Wie president wil worden van de VS, staat voor de bijna onmogelijke opgave om tegelijkertijd uitzonderlijk én one of us te zijn. Van de 300 miljoen Amerikanen heeft het overgrote deel het minder goed dan u en ik. Zij hebben weinig op met een al te zichtbaar vermogende president. Dat John Kerry getrouwd was met de nét iets te rijke mevrouw Heinz, heeft hem in de presidentsrace van 2004 behoorlijk in de weg gezeten. Tegenslagen maken de man/vrouw. Dus daaraan mag het de president in het leven dus niet ontbroken hebben. Maar die moeten effectief zijn aangepakt en mogen niet ten koste zijn gegaan van een harmonieus gezinsleven. Ga er maar aanstaan!

Barack Obama is een uitzonderlijk man. Maar om te bewijzen dat hij evengoed one of us is, wordt alles wat enigszins moeilijk en moeizaam verliep in zijn leven, verhaald, herhaald en uitvergroot. Het frame van slim, jong, mooi en succesvol moet worden vervangen of op z’n minst worden gerelativeerd door het frame van het jongetje dat opgroeide in een eenoudergezin (gewoner kan bijna niet in Amerika!), dat keihard heeft moeten werken om te komen waar hij nu is (keihard werken, daar herkennen de Amerikanen zich in) en dat lang achter zijn vrouw heeft moeten aanlopen om haar te ‘krijgen’. Want ook in doorzettingsvermogen herkennen de Amerikanen zich. Zo moet een blauwtje uit het verleden de weg helpen plaveien naar het presidentschap in de toekomst: “You want a persistent president.”

“Dat ze daar intrappen”, schampert een collega. Maar dat is helemaal niet zo vreemd. Dat is de kracht van een verhaal, dat afstanden weet te overbruggen en verbindingen tot stand weet te brengen. Hier zien we storytelling in bedrijf. Althans, een bepaalde vorm van storytelling: die aanschurkt tegen spindoctoring of spinframing.
Verhalen zijn herkenbaar (‘dat heb ik ook’), roepen emotie op (‘wat goed van hem’), brengen waarden over en verbinden (‘hij is net als ik’) en wijzen de weg. Vooral als die verhalen persoonlijk, authentiek, waar of in ieder geval waar-achtig zijn.

Diezelfde kracht van verhalen kan – zij het op een andere manier – in organisaties en trainingsgroepen worden ingezet. Een grote overheidsorganisatie kreeg een heel nieuwe taak toebedeeld. Hoe ingrijpend die was en hoezeer die taak een totaal andere tak van sport was voor de medewerkers, realiseerden managers zich pas toen zij de verhalen van de werkvloer gepresenteerd kregen. En een deelnemer aan een training projectmanagement die zich niet serieus genomen voelde, realiseerde zich pas dat zij daar zelf debet aan was, toen ze het verhaal vertelde over de manier waarop haar projectleider haar had ‘gepasseerd’. Het management van de overheidsorganisatie en de cursist hadden een nieuw frame nodig om tot actie te komen:
-          van ‘als dit van ons wordt gevraagd, is dit wat we doen’ tot ‘dit is een ingrijpende verandering, waar we onze medewerkers goed op moeten voorbereiden’;
-          van ‘ik word niet serieus genomen’ tot ‘ik stel me niet voldoende actief op’.
De verhalen vormden de brug en wezen de weg naar dat nieuwe frame.

Een organisatieverhaal is zo krachtig, doordat het een persoonlijke beleving is en daardoor herkenbare emoties bevat; doordat het eenvoudig te onthouden is en daardoor ook weer gemakkelijk kan worden doorverteld; doordat het gegevens ordent en de luisteraar betrekt bij wat hij hoort. Daardoor is een persoonlijk en authentiek organisatieverhaal zo geschikt om richting te geven, om te laten zien wie je bent en waar je voor staat, om kennis en informatie over te dragen, om de rode draad te vormen in comunicatie-uitingen, om teams te vormen en om zingevingsvraagstukken aan te pakken.

Wie eenmaal verhaalgevoeligheid ontwikkelt, ziet verhalen overal aan het werk. In Nederland – waar idealisten uit de jaren ’80, zich in ‘08 opeens in allerlei bochten moeten wringen, doordat het frame van hun verhaal veranderd blijkt van ‘maatschappelijk bevlogen’ in ‘crimineel’. En dus ook in de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Een uitzonderlijke, aantrekkelijke man met een prachtige vrouw, twee gezonde kinderen en ongetwijfeld een mooi huis en veel fijne vrienden, moet in alle hoeken en gaten van zijn leven zoeken naar wat hem one of us maakt. Naar de verhalen over overwonnen tegenslagen, die de kloof kunnen dichten tussen het uitzonderlijke en het gewone: bridging the gap.

Annet Scheringa is co-auteur van Storytelling handboek, organisatieverhalen voor managers, trainers en onderzoekers 

Deze column werd ingezonden door Annet Scheringa. Heeft u ook iets wat u bezig houdt? Plaats uw eigen column ›