Socrates was zo gek nog niet.
Kunnen moderne managers nog wat leren van de filosoof Socrates?
Wie weet, maar dan moeten ze wel bereid zijn om op de koffie te gaan bij die andere grootheid uit de filosofie; Plato.
Plato geeft in zijn werk nauwkeurig de dialogen die Socrates in het oude Griekenland met zijn tegenstanders voerde, weer. Die tegenstanders waren vaak leidinggevenden binnen allerlei vakgebieden; ik noem ze voor het gemak maar de ‘klassieke managers’. Te denken valt aan legerofficieren, ondernemers, rechters, geestelijk leiders, enz..
Deze klassieke managers waren deskundig en goed ingevoerd in hun vak. Maar na een gesprek met Socrates voelden ze zich ‘gedist’, uitgepraat en bleven ze met een mond vol tanden achter.
Wat maakte Socrates nu zo bijzonder in zijn benadering?
In tegenstelling tot veel van zijn zijn tijdgenoten ging hij er vanuit dat hijzelf niet deskundig, maar onwetend was. Dat betekende dat hij zichzelf niet op een voetstuk plaatste. Hij hoefde zijn eigen gelijk niet te bewijzen en had per definitie geen reputatie te verliezen.
Zij die dachten zeker te weten hoe het leven en hun professie in elkaar staken, hadden een zware dobber aan Socrates. Pretenties wist hij snel door te prikken.
“Leg maar uit, vertel maar, hoe werkt het dan volgens jou….?” Dat was de lastige uitnodiging die hij aan zijn tegenstanders deed. De bewijslast lag zo op het bordje van de ander. De betweters kwamen al snel in verlegenheid. Ze bleken vaak niet zo deskundig te zijn als ze zeiden.
Wat hij daarnaast belangrijk vond, was dat mensen achter hun uitspraken stonden. Niet zweven, zwalken en dwalen in de eigen argumentatie. Staan waar je voor staat, duidelijke standpunten innemen, karakter tonen en je niet verstoppen achter woorden en andere mensen.
Verder moesten argumenten in de ogen van Socrates niet alleen geldig zijn, maar ook op waarheid berusten. Het volgende syllogisme laat zien wat ik daarmee bedoel.
Socrates is sterfelijk.
Socrates is een mens.
Mensen zijn sterfelijk.
Deze argumentatie is zowel geldig, als waar.
Socrates is groen.
Socrates is een mens.
Mensen zijn groen.
Deze argumentatie is wel geldig, maar niet waar.
Socrates was zo steeds op zoek naar de argumenten áchter de argumenten. Hij was bereid om daarvoor door te vragen en intellectuele arbeid te verrichten. Hij praatte niemand na, volgde geen opinies en had lak aan verborgen agenda’s.
En ten slotte stond hij open voor het nieuwe, het mogelijke en liet hij zich graag verrassen door het leven. Zolang het maar waarheid was en geen nonsens betrof.
Dus moderne manager, “wilt u leren van Socrates?”
Pretendeer dan niet overal verstand van te hebben en stel naar harte lust vragen. Laat gerust merken dat u het zelf ook niet weet. Neem verantwoordelijkheid voor uw uitspraken en verstop u niet achter en in de organisatie. Betoon durf en ben niet bang om fouten te maken.
Houd kritisch de eigen en andermans argumentatie in de gaten. Ben niet lui ten aanzien van reflectie en volg geen politiek correcte opinies. Laat het geleuter aan u voorbijgaan. Sta open voor het goede en het ware.
Wat levert deze houding u op?
Doorgaans diepgang, respect en zingeving, maar ook irritatie, jalousie en tegenwerking. Het is maar dat u gewaarschuwd bent.
Marcel Hoek (intervisor voor Scoop trainingen)
Deze column werd ingezonden door Marcel Hoek. Heeft u ook iets wat u bezig houdt? Plaats uw eigen column ›
Beste Marc,
Goed idee om lessen te trekken uit de filosofie. Jammer genoeg slaat u de plank nogal mis met het voorbeeld van een geldig syllogisme. U schrijft:
Socrates is sterfelijk.
Socrates is een mens.
Mensen zijn sterfelijk.
Dit mag dan wel waar zijn (zowel de premissen als de conclusie zijn waar), maar het is geen geldige argumentatie. Sterker nog, het is een gevaarlijke drogreden, vaak gebruikt door zowel linkse als rechtse populisten. Een voorbeeld zal dit verduidelijken:
Wouter Bos is incapabel.
Wouter Bos is een mens.
Mensen zijn incapabel.
Waarschijnlijk hoef ik niet uit te leggen wat er mis gaat in deze argumentatie (bedenk maar een voorbeeld met veelverdieners of Marokkanen)… Het juiste klassieke voorbeeld van een syllogisme moet zijn:
Mensen zijn sterfelijk.
Socrates is een mens, (dus)
Socarates is sterfelijk
Eigenlijk nog genanter is dat dit syllogisme van de hand van Aristoteles is, en niet van Plato of Socrates.
Filosofie kan een grote toevoeging zijn in de gereedschapskist van de manager. Denk aan ethiek en logica. Maar dan niet uit het boek Socrates in 5 minuten. Kennis mag best hinderen.
Dit artikel is maar al te waar. Pas het toe, het zal vonken geven en de zaken zullen vooruitgaan.
Het lezen van het stukje van Marcel Hoek doet me afvragen of de beste man ooit een boek van de hand van Plato heeft gelezen. Neem de Thaeatetus; hierin schetst Plato een ‘socratisch gesprek’, waarbij Socrates met Thaeatetus in gesprek is over kennis. Nou ja, in gesprek. Het valt vooral op dat Socrates zich onwetend opstelt, iets dat door Hoek positief gewaardeerd wordt, maar dat volstrekt niet is! Socrates stuurt in zijn vraagstelling het gesprek zodanig, dat de ontvanger (in dit geval Thaeatetus) het idee heeft dat hij zelf die kennis naar voren heeft laten komen. Er wordt niets nieuws toegevoegd, maar het bestaande wordt door Socrates manifest, vandaar de verwijzing naar de maieutiek. Deze vorm van gesprekstechnieken is buitengewoon irritant voor de lezer; de ontvanger kan niet anders dan de vragen van Socrates instemmend beantwoorden. Hieruit blijkt niet alleen de sturende werking van het gesprek, maar eveneens de loochening van Socrates’ claim op diens onwetendheid.
Gelukkig geeft Hoek zelf aan dat je niet overal verstand van hoeft te hebben, maar wees voorzichtig met het aanhalen van klassiekers als je zelf de indruk geeft daar beperkt van op de hoogte te zijn. We noemen het argument van Hoek dus een argument ad verecundiam.
De socratische methode laat zich niet universeel vatten in woorden, maar Hoek wil ons volgens mij iets leren over deze methode. De verwijzing naar Socrates moet hij volgens mij beperken tot de naamgeving van de methode, want inhoudelijk zijn de overeenkomsten moeilijk te maken.
En wat de argumentatieve kant van het verhaal kan ik me alleen maar aansluiten bij de wijze woorden van de heer Staman.
Ik vrees dat ik toch menig dialoog van Plato bestudeerd heb.
Laten we er vanuit gaan dat Socrates een historische figuur was en geen ‘idee’ van Plato.
Dekker vindt Socrates buitengewoon irritant? Hij refereert aan ‘de lezer’? Dat vind ik op mijn beurt interessant. Dan ga ik bij deze direct zijn ongelijk bewijzen: Ik, als lezer, vind Socrates niet irritant, hooguit ironisch, of soms cynisch.
Ik wil Dekker in mijn schrijven ook niet zoals hij zegt “iets leren over de socratische methode”. Die methode is van Nelson en eigenlijk splinternieuw. Dus dat ‘argument’ staat ook niet.
Het zal mijn theologische achtergrond zijn waardoor ik geïnteresseerd ben in karakterexegese. Op die manier valt er denk ik uit de klassieken toch iets ‘van’ iemand te leren.
Daarbij is het natuurlijk belangrijk om de persoon en tevens diens context goed in beeld te krijgen.
Socrates’ collega’s (Sofisten) verkochten al hun zogenaamde wijsheid aan hun opdrachtgevers en pasten die kennis zo nodig aan wanneer hen dat beter uitkwam (echte adviseurs). Zo niet Socrates. In zijn dialogen is hij voordurend waarheid aan het zoeken en mensen met pretenties ontzenuwt hij, ongeacht de consequenties. Zelfs wanneer hij in de rechtbank staat om zichzelf tegen een onzinnige aanklacht te verweren (hij zou de zeden van de jeugd bederven), dan nog spreekt hij iemand anders aan op diens moreel handelen (verkapte vadermoord).
En zo kan ik nog even doorgaan. Dus…. Volgens mij valt er in die zin wel degelijk iets te leren van Socrates. Maar ook van Mozes, Paulus, enzovoort.
Mirjam Vermeulen pakt de moraal van het verhaal op als bedoeld.
Tja, en Staman heeft helaas gelijk. Ik had mijn argumentatie beter moeten nakijken, dus:
Mensen falen
Hoek is een mens
Hoek faalt
Marcel Hoek
http://www.scooptrainingen.nl

Ronald van Domburg
Jacco van Uden
Jesse Zuurmond
Arend Ardon
Marjo Korrel
Willem Mastenbroek