Amsterdam behoort samen met Berlijn tot de Europese kopgroep als het gaat om efficiënte stadslogistiek. Dat blijkt uit de European Freight Efficiency Index van Geotab, gebaseerd op connected vehicle-data uit zeven Europese hoofdsteden. Amsterdam scoort 59 van de 100 punten en eindigt daarmee vlak achter Berlijn (61). Londen (29) en Madrid (25) sluiten de rij.
De studie is interessant omdat zij verder kijkt dan alleen naar klassieke congestiecijfers. Niet alleen verkeersdrukte telt mee, maar vooral de vraag hoe voorspelbaar en doorstromend een stad is voor logistieke stromen. Juist daar ligt een belangrijke les voor Europese steden.
Een stad mag best langzaam zijn
De dominante gedachte in veel stedelijk beleid is nog steeds dat lagere snelheden gelijkstaan aan slechtere logistiek. De Geotab-data laten iets anders zien: een stad mag best langzaam zijn, zolang voertuigen maar blijven rijden. Stop-startverkeer veroorzaakt namelijk veel meer operationele schade dan stabiele doorstroming. Rome is daarvan het opvallendste voorbeeld. De stad kent zware congestie, maar scoort verrassend goed op inefficiëntie van ritten doordat voertuigen continu blijven bewegen in plaats van constant stil te vallen.
Amsterdam
Amsterdam scoort hoog dankzij een heel ander model. De compacte stedelijke structuur, korte ritafstanden en geoptimaliseerde verkeerslichten zorgen ervoor dat voertuigen relatief efficiënt door de stad kunnen rijden. De stad behaalt zelfs een van de beste scores op het beperken van verspilling door stationair draaien.
Dat is een belangrijk inzicht voor stadslogistieke experts. De kwaliteit van logistieke prestaties wordt niet alleen bepaald door capaciteit, maar vooral door netwerkgedrag. Een stad met beperkte ruimte kan toch efficiënt functioneren wanneer verkeersstromen voorspelbaar blijven en voertuigen niet continu hoeven te stoppen, optrekken of omrijden.
Daarmee raakt het rapport direct aan discussies die ook in Nederlandse steden spelen. Veel gemeenten sturen sterk op restricties: zero-emissiezones, venstertijden, afsluitingen, autoluwe gebieden en beperkingen voor bestel- en vrachtverkeer. Die maatregelen kunnen bijdragen aan leefbaarheid, maar de Geotab-analyse laat zien dat fragmentatie van verkeersstromen ook een “structurele belasting” voor de logistiek kan veroorzaken: extra buffertijden, gemiste levervensters en hogere operationele kosten.
Lessen voor gemeenten
De eerste les is dat verkeersmanagement belangrijker wordt dan pure infrastructuuruitbreiding. Slimme verkeersregelinstallaties, prioritering van logistieke routes en voorspelbare toegangssystemen leveren meer op dan alleen extra asfalt. De onderzoekers benadrukken dat steden met hoge scores investeren in verdeelde verkeersstromen, gecoördineerde verkeerslichten en vrachtspecifieke infrastructuur.
De tweede les is dat logistieke efficiëntie steeds meer een dataopgave wordt. Connected vehicle-data maakt zichtbaar waar structurele knelpunten ontstaan. In Amsterdam concentreert 13,7% van alle ruwe rijgebeurtenissen zich rond Schiphol. Dat wijst volgens Geotab niet op een systeemfout, maar op een oplosbaar infrastructuurprobleem. Voor steden betekent dit dat verkeersbeleid veel preciezer kan worden ingericht wanneer realtime voertuigdata onderdeel wordt van het stedelijk mobiliteitsmanagement.
De derde les raakt de organisatie van de stadslogistiek zelf. Vrachtwagenvloten presteren in vrijwel alle steden beter dan personenwagenvloten. Niet vanwege andere technologie, maar door operationele discipline: geplande routes, levervensters, ritstructuur en professionele planning. Dat bevestigt opnieuw dat stedelijke logistiek niet alleen een infrastructuurvraagstuk is, maar ook een vraagstuk van samenwerking, planning en professionele regie.
Verduurzaming
Interessant is bovendien dat Amsterdam laat zien dat verduurzaming en logistieke efficiëntie elkaar niet hoeven te hinderen. Veel discussies over zero-emissiezones worden gevoerd alsof duurzaamheid automatisch leidt tot hogere kosten en minder efficiëntie. Deze index suggereert juist dat goed ontworpen stedelijke netwerken beide doelen kunnen combineren: lagere emissies én betere logistieke prestaties.
Voor Europese steden ligt hier een belangrijke opgave. Het rapport waarschuwt dat stedelijke goederenstromen sneller groeien dan de beschikbare wegcapaciteit. Tegelijkertijd nemen de beperkingen voor fossiele voertuigen verder toe. Dat betekent dat steden niet langer alleen moeten nadenken over minder verkeer, maar vooral over beter georganiseerd verkeer.
Amsterdam bewijst dat compacte, drukke steden logistiek niet hoeven vast te lopen. Maar dat vraagt wel om continue aandacht voor doorstroming, voorspelbaarheid en datagedreven verkeersmanagement. De echte uitdaging voor Europese steden is daarmee niet het terugdringen van logistiek, maar het slim organiseren ervan.
Walther Ploos van Amstel.
Deel uw ervaringen op ManagementSite
Wij zijn altijd op zoek naar ervaringen uit de praktijk, wat werkt wel, wat niet.
SCHRIJF MEE >>
Als u 3 of meer artikelen per jaar schrijft, ontvangt u een gratis pro-abonnement twv €200,--