelijkheid en uitbuiting horen bij een groep mensen -zeker een groep groter dan 1miljoen -omdat niet iedereen lief, aardig en slim is.

1- Definieer spelen met de levens van? Volgens mij heb je zijn boeken niet gelezen, want als het over het bestaansminimum gaat, dan kun je in Puinhopen Pim’s veel humanitairdere opvattingen daarover lezen.
2- Een staaltje paars kun je vinden op http://www.buitenlandsepartner.nl
3.- De wantoestanden bij legaal in Nederland verblijvende uitgeprocedeerde asielzoekers: arme mensen zonder dak, zonder eten zonder iets, door de regelzucht van Paars overgelaten aan hun lot. Over asociaal gesproken en FOUT!
4- Mensen zonder werk met een uitkering ‘verdienen’ 140% van het minimumloon. UItgebuit worden dus die mensne de tegen een minimumloon gewoon werken. Misbruik wordt dus aangemoedigd, want niet alle mensen zijn goed van zin zoals je zelf al constateert..wel eens de instelling van sommigen in het verre buitenland gehoord over de WAO en de Ziektewet in Nederland? Ik wel: oh krijg je uitbetaald als je ziek bent? Dan zijn jullie dus zeker allemaal altijd ziek. Dat soort mensen komt dus ook hierheen…deze grootscheepse fraude (wel eens op de parkeerplaats van de Sociale Dienst in Den Haag gestaan, waar mensen in BMW’ s van enkele tonnen hun WW komen ophalen? Nee, zeker) moet bekostigd worden…wie betaalt? Juist de middenklasse, die overal voor moet betalen en het dus ook financieel niet makkelijk hebben. Dat is dus asociaal
5. Ik kan nog wel even doorgaan, maar raad je voor het gemak eens aan Puinhopen te bestuderen..alwaar dergelijke asociale, niet humanitaire zaken, onstaan in de tijd van regeren van de huidige politiek, schering en inslag zijn.

Beste R.,
Als je aan publieke debatten wilt meedoen dan dien je je identiteit bekend te maken. Als je dat niet durft dan moet je niet participeren.
De eerste alinea van je eerste bijdrage “LPF stemmers” (14-05-2002) is ronduit bespottelijk.
Ik citeer:
“Ik zou aan jouw LPF stemmers categorieën nog 1 categorie toe willen voegen: dat is de categorie waartoe jijzelf behoort. Mensen die gewoon hun gezond verstand gebruiken en open staan voor nieuw (…… ??) en zich bovenal niet laten imponeren door valse berichtgeving van media, politici en andere onverlaten die wars zijn van verandering.”
Moeten wij hieruit begrijpen dat alleen onder LPF stemmers mensen voorkomen die hun gezond vertand gebruiken? Je opmerking over de auteur tendeert naar persoonsverheerlijking. In een elektronisch management tijdschrift dient men zich van dit soort uitspraken te onthouden. Er dient zakelijk en op basis van argumenten over bepaalde thema´s te worden gedebatteerd. Door opmerkingen over de auteur zelf te plaatsen loop je het risico dat de discussie zich verplaatst van het thema zelf naar minder belangrijke zaken zoals een controverse rond de persoon van de auteur. Verder geef ik je in overweging de column “Over het onderhoud van luchtkastelen” plus de daaraan toegevoegde commentaren eens te lezen en vervolgens je serviele opvatting te herzien.

In je tweede bijdrage “Wie is nu fout” (19-05-2002) wordt wel duidelijk wat met gezond verstand denken wordt bedoeld. Je schrijft: “Wie betaald? Juist de middenklasse, die overal voor moet betalen en het dus financieel niet makkelijk hebben. Dat is asociaal.” De frustraties druipen hier van het scherm. Wat is de tragiek van de middenklasse, beste R.? Ze moeten niet alleen overal voor betalen. Ze zijn ook nog de loopjongens of de slippendragers van de Machtigen der Aarde (de aandeelhouders, het “Grootkapitaal”, of het topmanagement, de “Groot-Industriëlen”, the “Captains of Industry” ?; zie weer de column “Over het onderhoud van luchtkastelen” plus commentaren).
Al die hogere en middenkaderfunctionarissen uit de middenklasse zijn betrokken bij de beleidsvoorbereiding of bij de beleidsuitvoering van de organisaties waarin ze actief zijn. Wat zouden ze zelf ook graag eens aan de touwtjes trekken, niet? Maar helaas dat zit er niet aan. Als alle ambities die leven in de middenklasse zouden moeten worden gehonoreerd dan zou de maatschappij een omgekeerde piramide (brede top, smalle basis) moeten vertonen. De werkelijke behoefte aan leiding etc. toont echter een klassieke piramide. De Wet van Say, elk aanbod schept zijn eigen vraag (of probeert dat althans) stuit hier op de Wet van Keynes, elke vraag schept zijn eigen aanbod (en dat is dus maar een beperkt aanbod). Dus een grote groep blijft gefrustreerd achter nadat het selectieproces heeft plaats gehad. Was dit niet het probleem waar Pim Fortuyn ook mee zat? Nadat alle klassieke kanalen om aan de macht te komen waren afgesloten was er nog slechts één weg open. Via een eigen lijst de politiek ingaan. Uiteraard moet de massa dan worden gemobiliseerd en moeten er problemen worden verzonnen om het publiek tot stemmen te motiveren. En zo ontstonden de “Puinhopen van Paars”. Dankzij het enorme retorische talent van de persoon werd deze hefboom om aan de macht te komen tot ontwikkeling gebracht. Met de gekende treurige afloop. Nu kan een doorsnee burger, Mat Herben, bij uitstek een vertegenwoordiger van de middenklasse, plotsklaps plaats nemen midden in het centrum van de macht. De droom van iedere hogere of middenkaderfunctionaris wordt hier gerealiseerd. Af en toe weet een lid uit die middenklasse inderdaad een grote sprong voorwaarts te maken en zich een plek te verwerven waardoor hij of zij “aan de knoppen kan zitten”. Voor een enkeling is dit slechts weggelegd. De overigen uit de middenklasse blijven nu nog gefrustreerder achter. Voor hen zat het er weer niet in. Er zit niets anders op dan je hierbij neer te leggen. De middenklasse moet gewoon z´n plek kennen. En dat is in het midden. De middenklasse moet gewoon doorgaan met hard werken, veel geld verdienen en kan via het overheidsbudget anderen laten meedelen in hun welvaart. Een welvarende maatschappij kan niet zonder een robuuste middenklasse!

We sluiten af met een tweetal stellingen.

Stelling 1:
Het is niet van deze tijd om mensen een stemadvies te geven!
We leven niet meer in de jaren vijftig van de vorige eeuw toen meneer pastoor vanaf zijn kansel de kudde een stemadvies voorhield. Of verbeeldt de auteur zich in een positie van geestelijk leiderschap te bevinden en meent hij in een behoefte te voorzien? Van types à la R. wellicht?

Stelling 2:
Schoenmaker. Blijf bij je leest!
Mocht de auteur overwegen via de columns van dit elektronische managementtijdschrift een forum voor zijn opinies te creëren en een doelgroep van aanhangers aan te boren, net zoals Pim Fortuyn deed bij de Elsevier, om vervolgens bij de volgende Tweede Kamerverkiezingen op te komen met de lijst LJP dan juichen wij dit initiatief toe. Op zijn lijst stemmen zullen we niet doen, de onderliggende agenda is wel duidelijk, maar we zullen de ontwikkelingen met belangstelling tegemoet zien. Niets is zo tergend als de verveling van een middenklasse bestaan. Dus sla bovenstaande stelling vooral in de wind! Of toch niet?

Toon alle 7 reacties
x
x