In de ruim10 jaar van adviseurs- en coachingsbestaan heb ik in toenemende mate een aversie ontwikkelt tegen het gebruik van het alsmaar uitdijende instrumentarium aan tests, type-indicators, en vragenlijsten dat in steeds grotere aantallen ieder jaar over ons heen wordt uitgestort. Ik gebruik ze al jaren niet meer. Waarom dan?

Omdat ze de kern van het menszijn niet raken, maar vooral omdat er wat mij betreft weinig verschil zit tussen het gebruik van de antieke twaalf dierenriemtekens en wat ik opmaak uit zo veel zogenaamde ‘moderne’ mens-typologieën, type-indicators, scorecards en wat al niet meer.

Wat ik door de jaren heen heb ontdekt in de ontmoeting met mensen die door een of ander kader zijn geprofileerd is dat ze plotseling een label aan hun oor hebben hangen. Daarop staat dan: ‘IK BEN BEHEERSEND/OVERHEERSEND’ (Lifo®) of een ‘SHAPER’ (Belbin®), een ‘Acht’= een ‘Activator’ (Enneagram) of een ‘STIER’. Niemand heeft mij ooit naar tevredenheid uit kunnen leggen wat het verschil was.

Mensen hebben de neiging zich te gaan gedragen volgens het label dat ze opgeplakt krijgen. Ik heb het in een directievergadering zelfs meegemaakt dat de directeur van een bedrijf een keer zei: “Jongens, toe nou, jullie weten toch dat ik een ‘SHAPER’ ben!” En dat was zijn excuus nadat hij zojuist een wat behoudender ouder directielid had geschoffeerd.

Wat is het verschil tussen een moderne ‘SHAPER’ en een ‘STIER’ die beiden directief en niet te stuiten zijn of een ‘COMPLETER’ en een ‘MAAGD’ die allebei eerst alles nauwkeurig geregeld willen hebben voordat ze tot actie overgaan?

AHA !!!

Oh wacht, Ik snap het al! De Balance Scorecard, Lifo Stijlen, Belbin en andere soortgelijke type-identifiers komen veel professioneler over dan wanneer je tegen een directeur zegt dat zijn sterrebeeld ‘Vissen’ is: “Mijnheer, net als een vis manouvreert U altijd stilletjes overal omheen waardoor mensen nooit weten wat ze aan u hebben en welke kant u op wilt met het bedrijf. En dat veroorzaakt de chaotische atmosfeer.” Dat verkoopt niet meer anno 2003…

“Het cijfer 4 in uw typeindicator geeft als zwakheden aan: ‘blablabla’, daar moet u dus op letten, en uw kracht zit in ‘bladerdebla’, die u verder moet ontwikkelen, dat blijkt uit het cijfer 7.” Dat schijnt momenteel wel weer goed te scoren,…
Het verschil? Ik heb geen idee! U wel?

De ‘Dierenriem’ wordt veelal als te vaag en als mystiek gedoe bestempeld terwijl veel trainers en coaches dat niet vinden van alle moderne ‘stuff’ die er op de markt is. Wat ze eigenlijk bedoelen is dat ze het niet begrijpen en dat dat ouderwetse spul niet lekker verkoopt. De serieuze denkers onder ons snappen dat er in essentie niets nieuws onder de zon is. Of ben ik met deze uitspraak helemaal van God los?

Oude paradigma’s in een nieuwe kaft

Vrijwel alle ‘wetenschappelijke’ literatuur sinds de dertiger jaren op het gebied van de menselijke psyche berust op de theorieën van Jung of Freud. Ik kan er met mijn pet nog steeds niet bij dat al die zogenaamde nieuwe benaderingen maar blijven vastklampen aan de denkerfenis van Jung en Freund, alsof vanaf daar de mens pas begon te leven. In het gros van de nieuwe boeken is de Jungiaanse of Freudiaanse invloed zo uit de inhoud te distilleren.

Voor mij is ieder nieuw managementerig boek dat zich nog steeds op Jung of Freund baseert als het spugen in de zee in de overtuiging dat het water daardoor (alsnog) rood kleurt.

Het gevaar dat door al dit soort quasi nieuwe boekenwijsheid onstaat is: een doorgeslagen psychologisering van organisatieprocessen met als effect dat mensen steeds verder van hun eigenheid vandaan worden getrokken.

Op basis van de inzichten uit diezelfde boeken geven veel collega’s vervolgens hun bedrijfs-adviezen en trainingen vorm. Zonder het te beseffen jagen ze zodoende meer en meer mensen de ‘psychologie-zee’ in door ze een label aan te naaien, door assesments heen te halen in de overtuiging dat ze daardoor beter gaan ‘performen’. Mijns inziens wordt het in de toekomst juist de taak van de adviseur en de trainer om mensen weer op het droge te trekken en thuis te brengen in een algemeen menskundig domein waar een mens weer een mens is en geen optelsom van ver-theoretiseerde gedragskenmerken in moeilijke woorden naar de laatste mode.

Moet kunnen?

In de coachingswereld zie ik precies hetzelfde gebeuren. De verwarring, herrie en opwinding over wat wel en niet goede coaching is komt ook voort uit het feit dat er spul uit de oude paradigma’s wordt geformuleerd in ogenschijnlijk nieuwe paradigma’s – en het werkt allemaal niet of een beetje.

Nog geen week geleden raakte ik in gesprek met een persoon die werkt als mental coach,… na een opleiding van slechts twaalf (!) dagen. In het gesprek met hem pikte ik er zo het welbekende concept van de Change Agents uit, opnieuw verpakt voor de coachingsmarkt. Moet kunnen?

Stelling: Het effect van het recyclen van reductionistische paradigma’s is dat adviseurs, trainers, psychologen en coaches blijven ronddolen met hun blinde vlekken en als professionals daardoor niet verder komen dan symptoombestrijding.

Het simpelweg aandragen van (oude) kennis gebaseerd op gecorrumpeerde theoriën in het blinde vertrouwen dat het ons leven dan zal veranderen is volstrekt uit de tijd.

Khòòòm maar, khom maar, khom maar….

Zutphen, juli 2003

Winfried Deijmann, TRICONA ADVIES

Deze column werd ingezonden door Winfried Deijmann. Heeft u ook iets wat u bezig houdt? Plaats uw eigen column ›