Persoonlijkheidstests en competentiescans meten niet wat ze zeggen dat ze meten. Hoe iemand echt in elkaar steekt is iets anders dan wat deze tests in beeld brengen. Het is zelfs anders in je hersens opgeslagen. Beter zicht hierop is belangrijk voor zowel selectie als talent ontwikkeling.

Wie we zijn ligt opgeslagen in ons geheugen, en in meer dan één soort geheugen. In de psychologie wordt een onderscheid gemaakt tussen procedureel en declaratief geheugen. Procedureel geheugen is het vermogen iets te doen, het kunnen. Declaratief geheugen is je kennis over de wereld en jezelf, het weten. Als je veel oefent kun je piano spelen, dat is procedureel geheugen. Alles wat je weet over piano spelen en over je eigen vaardigheid (je niveau, welke stukken je kent, je sterke en zwakke punten etc.) is declaratief geheugen.

Beide soorten geheugen zijn ook op een andere manier opgeslagen in je hersenen. Ooit zag ik het geval van een concertpianist wiens declaratieve geheugen door een ernstige hersenbloeding niet meer werkte. Wanneer de man achter een piano werd gezet zei hij nooit eerder gespeeld te hebben. Maar op het moment dat zijn vingers de toetsen raakten begon hij te spelen als de virtuoos die hij was.

Verhaal en essentie
Het onderscheid tussen procedureel en declaratief geheugen heeft betrekking op elk aspect van ons zijn. Er is een verschil tussen wie je denkt dat je bent (zelfkennis – declaratief) en wie je feitelijk bent (zijn – procedureel). Of zoals een judomeester mij ooit op het hart drukte: je hebt het verhaal en de essentie. Het verhaal hoor je aan de bar, op de mat zie je de essentie.

Het is natuurlijk handig om een verhaal te hebben dat een beetje klopt en daarvoor moet je goed naar de essentie leren kijken. Alleen door kritische zelfbeschouwing en openheid voor feedback kunnen we een realistisch beeld van het zelf krijgen. Het probleem is echter dat realisme niet de enige prioriteit is bij de vorming van een zelfbeeld. Andere belangen zijn bijvoorbeeld een gevoel van eigenwaarde of sociale acceptatie. We zien onszelf graag als rationeel, competent en effectief. De overgrote meerderheid van mensen ziet zichzelf dan ook als een betere chauffeur, ouder en zelfs mens dan gemiddeld. Het verhaal wil nog wel eens afwijken van de essentie.

Tests
Hiermee komen we bij een fundamenteel probleem bij persoonlijkheidstests en competentiescans. Beide bestaan voor het overgrote deel uit vragenlijsten en zijn afhankelijk van zelfreflectie. Dit betekent dat ze inzicht geven in declaratief geheugen (verhaal), niet in procedureel (essentie). Neem bijvoorbeeld EQ (emotionele intelligentie). Recent kwam ik een EQ test tegen op het internet en vulde deze voor de lol in. De uitkomst was dat ik een emotioneel genie ben. Nu weet ik zeker dat er mensen zijn die deze uitkomst in twijfel durven te trekken. Ik had zo’n hoge score, omdat ik weet wat onder emotionele intelligentie wordt verstaan, niet omdat ik een emotioneel genie ben.

Vragenlijsten geven inzicht in wat we weten, denken over onszelf of willen laten zien aan de buitenwereld. Ze geven inzicht in ons verhaal, niet in de essentie. Dit is ook de reden waarom persoonlijkheidstests en competentiescans een zeer lage voorspellende waarde hebben. Persoonlijkheidstests verklaren over het algemeen niet meer dan 4% van de variatie in prestatie van werknemers. De voorspellende waarde van een IQ test ligt met 25% aanzienlijk hoger. Op een IQ test wordt je ook niet gevraagd naar je IQ. Je moet daadwerkelijk iets doen.

Het probleem bij selectie is dat er nog niet veel goede tests zijn die inzicht geven in de aspecten van de essentie die relevant zijn voor een functie. Wat ons rest is beter te leren kijken naar de essentie en ons minder te laten afleiden door het verhaal.

Deze column werd ingezonden door Max Wildschut. Heeft u ook iets wat u bezig houdt? Plaats uw eigen column ›