De overheid komt met regel na regel om kwaliteit in de zorg te bevorderen en de financiën te beteugelen. De regels zijn te veel en vaak met elkaar in tegenspraak. Professionals komen door de administratieve lasten niet meer toe aan dat waarvoor ze ingehuurd zijn: zorg.

kansen door de crisis
Niet alleen de kredietcrisis, maar ook de huidige algemene onlustgevoelens over wat het bedrijfsleven en de overheid doen, tonen aan dat de bestaande structuren en werkwijzen over hun houdbaarheidsdatum heen zijn en dus nodig aan herziening toe zijn. Een vergelijkbare omwenteling vond maar liefst 160 jaar geleden plaats, toen Thorbecke anticipeerde op de grote maatschappelijke veranderingen uit zijn tijd.

Nu, 160 jaar verder is de burger steeds beter toegerust om verantwoordelijkheid te dragen. Echter het politieke systeem, de overheid en de wijze waarop publieke diensten opereren hollen de individuele verantwoordelijkheid steeds verder uit. Op de vraag waarom de Gezondheidszorg ontevreden is over wat de overheid doet en nalaat, zijn er een paar thema’s die spelen: Te veel regels. Regels die elkaar tegenspreken. Professionals komen door de administratieve lasten niet meer toe aan dat waarvoor ze ingehuurd zijn: zorg. Uiteindelijk heeft dit geleid tot molochen, die inefficiënt en te duur zijn.

Het is voor de gemiddelde zorgprofessional volstrekt oninteressant of een bepaalde maatregel nu komt van de IGZ, van VWS, van het ministerie van Financiën of van de NZa. Onthutst ervaart de zorgprofessional dat veel maatregelen niets met elkaar te maken hebben, soms zelfs tegen elkaar in gaan.

Een voorbeeld: In december 2008 werden bemiddelingsbureaus in de thuiszorg gesteld voor een belastingconvenant. Naar aanleiding van de zaak Almelo, waarbij de rechter oordeelde dat er bij bemiddelingsbureau X in de thuiszorg de zzp-er geen ondernemersrisico loopt en er een gezagsverhouding is, is er een convenant opgesteld door de belasting, het ministerie van Financiën en de brancheorganisaties. In dit convenant werd gesteld dat het bemiddelingskantoor verantwoordelijk is voor de kwaliteit van de bemiddeling en de zorgverlener verantwoordelijk is voor de kwaliteit van zorg. Met dit convenant mág het bemiddelingskantoor geen aanwijzingen geven over kwaliteit en veiligheid! De patiënt had zich echter tot het thuiszorgbureau gewend, vanwege de goede screening op kwaliteit. De patiënt vogelvrij is hiermee vogelvrij verklaard!

Intussen zet het ministerie van VWS in op kwaliteit en veiligheid. Het horizontale toezicht op kwaliteit en veiligheid via de Raad van Toezicht van het bemiddelingsbureau wordt met deze uitspraak onmogelijk gemaakt. De Inspectie voor Volksgezondheid, verantwoordelijk voor toezicht op kwaliteit en veiligheid, zit met de handen in het haar: het is fysiek onmogelijk om toezicht te houden op meer dan 100.000 zzp-ers in de zorg! Inmiddels is dit convenant door de rechter van tafel geveegd en wordt er druk beraad gevoerd over een ander convenant. Wat kunnen we hieruit leren?

Verkokering.
Een van de organisatorische weeffouten bij de overheid is verkokering. Er zijn te veel onafhankelijk van elkaar dirigerende en beslissende instanties, ministers en organisaties. Hun beter weten is gebaseerd op een kijk, die strikt tot het eigen terrein en de eigen doelstellingen is beperkt en vervolgens met bureaucratische logica wordt uitgewerkt. Door de toegenomen complexiteit van de samenleving zijn op nagenoeg elk beleidsterrein gemiddeld vijf ministeries betrokken. Dat is ook de reden waarom er nooit iemand schuldig is als het flink fout gaat. Telkens ligt de fout bij de coördinatie en daarvoor is niemand verantwoordelijk.

Te veel regels
Een tweede weeffout houdt verband met de toegenomen complexiteit van de samenleving. De structuren van 160 jaar geleden blijken niet aan de huidige sociale en economische situatie aangepast. De ene onverwachte ontwikkeling volgt op de andere. De overheid tracht de verwarring te beteugelen door meer regels op te stellen. Sinds de marktwerking geïntroduceerd is, zijn de administratieve lasten nog nooit zo zwaar geweest! Het niet naar behoren functioneren van de Gezondheidszorg is ook af te leiden uit het aantal managers dat de laatste jaren de Gezondheidszorg is binnengestroomd.

Oplossing uit het bedrijfsleven: kantelen
De overheid zal zich moeten bezinnen op welk effect zij uiteindelijk wil bereiken, hoe zij de Gezondheidszorg zo goed mogelijk kan faciliteren en welke vorm deze overheidsorganisatie nodig heeft. Eén van de oplossing zou kunnen zijn dat de overheid de organisatie indeelt naar output in plaats van input. Nu zijn de diverse overheidorganisaties georganiseerd naar hun kennis en bevoegdheden. De Inspectie voor Volksgezondheid apart van de NZa en die weer apart van de Belastingdienst. De Gezondheidszorg ontvangt daardoor instructies van de één die strijdig zijn met de instructies van de ander. En als er dan een ongeluk plaatsvindt, is iedereen schuldig. De Raad van Bestuur natuurlijk, want zij zijn eindverantwoordelijk voor kwaliteit en veiligheid, de zorgverlener natuurlijk, want hij is vakinhoudelijk verantwoordelijk voor kwaliteit en veiligheid, maar ook de instanties die de ingewikkelde regelgeving hebben verzonnen en niet toezien op naleving. De enige niet-schuldigen, zijn zij die de onhandige indeling van instanties hebben bedacht. Maar zij zijn eigenlijk de ware schuldigen.
Riens Meijer is econoom en auteur van het boek: “kansen na de crisis’.
Phia Smit-Vermeij is arts en op diverse manieren betrokken bij de Gezondheidszorg in Nederland.

Beide auteurs schrijven dit opinie stuk op persoonlijke titel

Riens meijer – E. riens.meijer@wxs.nl
phia smit-vermeij – E. smit.vermeij@toptools.nl

Deze column werd ingezonden door Phia Smit-Vermeij en Riens-Meijer. Heeft u ook iets wat u bezig houdt? Plaats uw eigen column ›