Al die meningen; allemaal gericht op het eigen gelijk...

We leven in een tijd waarin iedereen overal iets van vindt. Dat is op zichzelf niet nieuw. Wat wél nieuw is, is de snelheid en vanzelfsprekendheid waarmee die mening direct de wereld in gaat. Op sociale media, in groepsapps, onder artikelen – het is er meteen, zichtbaar, en vaak ook uitgesproken. Alsof het de enige echte waarheid is; waarbij de rest er natuurlijk naast zit.

Daar zit een interessant mechanisme achter...

Hoe bouwt het zich op? Het begint onschuldig: je vindt ergens iets van. Vervolgens spreek je die mening uit. Daarna gebeurt er iets subtiels maar krachtigs: je gaat die mening belangrijker vinden dan die van anderen, soms simpelweg omdat je hem kunt onderbouwen met een paar feiten (feiten die hem tegenspreken negeer je).

Nog een stap verder ontstaat het gevoel dat jouw mening er echt toe doet in het grotere geheel. Dat je er invloed mee verwerft. En precies daar begint de verwarring. Immers, wie luistert er naar je buiten je kleine regionale netwerkje? 

De illusie van invloed

De meeste meningen die online worden gedeeld, hebben namelijk geen millimeter invloed op wat er daadwerkelijk gebeurt. Niet in de politiek, niet in internationale conflicten en niet in bestuurskamers. Dat maakt die meningen niet dom of onzinnig, soms misschien wat al te stellig. Maar het betekent wel dat er een verschil is tussen een mening hebben en invloed uitoefenen. En dat verschil blijft opvallend vaak buiten beeld.

Het betekent dat je je mening kan verkondigen zo lang je wil. Niets of niemand maakt duidelijk dat hij mogelijk zonder invloed is. 

De gesloten wereld van besluitvorming

Wat we vervolgens zien, is dat mensen zich intens bezighouden met complexe geopolitieke vraagstukken van het Midden-Oosten tot internationale machtsverhoudingen, terwijl ze tegelijkertijd nauwelijks zicht hebben op hoe besluitvorming over deze dingen werkelijk plaatsvindt. Niet omdat ze dat niet zouden kunnen begrijpen, maar omdat die wereld per definitie gesloten is.

Wat er achter deuren gebeurt waar beslissingen vallen, blijft grotendeels onzichtbaar. Af en toe komt er iets naar buiten, via lekken of onderzoeksjournalistiek, maar dat zijn uitzonderingen. Voor het grootste deel kijken we van buitenaf naar een systeem waar we geen toegang toe hebben. En toch spreken we erover alsof we precies weten hoe het zit. 

Informatie is nog geen inzicht

Wanneer mensen zeggen dat ze zich ergens echt in verdiept hebben, bedoelen ze vaak dat ze artikelen op internet hebben gelezen, video’s hebben bekeken of een boek hebben gelezen van iemand met een specifieke visie. Dat kan waardevolle informatie zijn (wat ook nog maar de vraag is), maar het is nog geen inzicht.

Inzicht ontstaat pas wanneer je begrijpt hoe besluitvorming werkt, welke belangen spelen, wie invloed heeft en wanneer timing doorslaggevend is. Dat soort kennis is voor de meeste mensen simpelweg niet beschikbaar.

Rituelen zonder effect

Het gevolg is dat veel uitingen van betrokkenheid vooral symbolisch blijven. Mensen lopen met vlaggen, maken lawaai op stations, roepen stoere dingen op sociale media. Het geeft een gevoel van betrokkenheid en soms ook van morele helderheid. Maar de vraag blijft wat er daadwerkelijk verandert. 

Maar wat is de invloed van deze dingen op de wereldleiders, en wat hebben de mensen er ter plekke aan. In de meeste gevallen: niets.

Dat wordt anders wanneer grote groepen zich georganiseerd bewegen en druk opbouwen. Dan kan er wel degelijk iets verschuiven. Maar individueel, of in kleine losse verbanden, blijft het vooral bij expressie. Een ritueel dat betekenis geeft aan de persoon die het uitvoert, maar zelden effect heeft op het systeem waar het over gaat. Niet zelden gaat het om een uiting van zingevingsdrift. 

Wat wél werkt

Dat klinkt misschien ontnuchterend, maar het opent ook een belangrijker perspectief. Want als je werkelijk iets wilt veranderen, vraagt dat iets anders. Dan gaat het niet om harder roepen, maar om begrijpen hoe systemen werken. Om weten waar invloed zit. Om relaties opbouwen en toegang krijgen tot de plekken waar besluiten worden genomen.

Dat is minder zichtbaar, kost meer tijd en vraagt meer geduld. Maar het is wel een weg die meer kansen heeft om te slagen, dan het voor de zoveelste keer je mening over de schutting gooien. 

Mening als beginpunt

Een mening hebben is dus niet het probleem, het is vaak het begin van betrokkenheid. De echte vraag komt daarna. Wat doe je met die mening? Blijf je hem herhalen, steeds opnieuw, of ga je onderzoeken hoe je er daadwerkelijk iets mee kunt doen? En begrijpen waarom dat veranderen meer is dan gebouwen bezetten, stenen gooien, etcetera? 

Tot slot

In een wereld waarin iedereen spreekt, wordt het steeds belangrijker om te onderscheiden wanneer spreken zin heeft en wanneer het vooral iets zegt over jezelf. Want een mening uiten is eenvoudig. Invloed uitoefenen is een vak.

Deel uw  ervaringen op ManagementSite

Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.

SCHRIJF MEE  >>

Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--