De afgelopen weken schreeuwden de krantenkoppen met chocoladeletters dat het schandalig was dat ING’ers, ABN-AMRO medewerkers met vette bonussen naar huis gingen. Managers binnen financiële instellingen zouden hun bonus moeten inleveren. Hier en daar zelfs ondersteund door eigen topmensen. Andere media nemen de hype klakkeloos over en in tal van pietpraatprogramma’s praat iedereen elkaar na. Niemand die zich afvraagt wat er nu werkelijk aan de hand is. Een poging.

In veel bedrijven is het de laatste jaren gewoonte geworden om aan het begin van het jaar met medewerkers te spreken over de bijdrage voor het komende jaar. Dit gebeurt in een zogenaamd planningsgesprek. Hierin wordt met elke manager/ medewerker strak vastgelegd wat de doelen voor dit jaar zijn. Daarnaast wordt volgens de arbeidsvoorwaarden vastgesteld welke variabele beloning bij het halen van de doelstelling geldt. Voor veel bancaire medewerkers is 2008 een jaar geweest van ongekend commercieel succes. Veel hypotheekaanvragen, financieringsaanvragen, bijbehorende verzekeringen enz. enz. De meeste medewerkers hebben dan ook hun commerciële doelstellingen gehaald en mogen terecht hun variabel stuk beloning opeisen. Intussen is het bankenlandschap veranderd, de kapitaalpositie is verslechterd. Dit heeft NIET te maken met slecht presteren van de doorsnee bancaire medewerker maar met iets anders namelijk te veel bagger aan de kapitaalkant van de bank. Doorgaans hebben bankmedewerkers niet veel van doen met deze tak van de bank. Funding, handel in allerlei valuta, waardepapieren gebeurt vaak op een afdeling waar met relatief klein aantal medewerkers grote transacties worden verricht. De doorsnee bancaire medewerker heeft veel meer klantcontact met particulieren, bedrijven en organisaties. Hij/zij wordt gevraagd iets op te geven waar hij/zij een groot deel van het jaar hard voor gewerkt heeft.

Wat is het effect?
Belonen en verleiden tot prestaties heeft een aantal afhankelijkheden:
1. Zijn de doelen duidelijk, haalbaar, uitdagend genoeg zodat er een substantiële bijdrage zit aan het bedrijfsbelang;
2. Botsen korte en lange termijndoelstelling niet te veel met elkaar. Bijvoorbeeld door klanten verder te helpen met een slecht financieel product kun je je eigen bonus mooi optuigen en de bank/ klant met een probleem voor de toekomst.
3. Belonen en verleiden hebben pas effect wanneer de afspraak wederzijds wordt nagekomen. Ik ben benieuwd hoeveel medewerkers zouden doorwerken als hun salaris een of twee maanden niet zou worden overgemaakt. Van bancaire managers wordt nu gevraagd om hun jaarbonus op te geven en vervolgens 2009 vrolijk door te werken en afspraken te maken met hun werkgever. Van geloofwaardigheid kan geen sprake meer zijn.

Nu er ontlasting aan de knikker is wil men het liefst gaan draaien aan knop 3: ‘werkgevers komen de afspraken niet na en de werknemer krijgt geen bonus!” Het effect hierop is slechts van korte duur. Weglopen zullen medewerkers niet zo snel doen maar men kweekt een sfeer van wantrouwen, pocketveto’s en andere dwarsigheden.

Wat dan wel?
Zowel intern en als extern heeft het ontbroken aan toezicht en aan ingrijpen. De makers van verschillende bancaire producten wisten waar de risico’s lagen. Krijgen zij dit terug bij hun bonusgesprekken? Ik weet het niet maar vermoed dat er geen afspraken over gemaakt zijn.
Daarnaast is belonen op lange termijn al vaak genoemd en naar mijn idee ook een van de veelbelovende mogelijkheden die onderzoek verdiend. Belangrijk is in elk geval dat niet uitkeren van welverdiende variabele salarissen (in de volksmond vaak bonus genoemd) leidt tot een nog groter wantrouwen tussen werkgever en werknemer en een bom legt onder flexibel belonen.

Deze column werd ingezonden door Gert-Jan Baan. Heeft u ook iets wat u bezig houdt? Plaats uw eigen column ›