Reacties van lezers
- Reactie Thijs Kappengoed verwoord, scherp, mild en enogszins speels. Relativering is (nog steeds) eigen aan Jan ...Thijs Kappen [ 03-07-2000 ]
Doet u wel wat u leuk vindt?
De bedrijfssoftware van Exact laat uw financiële administratie, klant- en personeelgegevens, logistieke en bedrijfsprocessen perfect op elkaar aansluiten. Of uw bedrijf nu groot of minder groot is. Dat geeft overzicht en rust. Zo kunt u doen wat u leuk vindt. Ondernemen. En dan doet Exact Software de rest. Dat doen ze trouwens al 25 jaar en voor meer dan 50.000 klanten. Meer weten? Kijk op www.exact.nl
Actueel over Persoonlijke Effectiviteit
Columns over Persoonlijke Effectiviteit
- KEN U ZELF: SPEEL GOLF!Phia Smit Vermeij [ 14-06-2009 ]
- Wat denk jij dat er gaat gebeuren?Kasper Klaarenbeek [ 18-05-2009 ]
- Het NetwerkvirusDaniël de Voogt [ 23-04-2009 ]
Instrumenten voor Persoonlijke Effectiviteit
-
Werken aan uw persoonlijke effectiviteit, prima!
maar weet u eigenlijk op welke wijze u het beste leert..?Rob Bertels [14-2-1998]
Cases over Persoonlijke Effectiviteit
-
Meer organisatiekwaliteit door Intercollegiaal Consult?
Leo Kerklaan en Ruby Boesjes [13-4-2004]
Recensies over Persoonlijke Effectiviteit
-
Van Kiem tot kracht
Recensie van Van kiem tot kracht (2009), redactie: Saskia Tjepkema en Luc VerheijenAnna M Vos [28-4-2009]
-
Gedragsverandering gewenst? Coach uzelf!
Recensie van “Het PMA Management Support Plan” door Joop KorthuisJaap Mackaay [27-1-2009]
-
Marcus Buckingham en de sterke punten-revolutie
Een andere kijk op persoonlijke effectiviteit en competentie managementHans van der Loo [10-7-2007]
Stuur naar relatie
Onze auteurs
Werken met emoties
Naar emotionele geletterdheid
Macht en overgave
In de afgelopen maanden verschenen drie publicaties die
voortborduren op het onderwerp 'emotionele intelligentie', zij het
dat elk daarvan dit op geheel eigen wijze doet. We kozen ervoor om
u via een drietal recensies van deze boeken op de hoogte te
brengen.
Het thema 'emotionele intelligentie' is van belang voor het werken
en begeleiden van groepen, met name omdat er waarschijnlijk een
sterk verband is tussen emotionele intelligentie en
procesgerichtheid in groepen. Procesgericht of sociaal-emotioneel
gericht leiderschap vereist ons inziens een flinke dosis EQ. Een
boeiend thema, al gaat geen van de hieronder te bespreken boeken in
op groepsdynamica in enge zin.
werken met emoties
Suzanne Piët (1998), Emotiemanagement. Werken met emoties van jezelf en anderen. Amsterdam, Contact, 238 pgs, f 36,90
In haar boek demonstreert Susanne Piët dat emoties in zeer veel beroepen en in zeer veel levenssituaties een rol spelen en dat emotiemanagement daarom van groot belang is. Als voorbeelden noemt ze de crisismanager, de brandweerman, de verpleegkundige, de reclamemaker, de journalist, de productontwikkelaar en de makelaar. We kunnen daar gerust de voorzitter, de groepsbegeleider, de teambuilder , de docent of opleider en de groepstherapeut aan toevoegen. Emotiemanagement is de kunst om zich niet mee te laten slepen door opkomende emoties, maar er zo mee om te gaan dat ze hanteerbaar blijven en bijdragen aan een goed verloop van de interactie. Emoties kunnen grote schade aanrichten wanneer ze onderschat worden. Daarvan geeft de auteur een aantal aansprekende voorbeelden.
Iets meer over de inhoud: na twee inleidende hoofdstukken over
emotiemanagement ('wat is dat eigenlijk?' en 'gemengde gevoelens:
wat hebben we eraan?') komen onderwerpen aan bod als 'emoties en
werk', 'tijd', 'emotionele intelligentie', 'emotiemanagement in
persoonlijke communicatie', 'emotiemanagement in
massacommunicatie', 'persoonlijk emotiemanagement', 'kwaliteit en
leven' en 'emotiemanagement in de praktijk: tien beslissende
keuzes'.
Vooral van de laatste twee hoofdstukken heb ik genoten, omdat
Piët daar ingaat op fundamentelere en filosofisch getinte
thema's als succes en geluk, emoties en succes, persoonlijkheid en
succes, en onzekerheid en succes. Tot de tien beslissende keuzen
horen afwegingen als 'toenaderen of ontwijken', 'beheersen of
machteloos toezien', 'meegesleept worden of regisseren',
'ontkenning of zelfkennis' en 'pijn of plezier'.
Het is een aangenaam en vlot geschreven boek. De auteur is goed
belezen en presenteert veel levendige anekdotes en voorbeelden.
Tegelijk heb ik daarmee ook een valkuil aangegeven van deze tekst.
Deze blijft vaak teveel op het niveau van rake typeringen en
anekdotes. De structuur van een theorie of model ontbreekt. Na
lezing blijft er helaas weinig 'hangen'. Ik vond het soms wat
'Readers Digest'-achtig en oppervlakkig.
In het boek mis ik het een en ander dat voor mij wel bij dit
onderwerp hoort. Er vindt heel wat emotiemanagement plaats in
groepen, in opvoedingssituaties, in psychotherapie. Hier gaat
Piët echter niet op in. Ook geen woord over de methodiek van
het hanteren van emoties in het begeleiden van groepen, in
pedagogiek c.q andragogiek of volgens diverse
psychotherapiestromingen, zoals de psychoanalyse of de
non-directieve benadering. Zo bieden de Freudiaanse theorieën
over afweermechanismen, over weerstand, over overdracht en
tegenoverdracht, over motivatie e.d. fraaie voorbeelden van
emotiemanagement, maar ze ontbreken in dit boek.
De auteur legt evenmin verbinding met theorievorming over
planmatige verandering van mensen binnen de sociale wetenschappen.
Ze oriënteert zich vooral op delen van de sociale psychologie
en op literatuur over processen binnen bedrijven.
In haar literatuuropgave zijn wel twee verwijzingen te vinden naar
Freud en Elias, maar ze sluit niet aan op de kern van hun
theorievorming. Als voorbeeld noem ik een passage op blz 209,
waarin ze er over spreekt dat we in onze beheersing van emoties
soms wonderlijke dingen kunnen doen met onze gedachten. Citaat:
Deze talenten tot regie over emoties en gedrag zijn niet iedereen
in dezelfde mate gegeven. Theoretici zijn het er nog niet over eens
of ze zijn aangeboren, maar het is vrijwel zeker dat ze deze
talenten verder kunnen ontwikkelen. De uitkomst van dat leerproces
is bepalend voor ons succes in emotiemanagement (einde citaat).
Ik weet niet welke theoretici de auteur hier op het oog had,
maar wel dat er door reuzen als Freud en Elias jarenlang over dit
onderwerp gepubliceerd is. In zijn klassieker Het civilisatieproces
toont Elias aan hoe in de loop van de afgelopen achthonderd jaar
mensen geleerd hebben anders om te gaan met hun emoties, waarbij
regulering van buitenaf steeds meer vervangen wordt door een
regulering van binnenuit die verankerd is geraakt in onze
persoonlijkheidsstructuur.
In deze theorievorming bouwt Elias voort op het werk van Freud. De
talenten tot regie over emoties en gedrag zijn dus in hoge mate
ingebed en gevormd door civilisatieprocessen, die trouwens over
(sub)culturen een grote variatie kunnen vertonen. Engelsen doen dit
weer heel anders dan Italianen, om maar een voorbeeld te
noemen.
Er moet me nog iets van het hart. Ik vind emotiemanagement een
vervelend woord, en die bijsmaak ben ik na lezing niet
kwijtgeraakt. De ondertitel werken met emoties van jezelf en
anderen die ik toch al vaag vind klinken, kreeg bij lezing vaak de
bijbetekenis manipuleren van emoties van jezelf en anderen.
Hoewel ik aanvankelijk een positieve indruk had van dit boek,
raakte ik na enige tijd teleurgesteld door gemiste kansen tot
verdieping. Toch is mijn oordeel over het geheel niet negatief. Het
boek bevat ook gedeelten die ik heel stimulerend en waardevol
vindt. Gemengde gevoelens dus. Ik laat het eindoordeel aan u
over.
naar emotionele geletterdheid
Claude Steiner, Paul Perry (1998), Emotioneel vaardig worden. Een persoonlijke cursus om emotioneel intelligent te worden. Amsterdam, De Arbeiderspers, 251 pgs, f 39,90
Van een ander kaliber is het boek van Steiner en Perry, dat in het Amerikaans verscheen onder de moeilijk vertaalbare titel Achieving emotional literacy , het bereiken van emotionele geletterdheid, oftewel het leren beheersen van de taal van emoties.
Van de twee auteurs is de eerste een oude bekende. Eind jaren
zestig was Claude Steiner een van de woordvoerders van het Radicale
Therapeuten Manifest, waarin hij een maatschappijkritische functie
van de psychiatrie bepleitte. Deze boodschap vond een vruchtbare
bodem in het universitaire milieu in Californië (met name in
Berkeley). Hij inspireerde tot een stroming in de vrouwenbeweging
die in Nederland bekendheid kreeg als de FORT-beweging
(feministische oefengroepen in radicale therapie) en MRT-groepen
(de mannelijke tegenhanger hiervan).
Wellicht herinnert u zich nog het boek Vrouwenpraatgroepen
van Hogie Wyckoff, waarin principes van de TA (transactionele
analyse) gebruikt worden om scherper zicht te krijgen op
zorgpatronen van vrouwen. Deze Hogie Wyckoff duikt onverwacht op in
dit boek. Zij blijkt een van de twee personen die (aldus de auteur)
het leven van Claude Steiner fundamenteel veranderd hebben. De
andere persoon is Eric Berne geweest. Het was vooral Hogie Wyckoff
van wie Claude Steiner de essentie van emotionaliteit geleerd heeft
in een jarenlange relatie die ze samen hadden. Hij schrijft daar
open en eerlijk over in dit boek.
Over de tweede auteur wordt weinig meer vermeld dan dat hij als
ghost writer aan de basis heeft gestaan van de eerste versie
van dit boek. Dank zij hem is er een toegankelijke en leesbare
tekst tot stand gekomen met een heldere vorm en structuur.
Waar gaat het boek over? De oorspronkelijke ondertitel geeft aan
dat het gaat om een persoonlijk programma voor het vergroten van de
eigen emotionele intelligentie. Uitgaande van de Transactionele
Analyse (TA) bieden de auteurs een basis voor een emotionele
vaardigheidstraining in drie stadia: 1. uw hart openstellen, 2. het
emotionele landschap verkennen, en 3. verantwoordelijkheid nemen.
Elk stadium bestaat uit vier stappen, waardoor een route van twaalf
basisvaardigheden ontstaat, die elk helder en uitgebreid beschreven
worden.
In het eerste stadium gaat het om de vaardigheden van strooks
geven, om strooks vragen, strooks accepteren en afwijzen, en uzelf
strooks geven. In het tweede stadium om de vaardigheden van
actie/gevoel-statements, actie/gevoel-statements accepteren, onze
intuïtieve gevoelens uiten en een intuïtie erkennen.
Het boek bereikt de grootste diepgang bij het bespreken van de vaardigheden van stadium drie: verantwoordelijkheid nemen. De betreffende vier vaardigheden zijn: verontschuldiging voor onze fouten, verontschuldiging accepteren of afwijzen, om vergeving vragen en vergeving schenken of weigeren. Met name in dit laatste deel wordt openlijk gesproken over het niveau van ethiek in relaties.
De drie stadia zijn ook te typeren met de trefwoorden openheid, eerlijkheid en vertrouwen (of betrouwbaarheid) in relaties. Wie deze waarden hoog heeft, zal in dit boek een bruikbare schets vinden van de ontwikkelingsweg die daarvoor komt kijken en zal goede bagage meekrijgen voor die tocht. Hiermee heb ik tevens het belangrijkste verschil aangegeven met het boek Emotiemanagement van Susanne Piët, dat ik hierboven recenseerde. Bij Piët is nergens sprake van een ontwikkelingsweg.
Soms ademt de tekst iets oubolligs. Bijvoorbeeld op het moment dat de auteurs hun bezwaren uiten tegen het zogeheten Gestalt-gebed van Perls. Dat is toch wel heel erg achterhaald. Ook is de tekst soms nogal simpeltjes geformuleerd en doordrenkt van een Amerikaans optimistisch vooruitgangsgeloof. Er valt nauwelijks meer iets terug te vinden van de bezieling van de vroegere voorvechter voor een Radicale Psychiatrie. Maar ik vind dat geen bezwaar. Ik bewonder de keuze van de auteurs om in het kader van emotionele vaardigheid expliciet en onbevooroordeeld aandacht te besteden aan morele codes en ethiek.
Het boek eindigt met een stevige toegift in de vorm van een
reeks aantekeningen voor filosofen. In de traditie van Eric Berne
biedt Claude Steiner aan het slot een schets van de historische en
filosofische achtergronden van zijn ideeën. Daarin komen grote
denkers aan bod als Confucius, Nietzsche, Horkheimer, Adorno,
Foucault, Augustinus, Kant, Derrida, Rousseau, Marcuse en Freud
over onderwerpen als liefde als een fundamenteel goed, liegen en
eerlijkheid, de waarheid, geweld en de duistere kant en geweld en
mishandeling.
Voor wie geïnteresseerd is in het onderwerp emotionele
intelligentie biedt dit boek met zijn nadruk op emotionele
vaardigheid een waardevolle aanvulling. Dat de auteurs vertrekken
vanuit het erfgoed van de TA geeft aan het boek een goede
ruggengraat.
macht en overgave
Judith Viorst (1998), Greep op het leven. Ons levenslange gevecht tegen macht en overgave. Amsterdam, Anthos, 399 pgs, f 39,90
Tien jaar geleden verscheen in Nederland de vertaling van het
eerste boek van Judith Viorst onder de titel Noodzakelijk verlies.
Onlangs is haar tweede boek Imperfect control in het
Nederlands vertaald. Wederom een gedegen studie. Dit keer over onze
worsteling met macht en onmacht in veel aspecten van het dagelijks
leven.
Achtereenvolgens gaat ze in op vragen rond vrijheid en onvrijheid,
op het gevoel van controle in de opvoeding, op het baas over
onszelf worden in de puberteit, op de macht van seks, op
machtsverhoudingen binnen een relaties, op ouderschap, op macht en
onmacht in werksituaties (onder de titel: de baas zijn en onder een
baas staan), op slachtoffers en overlevenden, op allerlei vormen
van overgave en uiteindelijk op macht en onmacht ten aanzien van
ziekte en dood. Een uitgebreid notenoverzicht van bijna honderd
paginas vormt het slot van het boek.
In haar rijk van voorbeelden voorziene tekst behandelt Judith
Viorst op genuanceerde wijze de dilemmas en paradoxen die het thema
oproept, zoals het dilemma tussen controle en overgave. Het
duidelijkst speelt dit dilemma op het terrein van intimiteit en
seksualiteit, zoals in het aarzelen tussen zich laten gaan en
zelfbeheersing, of tussen overgave en autonomie.
Net als Claude Steiner (zie de boekbespreking hierboven) komt ook
bij haar het thema verantwoordelijkheid ter sprake. Daarbij gaat
het niet eenvoudigweg om een keuze tussen verantwoordelijkheid
weigeren of op zich nemen. Het kan immers heel terecht zijn om
zichzelf erkende gebieden van onvermogen toe te staan (pag. 251) en
in bepaalde beperkte gevallen de controle over te geven.
In praktisch elk hoofdstuk komt naar voren dat onze pogingen tot
controle steeds onvolmaakt zullen zijn (zie de Amerikaanse titel),
en ook dat het voor velen van ons niet meevalt om dit onder ogen te
moeten zien. Ieder zal moeten aanvaarden dat hij slechts
onvolmaakte controle heeft.
Het kernbegrip controle heeft meerdere gezichten. Enerzijds heeft
controle een negatieve bijbetekenis als vorm van onvrijheid,
anderzijds een positieve bijbetekenis als in staat zijn tot iets.
Iets controleren betekent dan iets beheersen. In die zin verwijst
controle naar vaardigheden, zoals o.a. emotiemanagement (een term
die de auteur trouwens niet gebruikt).
Dat Judith Viorst als referentiekader de psychoanalyse gebruikt
vind ik een goede keuze. Daardoor is ze in staat om het complexe
onderwerp recht te doen. Met name in de hoofdstukken over macht en
onmacht in relaties en in werksituaties beschrijft ze overtuigend
hoe het hierbij vaak gaat om herhalingen van vroegere patronen, om
oude gevoelens van machteloosheid en soms ook onderdrukte woede en
pijn. Hiermee verheldert ze hoe op beslissende momenten overdracht
een rol speelt. Ze geeft ook aan hoe mannen en vrouwen van elkaar
verschillen en ze maakt ook aannemelijk hoe dergelijke patronen tot
stand gekomen zijn.
In de laatste twee hoofdstukken komt ook ethiek aan bod door
aandacht voor wat moreel aanvaardbaar geacht wordt. Er is ook
zoiets als morele controle. Dit bespreekt ze aan de hand van de
bekende studie van Milgram naar de gevolgen van te vergaande
gehoorzaamheid en van zich verschuilen achter autoriteit.
Groepsprocessen komen in dit boek weinig aan bod. Voor een
groepsdynamische studie van het begrip controle moeten we nog
steeds bij Schutz terecht. Viorst gaat wel expliciet in op wat er
speelt op het betrekkingsniveau in opvoeding, in intieme
partnerrelaties, in arbeidssituaties en in slachtofferpatronen.
Daarom vind ik haar behandeling van het thema van belang voor beter
inzicht in wat er speelt in groepen.
Van de drie hier gerecenseerde boeken toont Judith Viorst de meeste
nuancering, rijkdom en diepgang. Warm aanbevolen.
Bron: Nieuwsbrief Werken, Leren en Leven met Groepen (losbladige uitgave), Jrg 3, Nr. 4, december 1998, Houten, Uitg. Bohn Stafleu Van Loghum (met toestemming overgenomen).