Het vertrouwenstekort van leiders

Columns

Waarom mensen afhaken wanneer leiders iets anders doen dan ze zeggen.

Het vertrouwen in leiders staat wereldwijd onder druk. Dat zien we niet alleen in de politiek, maar ook in het bedrijfsleven, in maatschappelijke organisaties en steeds vaker binnen onze eigen teams. In een tijd waarin geopolitieke spanningen oplopen, energiezekerheid niet langer vanzelfsprekend is, kunstmatige intelligentie bestaande verdienmodellen op zijn kop zet en maatschappelijke polarisatie toeneemt, kijken mensen nadrukkelijk naar hun leiders voor richting en houvast. Juist daar ontstaat een groeiend ongemak.

Te vaak zien we leiders die grote woorden gebruiken over verantwoordelijkheid, samenwerking, duurzaamheid of verbinding, terwijl hun handelen een ander verhaal vertelt. Politieke leiders die complexe vraagstukken reduceren tot eenvoudige slogans. Bestuurders die spreken over lange termijn waardecreatie, maar zich laten leiden door de druk van het volgende kwartaal. Organisaties die vertrouwen centraal zeggen te stellen, terwijl controlemechanismen verder worden aangescherpt.

Het gevolg is niet alleen scepsis over individuele leiders. Het raakt aan iets fundamentelers: het vertrouwen in leiderschap zelf.

Daarmee komt een ongemakkelijke vraag op tafel. Niet alleen voor politici, bestuurders of managers, maar voor iedereen die invloed uitoefent op anderen:

Waarom ervaren mensen leiders vaak anders dan leiders zichzelf zien?

Kunnen we onze leiders nog vertrouwen?

Die vraag raakt aan iets diepers dan populariteit of reputatie. Ze raakt aan de geloofwaardigheid van leiderschap zelf.

Wanneer mensen het vertrouwen verliezen in leiders, gaat dat zelden over één incident. Vertrouwen verdwijnt meestal geleidelijk. Het ontstaat wanneer er een groeiende kloof ontstaat tussen woorden en daden, tussen intenties en ervaren gedrag. Mensen luisteren niet alleen naar wat leiders zeggen; zij observeren vooral wat leiders doen. Juist in tijden van onzekerheid wordt die observatie scherper.

De uitspraak van Augustinus, “Wij zijn de tijden”, krijgt daardoor een bijzondere actualiteit. De tijd waarin wij leven wordt niet alleen bepaald door economische ontwikkelingen, geopolitieke verschuivingen of technologische innovaties. Zij wordt mede gevormd door de kwaliteit van onze keuzes. Door de manier waarop leiders omgaan met macht, waarheid, verantwoordelijkheid en onzekerheid.

 

Daarmee wordt leiderschap in essentie een moreel vraagstuk.
In mijn boek Jouw Keuze – Leiderschap als positieve kracht beschrijf ik leiderschap als een voortdurende keuze. Niet een keuze tussen succes en falen, maar tussen gemak en verantwoordelijkheid. Tussen reageren op omstandigheden en richting geven aan omstandigheden. Tussen handelen vanuit korte termijn belangen of vanuit waarden die ook standhouden wanneer de druk toeneemt.

Juist daar wringt het vandaag.

We leven in een tijd waarin leiders voortdurend worden uitgedaagd om complexe vraagstukken terug te brengen tot eenvoudige boodschappen. Sociale media belonen snelheid boven nuance. Politieke systemen stimuleren zichtbaarheid boven wijsheid. Organisaties worden afgerekend op kwartaalresultaten terwijl de grote vraagstukken van onze tijd juist om een lange adem vragen.

De verleiding om te kiezen voor eenvoudige antwoorden op complexe problemen is daardoor groter dan ooit. Maar leiderschap vraagt het tegenovergestelde.

Leiderschap vraagt het vermogen om onzekerheid te verdragen zonder direct naar simplificatie te grijpen. Het vraagt het vermogen om tegenstrijdige belangen naast elkaar te laten bestaan. Het vraagt om moed om impopulaire waarheden uit te spreken wanneer dat nodig is. Dat vermogen blijkt minder vanzelfsprekend dan we vaak denken.

Onderzoek van Zenger Folkman onder duizenden leiders en professionals laat zien dat er regelmatig een aanzienlijke kloof bestaat tussen hoe mensen zichzelf beoordelen en hoe zij door hun omgeving worden ervaren. Opvallend genoeg zit die kloof niet vooral in technische deskundigheid of inhoudelijke kennis. Zij manifesteert zich juist op de dimensies die bepalend zijn voor geloofwaardigheid: voorbeeldgedrag, vertrouwen opbouwen, luisteren, communiceren, feedback geven en het nakomen van afspraken.

Met andere woorden: mensen overschatten vaak juist die kwaliteiten waarvan zij denken dat ze vanzelfsprekend aanwezig zijn. Dat inzicht is ongemakkelijk.

Want het betekent dat goede intenties onvoldoende zijn. Een leider kan oprecht geloven dat hij openstaat voor andere perspectieven, terwijl medewerkers vooral ervaren dat tegenspraak wordt ontmoedigd. Een bestuurder kan overtuigd zijn van zijn transparantie, terwijl de organisatie vooral politieke afwegingen waarneemt. Een manager kan denken dat hij ruimte geeft, terwijl medewerkers vooral controle ervaren.

Daarmee ontstaat een van de grootste paradoxen van leiderschap: de leider beoordeelt zichzelf op intentie, terwijl de omgeving hem beoordeelt op gedrag. En uiteindelijk wint gedrag altijd.

Misschien verklaart dat ook waarom vertrouwen zo kwetsbaar is geworden. Niet omdat leiders per definitie minder integer zijn dan vroeger, maar omdat de omgeving sneller ziet wanneer woorden en daden niet overeenkomen. In een verbonden wereld worden inconsistenties onmiddellijk zichtbaar. Transparantie is niet langer een keuze; het is een gegeven.

Voor leiders betekent dit dat geloofwaardigheid een strategische factor is geworden. Niet als communicatiemiddel, maar als fundament onder invloed. Zonder vertrouwen ontstaat geen betrokkenheid. Zonder vertrouwen ontstaat geen psychologische veiligheid. Zonder vertrouwen ontstaat geen bereidheid om samen complexe problemen op te lossen.

De consequentie daarvan is dat leiderschap zich steeds minder laat definiëren door positie of macht. Invloed ontstaat niet langer automatisch vanuit een functie. Invloed moet verdiend worden door consistent handelen.

Dat vraagt een vorm van zelfreflectie die verder gaat dan traditionele competentieontwikkeling. De belangrijkste vraag voor leiders is niet langer: Ben ik effectief? De belangrijkere vraag is:

Ervaren anderen mij als geloofwaardig?

Dat vraagt om nieuwsgierigheid naar feedback. Om de bereidheid om aannames over jezelf ter discussie te stellen. Om het organiseren van tegenspraak in plaats van het vermijden ervan. En vooral om de moed om eerlijk te kijken naar de ruimte tussen wie je denkt te zijn en hoe anderen jou ervaren.

Misschien is dat uiteindelijk de essentie van leiderschap in turbulente tijden. Niet het hebben van alle antwoorden. Niet het uitstralen van absolute zekerheid. Maar het vermogen om verantwoordelijkheid te nemen voor de impact van je keuzes. Want zoals Augustinus ons al voorhield: wij zijn de tijden.

De vraag is daarom niet alleen wat voor leiders onze tijd voortbrengt. De vraag is vooral: welk soort leiderschap onze tijd nodig heeft. En dat begint, zoals altijd, bij een keuze.

Jouw keuze.

Deel uw  ervaringen op ManagementSite

Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.

SCHRIJF MEE  >>

Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--

Meer over Feedback