Er is een kloof aan het ontstaan tussen medewerkers en management. Op het gebied van veranderen wel te verstaan.

Was het eerst zo dat het management verandering wilde inzetten en dan inspanning moest doen om de organisatie mee te krijgen, nu zie je in organisaties het tegenovergestelde ontstaan. Medewerkers willen zaken veranderen en hebben er dan een hele klus aan om het management te overtuigen.

In veel organisaties is het management nog steeds traditioneel van aard, zo ook de manier van denken en handelen. De term leidinggeven wordt letterlijk toegepast, m.a.w. men heeft de leiding en men geeft leiding. Een vorm van eenrichtingsverkeer, immers luisteren doet men wel naar klanten maar luisteren naar medewerkers staat niet altijd op de eerste plaats. En als men luistert wil dat nog niet zeggen dat men iets doet met de aangedragen innovaties.

En daar zit juist de valkuil. Medewerkers zijn tegenwoordig goed op de hoogte en opgeleid. Daarnaast neemt de mondigheid van de medewerker ook steeds verder toe, immers zijn kennis neemt toe en daarmee ook zijn waarde. En dat laat hij merken. Echter de manager ziet daarin niet altijd mogelijkheden, wat hij ziet zijn uitdagingen in het aansturen van zijn (mondige) medewerkers en bedreigingen in zijn positie. Want als het kennisniveau van de medewerker groter wordt dan dat van de manager, en de medewerker is in staat om op verantwoorde manier zichzelf en zijn collega’s te sturen, dan is een manager overbodig geworden.

De oplossing…