Het nieuwe kabinet koppelt de AOW-leeftijd sterker aan hoe oud we gemiddeld worden. Leven we een jaar langer? Dan werken we ook een jaar langer (en niet maar acht maanden, zoals nu). Dat klinkt heftig: "We moeten straks nóg langer door." Ik snap de weerstand. Maar je pensioenperiode blijft even lang. Alles schuift gewoon wat op.
Is dat echt zo'n drama? Of maken we het groter dan het is?
De cijfers vertellen een ander verhaal
Het RIVM onderzocht hoe 55-plussers het houden vol op het werk. De uitkomst verraste me. In 2010 werkten 55-jarigen gemiddeld nog 8,5 jaar door. In 2019 was dat al 11 jaar. Dat is 2,5 jaar extra. En die extra jaren werken mensen gemiddeld in goede gezondheid — fysiek en mentaal in staat hun werk te doen.
Uitzonderingen zijn er. Mensen in de bouw, de industrie, het onderwijs — voor hen klopt dit beeld niet altijd. Dat verdient serieuze aandacht. Maar het brede plaatje is helder: we werken al langer, en dat gaat meestal goed.
Dus waar zit dan de echte pijn?
Zware beroepen krijgen al ruimte
Voor écht zware beroepen bestaat de Regeling Vervroegde Uittreding. Stratenmakers, operatieassistenten, ambulancepersoneel, brandweerlieden — zij mogen tot drie jaar eerder stoppen. In de cao's staat nauwkeurig beschreven welke beroepen daaronder vallen. Terecht. Want zwaar is zwaar.
Maar ik hoor steeds meer mensen zeggen: mijn werk is ook zwaar. De lijst van mensen die eerder wil stoppen is een stuk langer dan de lijst in de cao.
Dat triggert mij. Gaat het om fysieke belasting? Of over iets anders?
Wat als het echte probleem werkplezier is?
Ik kan maar één reden bedenken waarom mensen massaal eerder willen stoppen. Ze vinden hun werk niet leuk meer.
Zeg het maar gewoon.
Als je energie krijgt van wat je doet, voelt een extra jaar niet als straf. Dan voelt het als tijd waarin je ertoe doet. Maar als je al jaren met tegenzin naar je werk gaat, wordt langer werken ineens een dreiging. Niet omdat je het lichaam niet aankan. Maar omdat je er mentaal al klaar mee bent.
En dan wordt het spannend. Want wie betaalt die rekening? De sector? De overheid? De volgende generatie? Is het eerlijk om de maatschappij te laten opdraaien voor een werkplek waar jij al tien jaar niets aan veranderd hebt?
Dat is een ongemakkelijke vraag. Maar wel een eerlijke.
Maar ook organisaties hebben een verantwoordelijkheid
De vergrijzing van de arbeidsmarkt is geen verrassing meer. En toch behandelen veel organisaties het alsof het ze overkomt.
Dat hoeft niet. Steeds meer bedrijven voeren levensfasebewust personeelsbeleid in: beleid, taken en werktijden afgestemd op de levensfase van de medewerker. Niet als gunst, maar als logische investering.
- Achmea heeft een ‘Zilverpool’ opgezet van oudere medewerkers, die tijdelijk of op projectbasis ingezet kunnen worden in de organisatie.
- Een transportbedrijf dat chauffeurs boven de 60 kortere ritten laat rijden.
- TNO die oudere medewerkers inzet als kennisdragers of senior experts, met minder operationele taken en meer focus op advies, onderzoek en mentorschap.
- Scholen die ervaren docenten inzetten als begeleider van startende leraren, in plaats van hen vijf dagen voor de klas te zetten.
- Het generatiepact van ASML, dat oudere medewerkers de mogelijkheid biedt om over te stappen naar minder fysiek belastende functies, bijvoorbeeld in training, kwaliteitscontrole of als technisch adviseur. Met aanpassing van salaris en uren.
Kleine aanpassingen, groot effect — voor de medewerker én voor de organisatie. Want de kennis en het vakmanschap van ervaren mensen zijn te waardevol om vroegtijdig te verliezen.
In veel cao's zijn dit soort afspraken al opgenomen. Het generatiepact: 80% werken, 90% salaris, 100% pensioenopbouw. Seniorenregelingen waarbij werkgevers een vergoeding krijgen als oudere medewerkers een dag minder werken. Individuele vitaliteitspacten. De instrumenten bestaan. Ze worden alleen lang niet altijd en overal gebruikt.
De crux is dit bespreekbaar maken
Afwachten is geen strategie. Als je niets doet, overkomt het je — en je mensen. Banen worden zwaar. Mensen willen eerder stoppen. En dan sta je als werkgever met lege handen.
De oplossing is niet ingewikkeld. Vraag gewoon aan je mensen hoe ze het werk ervaren en waarmee ze geholpen zijn. Bedenk samen oplossingen. En regel het dan ook.
Dat is alles.
Dus: regie pakken
Vragen voor elke medewerker:
- Is dit nog de juiste baan voor jou?
- Past deze werkomgeving nog bij wie je bent?
- Ga je daar vandaag nog iets aan doen?
Als het antwoord "ja" is: mooi. Extra werkjaren zijn dan geen probleem. Men blijft waarde toevoegen en blijft groeien.
Als het antwoord "nee" is: ga het gesprek aan. Pas het werk aan. Of kies iets anders. Wachten tot het pensioen lost niets op — het maakt de laatste jaren alleen zwaarder.
We leven langer. We blijven langer gezond. We werken al langer door. Dat is de realiteit. De echte zwaarte zit ergens anders: werk doen waar je al jaren geen zin meer in hebt.
Langer werken is geen probleem. Vastzitten wel.
Simpel.
Bron:
https://www.rivm.nl/nieuws/nederlandse-bevolking-werkt-langer-en-in-goede-gezondheid-door
Deel uw ervaringen op ManagementSite
Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.
SCHRIJF MEE >>
Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--