Leiders in de hedendaagse samenleving hebben het lastig. Immers, crises volgen elkaar steeds sneller op. Ze zijn alledaags geworden en zij bepalen voor een belangrijk deel ons dagelijks leven. Voorbeelden hiervan zijn de financiële crisis, het lage bestedingspatroon en de hoge werkeloosheid in ons land en de politiek bestuurlijke crises in het Oekraïne en Afrika. Turbulentie en niet stabiliteit wordt standaard.

Bedrijven en overheidsinstellingen die decennialang in een maakbare en planbare wereld naar behoren hebben gepresteerd, zijn in onzeker vaarwater terecht gekomen. Ik doel hierbij bijvoorbeeld op banken, accountantskantoren, verzekeraars en pensioenuitvoerders. Wie tien jaar geleden gezegd zou hebben dat er banken in Nederland failliet zouden gaan, zou in een dwangbuis zijn afgevoerd. Het blijkt dat dergelijke organisaties in veel gevallen nog steeds traditioneel (hiërarchisch) worden aangestuurd waarbij het ‘meten is weten’ prevaleert. Ook is er vaak sprake van georganiseerd wantrouwen; medewerkers van banken dienen bijvoorbeeld in het kader van de ‘compliancy rules’ diverse cursussen te volgen terwijl ze niet eens in dat deel van het bedrijf werkzaam zijn. De leden van de Raad van Bestuur dekken zich hiermee in zodat het niet aan hen ligt ‘indien het fout mocht gaan’. Ook leidt de aanhoudend negatieve publiciteit over ‘s lands grote accountantskantoren, de affaire over de Libor-rente en de graaicultuur van sommige bestuurders niet tot een…